
Foto: Kristian Peters -- Fabelfroh 12:34, 3 October 2005 (UTC), CC BY-SA 3.0 · bron
Vaste plant · Lamiaceae
Kattenkruid
Nepeta racemosa
In andere talen: Népéta (Français) · Catmint (English)
Kattenkruid is een geurige vaste plant uit de Kaukasus, Turkije en Iran, familie van lavendel en munt. Hij vormt losse, brede kussens van klein, grijsgroen blad waarboven van mei tot september aren van lavendelblauwe lipbloemen staan. Het blad ruikt kruidig, een beetje naar munt, en veel katten zijn er dol op. Tuiniers kiezen hem als makkelijke, droogtebestendige randplant voor zonnige borders en als een van de beste bijenplanten die er zijn. Bekende rassen zijn ‘Walker’s Low’, met lange aren, en het witte ‘Snowflake’.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
0,4 m
hoog, 0,6 m breed
Bloei
mei–september
| Snoeimaanden | maart en juli |
|---|---|
| Hoogte | 0,4 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | mei–september |
Herkennen
Hoe herken je een kattenkruid?
- Groeivorm
- Los, breed kussen van ongeveer 40 cm hoog en 60 cm breed, met vierkante stengels.
- Blad
- Klein, hartvormig, getand en grijsgroen, zacht behaard.
- Bloem
- Losse aren van kleine lipbloemen in lavendelblauw, soms wit of roze; van mei tot september.
- Geur
- Het blad ruikt kruidig, een beetje naar munt, als je het kneust.
- Wortels
- Vezelige wortels in een compacte pol die langzaam breder wordt.
Bloei: mei–september · Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: maart en juli
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit bijna vijf maanden, van mei tot september, zeker als je na de eerste bloei terugknipt.
- Een topper voor bijen, hommels en vlinders: de bloemen gonzen de hele zomer.
- Droogtebestendig: na het eerste jaar heeft hij zelden extra water nodig.
- Het grijsgroene blad ruikt fris en kruidig als je erlangs loopt.
- Ideaal als zachte, losse rand langs paden, terrassen en rozenperken.
Waar staat een kattenkruid graag?
- Volle zon: in de schaduw valt hij open en bloeit hij weinig.
- Goed doorlatende grond: zand, leem of klei met wat grind, neutraal tot kalkrijk mag ook.
- Droge tot normaal vochtige grond; natte grond in de winter verdraagt hij slecht.
- Houd 40–50 cm afstand; als borderrand mag het iets dichter, op 35 cm.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 0,4 m hoog, 0,6 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Rozen: Een klassieke combinatie: het blauw verzacht de rozenkleuren en bedekt de kale voet.
- Lavendel: Dezelfde zon en droge grond, en samen een feest voor de bijen.
- Sierui: Paarse bollen die in mei–juni boven de blauwe kussens uitsteken.
- Ooievaarsbek: Bloeit in juni; daarna neemt het kattenkruid het blauw over.
- Steppesalie: Rechtopstaande paarse aren naast de losse kussens.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een kattenkruid?
Planten in maart–mei en september–oktober.
- Plant in maart–mei of in september–oktober.
- Maak op zware klei het plantgat ruim en meng er grof zand of fijn grind door voor een betere afvoer.
- Zet de plant even diep als in de pot, niet dieper.
- Houd 40–50 cm tussen de planten.
- Geef meteen water en daarna wekelijks bij droogte tot de plant geworteld is.
- Mulch niet met compost tegen de stengels; een laagje grind houdt de voet droog.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte. Daarna zelden nodig, behalve in een pot.
- Bemesten
- Niet of nauwelijks. Op rijke grond wordt hij slap en valt hij open.
- Terugknippen
- Na de eerste bloei in juli alles met de helft terug voor een tweede bloei (zie snoeien).
- Katten
- Bescherm jonge planten tegen rollende katten met wat takjes of een korf van gaas tot ze stevig zijn.
- Steun
- Meestal niet nodig; terugknippen houdt de plant compact.
Tip: Knip na de eerste bloei in juli alles met de helft terug, ook al staan er nog bloemen aan: twee weken later bloeit hij opnieuw tot in september.
Wanneer snoei je een kattenkruid?
Snoeimaanden: maart en juli.
Wanneer: Na de eerste bloei in juli knip je alles met de helft terug. In maart knip je de oude stengels af.
Hoe:
- Knip in juli alle stengels met de helft terug, ook als er nog bloemen aan staan.
- Geef daarna water bij droogte: ongeveer twee weken later bloeit hij opnieuw.
- Laat in de herfst de oude stengels staan: ze beschermen de pol in de winter.
- Knip die oude stengels in maart af, net boven het nieuwe blad aan de voet.
Let op: Knip in maart niet in het jonge blad aan de voet: daar komt de nieuwe groei uit.
Vermeerderen
- Scheuren
- In maart–april: steek de pol in stukken met elk wat wortels en jonge scheuten en plant ze meteen opnieuw.
- Stekken
- In april–mei: stekken van 5–8 cm van jonge, niet-bloeiende scheuten in een mengsel van zand en potgrond. Na enkele weken wortels.
- Zaaien
- De soort kan in het voorjaar gezaaid worden; rassen komen niet zuiver uit zaad.
Hoe komt een kattenkruid de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Zeer winterhard, tot ongeveer −30 °C: in België is geen bescherming nodig.
- Laat de oude stengels in de winter staan als bescherming voor de pol.
- Winternatte grond is gevaarlijker dan vorst: zorg voor een goede afvoer.
- In een pot: zet hem tegen een muur, onder een afdakje, zodat de grond niet doornat wordt.
Ziektes en plagen
- Meeldauw: Wit poeder op het blad, vooral in droge nazomers. Terugknippen en wat water geven helpt; het nieuwe blad is meestal gezond.
- Platgedrukte planten: Katten rollen er graag in. Een korf van gaas of wat takjes beschermt jonge planten.
- Openvallen: Te veel schaduw of te rijke grond. Knip terug in juli en bemest niet.
- Wegrotten in de winter: Natte, zware grond doet de pol rotten. Plant op een iets hogere plek of meng grind door de grond.
Het jaar rond
- Maart: Oude stengels afknippen, net boven het nieuwe blad.
- April: Planten, scheuren of stekken nemen.
- Mei: Begin van de bloei. Jonge planten beschermen tegen katten.
- Juni: Volle bloei. Druk bezoek van bijen en vlinders.
- Juli: Na de eerste bloei alles met de helft terugknippen.
- Augustus: Tweede bloei. Water geven bij grote droogte.
- September: Nabloei. Planten kan weer.
- Oktober: Planten. Oude stengels laten staan.
- November: Rust. De stengels beschermen de pol.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vlinders
- Nectar voor dagvlinders.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De geurstof nepetalacton in het blad maakt veel katten speels of uitgelaten. Niet elke kat reageert erop.
- Net als bij lavendel, munt en salie zijn de stengels vierkant: een kenmerk van de lipbloemenfamilie.
- De naam van het ras ‘Walker’s Low’ verwijst naar een tuin en niet naar de hoogte: hij wordt zo’n 60 cm hoog.