Bekerplant (Nepenthes × ventrata)

Foto: Mokkie, CC BY-SA 3.0 · bron

Kamerplant · Nepenthaceae

Bekerplant

Nepenthes × ventrata

In andere talen: Népenthès (Français) · Tropical pitcher plant (English)

Deze bekerplant is een tropische vleesetende plant: een kruising tussen twee soorten uit de Filipijnen, Nepenthes ventricosa en Nepenthes alata. De middennerf van elk blad loopt uit in een rank met aan het eind een groene tot rood gevlekte beker met een dekseltje, gevuld met verteringsvloeistof. Insecten worden gelokt door nectar en kleur, glijden uit over de gladde rand en verdrinken in de beker. Het is een klimmende plant die je meestal in een hangpot kweekt, zodat de bekers vrij naar beneden hangen. Hij geldt als een van de makkelijkste bekerplanten voor de huiskamer, omdat hij gewone kamertemperaturen en drogere lucht beter verdraagt dan de meeste andere soorten.

  • Licht

    Halfschaduw

    geen felle middagzon

  • Vocht

    Vochtig tot nat

    mag niet uitdrogen

  • Grond

    Potgrond

  • Winterhard

    Kamerplant

    min. 12 °C

  • Grootte

    1 m

    hoog, 0,6 m breed

Feiten op een rij
Snoeimaandenmaart–april
Hoogte1 m
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend

Herkennen

Hoe herken je een bekerplant?

Groeivorm
Klimmende of hangende plant met stengels tot 1 m lang; in een hangpot zo’n 60 cm breed.
Blad
Langwerpig en frisgroen; de middennerf loopt uit in een rank die zich rond een steun kan winden of een beker draagt.
Beker
Langwerpig tot iets buikig, zo’n 10–15 cm lang, groen met rode vlekken en roder in meer licht, met een gladde, geribbelde rand en een dekseltje dat open blijft.
Vangst
Nectar lokt insecten naar de gladde rand; ze glijden in de vloeistof en worden langzaam verteerd.
Bloem
Onopvallende trossen kleine, bruinrode bloempjes op oudere planten; mannelijke en vrouwelijke bloemen zitten op aparte planten.

Planten: maart–april · Snoeien: maart–april

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een levend kijkstuk: bekers die zelf vliegjes en fruitvliegjes vangen.
  • Een van de makkelijkste bekerplanten voor binnen, ideaal om met vleesetende planten te beginnen.
  • Mooi in een hangpot bij het raam, met bekers die als lantaarntjes aan de bladeren hangen.
  • Groenblijvend en het hele jaar interessant: op een goede plek komen er voortdurend nieuwe bekers bij.
  • Boeiend voor kinderen en volwassenen: je ziet hoe een plant zich aanpast aan arme grond.

Waar staat een bekerplant graag?

  • Veel licht zonder felle middagzon: bij een raam op het oosten of westen, of een eind van een zuidraam. Wat ochtendzon geeft rodere bekers.
  • Warm: 18–27 °C overdag; ’s nachts mag het een paar graden koeler, maar niet onder 12 °C.
  • Vochtige lucht: hoe vochtiger, hoe meer nieuwe bekers. Een lichte badkamer of keuken is ideaal.
  • Een hangpot of een hoge plank, zodat ranken en bekers vrij kunnen hangen.
  • Geen koude tocht en geen plek vlak boven de verwarming.
Licht
Licht, zonder felle zon
Potgrond
Cactusgrond of luchtige, humusrijke potgrond
Zuurtegraad
Zuur
Water geven
Veel
Grootte
1 m hoog, 0,6 m breed
Temperatuur
Minimum 12 °C

Mooi samen met

  • Kaapse zonnedauw: Een vleesetende plant met dezelfde wensen: veel licht, regenwater en een arm substraat.
  • Vlinderorchidee: Houdt ook van licht zonder felle zon, vochtige lucht en kalkarm water.
  • Luchtplantje: Groeit zonder grond en houdt eveneens van een lichte, vochtige badkamer.
  • Zwaardvaren: Groen en vochtminnend, als zachte buur onder de hangende bekers.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een bekerplant?

Planten in maart–april.

  1. Verpot in maart of april, om de twee à drie jaar of als het substraat inzakt en muf ruikt.
  2. Kies een pot met gaten in de bodem, bijvoorbeeld een plastic hangpot of een orchideeënpot.
  3. Gebruik een arm, zuur en luchtig mengsel: veenmos (sphagnum) met perliet en wat orchideeënschors, of turf met perliet en wat zilverzand. Nooit gewone potgrond, die bevat te veel voeding.
  4. Zet de plant even diep als voorheen en druk het mengsel zacht aan, zonder de fijne wortels te beschadigen.
  5. Giet aan met regenwater of gedemineraliseerd water en laat het overtollige water weglopen.

