Gewone vogelmelk (Ornithogalum umbellatum)

Foto: Onderwijsgek, CC BY-SA 2.5 nl · bron

Bol- of knolgewas · Asparagaceae

Gewone vogelmelk

Ornithogalum umbellatum

In andere talen: Dame d’onze heures (Français) · Star-of-Bethlehem (English)

Gewone vogelmelk (Ornithogalum umbellatum) is een klein bolgewas uit Zuid- en Midden-Europa, Noord-Afrika en West-Azië, dat bij ons al lang verwilderd is in oude parken, bermen en graslanden. Tussen smalle, grasachtige bladeren met een witte middenstreep verschijnen in april en mei trosjes witte, stervormige bloemen. De buitenkant van elk bloemblad heeft een brede groene streep, zodat de gesloten bloemen in het gras bijna onzichtbaar zijn. De sterren gaan pas rond de middag open en sluiten weer in de late namiddag en bij bewolkt weer. Tuiniers waarderen hem als makkelijke verwilderingsbol voor gras en wilde hoekjes, waar bijen graag op de bloemen afkomen.

Let op: Alle delen zijn giftig, vooral de bollen: ze bevatten stoffen die op het hart inwerken. Gevaarlijk voor kinderen, katten, honden en grazende dieren zoals paarden en schapen; plant hem niet in een weide waar dieren grazen. Hij vermeerdert zich sterk met bijbolletjes en zaad en is uit een border moeilijk weer weg te krijgen.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Droog tot normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    neutraal tot kalkrijk

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -25 °C

  • Grootte

    0,2 m

    hoog, 0,1 m breed

  • Bloei

    april–mei

Feiten op een rij
Hoogte0,2 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren
Bloeiapril–mei

Herkennen

Hoe herken je een gewone vogelmelk?

Groeivorm
Laag bolgewas van 15–20 cm, dat met bijbolletjes en zaad dichte groepen vormt.
Blad
Smal en grasachtig, met een witte middenstreep; verschijnt al in de herfst of winter en sterft tijdens de bloei al af.
Bloem
Stervormig, 2–3 cm breed, met zes bloemblaadjes, in losse trosjes van 5–20 bloemen; in april en mei.
Kleur
Zuiver wit aan de binnenkant; de buitenkant heeft een brede groene streep.
Bol
Klein, rond en wit, met veel bijbolletjes rond de moederbol.

Bloei: april–mei · Planten: september–november

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Verwildert makkelijk in gras, onder bomen en in een wilde tuin: na enkele jaren heb je een wit sterrentapijt.
  • Bloeit in april en mei, tussen de vroege voorjaarsbollen en de zomerbloeiers in.
  • Bijen en andere insecten bezoeken de open bloemen op zonnige dagen.
  • Zeer winterhard en weinig veeleisend: groeit op zand, leem en klei, ook op kalkrijke grond.
  • Leuk om te zien: rond de middag lijkt het gras plots wit te bloeien.

Waar staat een gewone vogelmelk graag?

  • Zon tot halfschaduw: in de zon gaan de bloemen het best open. Onder bladverliezende bomen krijgt hij in het voorjaar licht genoeg.
  • Zand-, leem- of kleigrond, neutraal tot kalkrijk; droog tot normaal vochtig, maar niet drassig.
  • Ideaal in gras, een bloemenweide, onder heesters of in een wilde hoek; niet geschikt voor een nette border.
  • Plant in groepen van 25 of meer bollen op 8–10 cm afstand; daarna vult hij de ruimte zelf op.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Neutraal of kalkrijk
Vocht
Droog of normaal
Grootte
0,2 m hoog, 0,1 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -25 °C)

Mooi samen met

  • Gulden sleutelbloem: Gele bloemen in hetzelfde zonnige, kalkrijke grasland in april en mei.
  • Blauwe druifjes: Een blauwe onderlaag die tegelijk bloeit.
  • Wilde tulp: Gele, geurende tulpjes die ook in gras en onder bomen verwilderen.
  • Margriet: Neemt in mei en juni de bloei in de weide over en verbergt het afstervende blad.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een gewone vogelmelk?

Planten in september–november.

  1. Plant de bollen van september tot november, in grond die niet bevroren of drassig is.
  2. Steek in gras met een bollenplanter een gaatje, of snij een graszode los en leg de bollen eronder.
  3. Plant ze 5–8 cm diep, met de punt naar boven.
  4. Houd 8–10 cm tussen de bollen, in losse, natuurlijke groepen.
  5. Druk de grond of de graszode goed aan en geef water als het erg droog is.

