
Foto: Didier Descouens, CC BY-SA 4.0 · bron
Vaste plant · Asparagaceae
Slangenbaard
Ophiopogon planiscapus
In andere talen: Barbe de serpent (Français) · Black mondo grass (English)
De slangenbaard komt uit Japan, waar hij in bossen en op schaduwrijke hellingen groeit. Hij lijkt op een laag gras, maar hoort bij de aspergefamilie. De smalle, gebogen bladeren vormen dichte pollen van ongeveer 20 cm hoog, die zich traag uitbreiden met korte uitlopers. Het bekendste ras is ‘Nigrescens’, met bijna zwart blad dat het hele jaar blijft staan. In de zomer verschijnen trosjes kleine, lila-roze klokjes, gevolgd door glanzende, zwartblauwe bessen. Tuiniers gebruiken hem als groenblijvende bodembedekker en als donker accent tussen lichte planten.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand of leem
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -20 °C
Grootte
0,2 m
hoog, 0,3 m breed
Bloei
juli–augustus
| Snoeimaanden | maart |
|---|---|
| Hoogte | 0,2 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–augustus |
Herkennen
Hoe herken je een slangenbaard?
- Groeivorm
- Lage, dichte pol van ongeveer 20 cm hoog en 30 cm breed, die zich met korte ondergrondse uitlopers traag uitbreidt.
- Blad
- Smal, lijnvormig en gebogen, 20–30 cm lang; bij de soort donkergroen, bij ‘Nigrescens’ bijna zwart.
- Bloem
- Kleine, klokvormige bloempjes in korte trosjes tussen en net boven het blad, in juli en augustus.
- Kleur
- Wit tot licht lila-roze, mooi tegen het donkere blad.
- Vrucht
- Ronde, glanzende, zwartblauwe bessen die tot in de winter blijven hangen.
- Wortels
- Vezelig, met hier en daar kleine knolletjes en korte uitlopers.
Bloei: juli–augustus · Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: maart
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Groenblijvend: het donkere blad is twaalf maanden per jaar mooi.
- Het bijna zwarte blad van ‘Nigrescens’ geeft een sterk contrast met zilveren, gele of lichtgroene planten.
- Een trage, nette bodembedekker voor randen, rotstuinen, potten en tussen stapstenen.
- Kleine zomerbloempjes en glanzende bessen tot diep in de winter.
- Weinig werk: nauwelijks snoei en zelden ziekten.
Waar staat een slangenbaard graag?
- Zon tot halfschaduw. In de zon blijft het blad het donkerst, als de grond niet uitdroogt.
- Humusrijke, goed doorlatende zand- of leemgrond, zuur tot neutraal.
- Normaal vochtig: niet laten uitdrogen en geen stilstaand water in de winter.
- Plant dicht, op 15 cm afstand, want hij groeit traag.
- Ook geschikt voor potten en bakken op een terras.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand of leem
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,2 m hoog, 0,3 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -20 °C)
Mooi samen met
- Japans bergras: Het heldere geelgroene blad steekt fel af tegen het zwarte.
- Gevlekte dovenetel: Zilverwit blad en een lage groei: samen een sterk contrast in de halfschaduw.
- Sneeuwklokje: Witte klokjes boven het donkere tapijt in februari.
- Purperklokje: Vormen met lichtgroen, zilver of oranje blad maken het contrast compleet.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een slangenbaard?
Planten in maart–mei en september–oktober.
- Plant in maart–mei of in september–oktober.
- Maak de grond los en meng er wat compost of bladaarde door; in zware grond ook wat grof zand.
- Zet de planten op 15 cm afstand, even diep als in de pot.
- Druk de grond aan en geef meteen flink water.
- Houd de grond het eerste jaar vochtig, tot de pollen goed zijn aangeslagen.
- Een dun laagje fijn grind of fijne mulch houdt onkruid weg tot de planten aansluiten.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte; daarna alleen in lange droge periodes, zeker in de zon en in potten.
- Bemesten
- Een dun laagje compost in het voorjaar volstaat.
- Opruimen
- Trek of knip in maart bruine of beschadigde bladeren weg.
- Wieden
- Wied de eerste jaren goed, tot de pollen een gesloten tapijt vormen.
- Pot
- Gebruik potgrond met wat grof zand en een pot met een afvoergat. Verpot om de twee à drie jaar of verdeel de plant.
Tip: Het ras ‘Nigrescens’ heeft bijna zwart blad, mooi tussen zilveren of lichtgroene planten of tussen lichte steentjes. Hij groeit traag: plant dicht, op 15 cm.
Wanneer snoei je een slangenbaard?
Snoeimaanden: maart.
Wanneer: Snoeien is nauwelijks nodig. In maart ruim je bruin of beschadigd blad op, voor het nieuwe blad groeit.
Hoe:
- Knip of trek dode, bruine bladeren aan de voet weg; met je vingers of een kleine hark gaat dat het makkelijkst.
- Knip nooit de hele pol kort: hij groeit traag en herstelt maar langzaam.
Vermeerderen
- Scheuren
- In april: steek een pol uit, trek of snijd hem in stukken met elk een paar scheuten en wortels, en plant ze meteen opnieuw.
- Uitlopers
- Jonge plantjes aan korte uitlopers rond de pol maak je in het voorjaar los en plant je apart.
- Zaad
- Haal in de winter het vruchtvlees van rijpe bessen en zaai meteen in een pot buiten. De kieming is traag en niet alle zaailingen worden even donker.
Hoe komt een slangenbaard de winter door?
Winterhard tot −20 °C.
- Winterhard tot ongeveer −20 °C: in de meeste Belgische winters blijft hij zonder bescherming staan.
- Bij strenge vorst of koude wind kan het blad bruin worden; in het voorjaar groeit er nieuw blad.
- In een pot: zet hem tegen een muur en wikkel de pot bij strenge vorst in jute of noppenfolie.
- Natte grond in de winter is gevaarlijker dan vorst: zorg voor een goede afwatering.
Ziektes en plagen
- Slakken: Vreten in het voorjaar soms aan jonge bladeren. Raap ze ’s avonds weg.
- Bruine bladpunten: Door droogte of koude wind. Geef water bij droogte en ruim de bruine bladeren in maart op.
- Wortelrot: Gele, slappe pollen in natte, zware grond. Plant op een beter doorlatende of iets hogere plek.
- Trage groei: Normaal voor deze plant. Plant dicht en heb geduld; extra mest helpt niet.
Het jaar rond
- Januari: Potten beschermen bij strenge vorst.
- Maart: Bruin en beschadigd blad wegknippen. Planten.
- April: Planten en scheuren. Dun laagje compost geven.
- Mei: Planten. Water geven bij droogte.
- Juli: Bloei van kleine lila-roze klokjes.
- Augustus: Bloei. Water geven bij droogte, zeker in potten.
- September: Planten. De bessen kleuren.
- Oktober: Planten. Glanzende zwartblauwe bessen.
- December: Bessen en donker blad sieren de wintertuin.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Ondanks zijn uiterlijk is het geen gras: de slangenbaard hoort bij de aspergefamilie.
- Planten met bijna zwart blad zijn zeldzaam; ‘Nigrescens’ is een van de bekendste in tuinen.
- In Japan wordt de verwante Ophiopogon japonicus veel gebruikt als groene bodembedekker in plaats van gras.