Verzorgen

Water
Houd het substraat altijd vochtig met regenwater of gedemineraliseerd water. Kraanwater bevat te veel kalk en zouten. Laat de pot niet blijvend in een laag water staan.
Luchtvochtigheid
Hoe hoger, hoe beter. Vernevel met regenwater, zet de pot boven een schaal met water of hang hem in een lichte badkamer.
Bemesten
Geen kunstmest en geen potgrond: de fijne wortels verbranden. De plant haalt zijn voeding uit de gevangen insecten.
Voeren
Geef geen vlees of kaas: dat rot in de beker. Binnen vangt hij meestal genoeg; anders mag je af en toe een vlieg in een beker laten vallen.
Bekers
Spoel de bekers niet leeg en raak de vloeistof niet aan: ze werken met hun eigen vloeistof. Een beker leeft enkele maanden en verdroogt daarna vanzelf.

Tip: Giet uitsluitend met regenwater of gedemineraliseerd water en geef nooit mest: dat is het allerbelangrijkste. Knip in het voorjaar de langste ranken terug, dan maakt hij meer nieuwe bekers dicht bij de pot.

Wanneer snoei je een bekerplant?

Snoeimaanden: maart–april.

Wanneer: Snoeien is niet echt nodig. In maart of april kun je lange, kale ranken terugknippen, zodat de plant onderaan nieuwe scheuten en bekers maakt.

Hoe:

  • Knip te lange stengels terug tot een paar bladeren boven de pot, net boven een blad.
  • Knip verdroogde bekers af aan het eind van de rank, maar laat het blad staan zolang het groen is: het blijft voedsel aanmaken.
  • Haal bruine, afgestorven bladeren helemaal weg.
  • Gebruik de afgeknipte stengelstukken als stekken.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Stekken
In het voorjaar of de zomer: knip stengelstukken met twee à drie bladeren, halveer de bladeren en steek de stekken in vochtig veenmos onder plastic of in een kweekbakje bij 22–25 °C. Wortelen duurt vaak een tot twee maanden.
Afleggen in de lucht
Wikkel vochtig veenmos rond een stengel net onder een blad, dek af met plastic en knip de stengel los als er wortels door het mos groeien. Pot hem dan op in een arm mengsel.

Hoe komt een bekerplant de winter door?

  • Een kamerplant die het hele jaar binnen blijft: onder 12 °C groeit hij niet meer en krijgt hij schade.
  • Zet hem in de winter op de lichtste plek, dicht bij het raam, maar laat de bladeren de koude ruit niet raken.
  • Geef iets minder water, maar laat het substraat nooit uitdrogen.
  • Droge lucht van de verwarming remt de vorming van bekers: vernevel vaker of hang hem in een lichte badkamer. In de winter komen er sowieso minder nieuwe bekers.

Ziektes en plagen

  • Geen nieuwe bekers: Te droge lucht of te weinig licht. Zet hem lichter en verhoog de luchtvochtigheid; de nieuwe bladeren vormen dan weer bekers.
  • Zwarte bladranden: Kraanwater, mest of potgrond. Giet alleen met regenwater of gedemineraliseerd water en verpot in een arm mengsel.
  • Wortelrot: Slappe, zwart wordende stengels in een ingezakt, zuur ruikend substraat. Verpot in een vers, luchtig mengsel en laat geen water in de schotel staan.
  • Wolluis en schildluis: Witte pluisjes of bruine bultjes in de bladoksels en langs de nerven. Veeg ze voorzichtig weg met een vochtig wattenstaafje.
  • Bladluis: Op jonge scheuten en ranken. Afspoelen met lauw regenwater.

Het jaar rond

  • Januari: Rust. Lichtste plek. Iets minder water, nooit droog.
  • Februari: Vaker vernevelen tegen droge lucht.
  • Maart: Verpotten in een vers, arm mengsel. Lange ranken terugknippen.
  • April: Verpotten of terugknippen. Stekken nemen.
  • Mei: Groei en nieuwe bekers. Altijd vochtig houden met regenwater.
  • Juni: Stekken nemen. Uit de felle middagzon houden.
  • Juli: Luchtvochtigheid verhogen bij warm weer.
  • Augustus: Verdroogde bekers afknippen.
  • September: Lichter zetten als de dagen korter worden.
  • Oktober: Uit de buurt van de verwarming houden.
  • November: Rust. Weg van koude ruiten.
  • December: Rust. Vernevelen met regenwater.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De beker is geen bloem maar een deel van het blad: hij groeit aan het eind van een rank die uit de middennerf van het blad komt.
  • Het dekseltje gaat niet dicht om prooi te vangen; het houdt vooral regen tegen, zodat de verteringsvloeistof niet te veel verdunt.
  • Bekerplanten zijn tweehuizig: elke plant draagt alleen mannelijke of alleen vrouwelijke bloemen.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…