Verzorgen

Water
Niet nodig: de herfst- en winterregen volstaan. In de zomer rust de bol droog.
Bemesten
Niet nodig; in rijke grond vermeerdert hij zich alleen nog sneller.
Maaien
Maai het gras pas als het blad van de bollen afgestorven is, meestal vanaf juni.
Uitgebloeide bloemen
Knip ze af als je het uitzaaien wilt beperken; laat het blad staan.
Blad
Het blad wordt al tijdens de bloei slap en geel. Dat is normaal en geen ziekte.

Tip: Plant hem in het gras op een plek waar je rond de middag langskomt, bijvoorbeeld bij het terras of onder een fruitboom: alleen dan zie je de sterren wijd open.

Wanneer snoei je een gewone vogelmelk?

Wanneer: Vogelmelk wordt niet gesnoeid. Je knipt hoogstens in mei de uitgebloeide bloemen af en ruimt in juni het afgestorven blad op.

Hoe:

  • Knip uitgebloeide trosjes af voor de zaaddozen rijp zijn, als je wilt dat hij zich minder uitzaait.
  • Laat het blad staan tot het helemaal geel en slap is.
  • Maai in gras niet voor juni, zodat de bol genoeg reserves kan opbouwen.

Let op: Wil je hem in toom houden, steek dan in juni een deel van de groep uit. Gooi de bollen bij het restafval, niet op de composthoop, want daar lopen ze weer uit.

Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Bijbolletjes
Graaf in juni–juli, als het blad afgestorven is, een groep op en verdeel de bijbolletjes. Plant ze meteen opnieuw of in september.
Zaad
Hij zaait zich vanzelf uit. Zelf zaaien kan in de herfst in een pot die buiten blijft staan; zaailingen bloeien pas na enkele jaren.

Hoe komt een gewone vogelmelk de winter door?

Winterhard tot −25 °C.

  • Zeer winterhard, tot ongeveer −25 °C: in België is geen bescherming nodig.
  • Het blad verschijnt soms al in de herfst en verdraagt vorst zonder problemen.
  • In een pot: laat hem buiten staan op een plek waar de aarde niet doorweekt raakt.

Ziektes en plagen

  • Woekeren: Vormt snel veel bijbolletjes en zaait zich uit, zodat hij in een border lastig wordt. Plant hem in gras of een wilde hoek en knip de zaaddozen weg.
  • Gesloten bloemen: ’s Ochtends en bij bewolkt weer blijven de bloemen dicht. Dat is normaal; een zonnige plek geeft de mooiste bloei.
  • Slordig blad: Het blad sterft al tijdens de bloei af. Combineer met planten die later uitlopen en het verwelkende blad verbergen.
  • Bolrot: In drassige, zware grond kunnen de bollen rotten. Kies een plek die in de winter niet onder water staat.

Het jaar rond

  • Maart: Het blad groeit verder. Er is niets te doen.
  • April: Bloei: witte sterren die rond de middag opengaan. Bijen op bezoek.
  • Mei: Laatste bloei. Eventueel zaaddozen afknippen tegen het uitzaaien.
  • Juni: Het blad sterft af. Het gras mag nu gemaaid worden. Te dichte groepen opgraven.
  • Juli: Zomerrust: de bol ligt droog in de grond.
  • September: Bollen planten, 5–8 cm diep.
  • Oktober: Ideale planttijd, ook in gras.
  • November: Laatste planttijd. Het nieuwe blad verschijnt soms al.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Niet eetbaar. Alle delen van vogelmelk zijn giftig, vooral de bollen, die op kleine uitjes lijken; ook de bloemen en het water uit een vaas zijn giftig, voor mensen en voor huisdieren. Bewaar de bollen nooit bij de groenten en zet een vaas buiten het bereik van kinderen en katten. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De naam Ornithogalum komt uit het Grieks: ‘ornis’ is vogel en ‘gala’ is melk. De Nederlandse naam vogelmelk is een letterlijke vertaling.
  • De Franse naam ‘dame d’onze heures’ verwijst naar de bloemen, die pas rond elf uur ’s ochtends opengaan.
  • In Noord-Amerika werd hij als tuinplant ingevoerd en is hij op veel plaatsen verwilderd tot een lastig onkruid in gazons.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…