
Foto: Patrick Verdier, Free On Line Photos, Copyrighted free use · bron
Boom · Pinaceae
Zeeden
Pinus pinaster
In andere talen: Pin maritime (Français) · Maritime pine (English)
De zeeden komt van nature voor langs de kusten van het westelijke Middellandse Zeegebied en de Atlantische kust van Portugal, Spanje en Frankrijk. Het is een snelgroeiende den met lange, stijve naalden in paren en grote, glanzend bruine kegels. Jong heeft hij een kegelvormige kroon; met de jaren wordt de boom opener en onregelmatig, met een kale stam en een brede top. De dikke, diep gegroefde, roodbruine schors is mooi. Hij is gemaakt voor arme, zure zandgrond, droogte en kustwind, maar verdraagt geen kalk en geen natte grond. Voor een gewone tuin is hij te groot: dit is een boom voor ruime percelen.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog
verdraagt droogte
Grond
Zand
zuur tot neutraal
Winterhard
tot -15 °C
jonge planten beschermen
Grootte
25 m
hoog, 10 m breed
| Hoogte | 25 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een zeeden?
- Groeivorm
- Snelgroeiende den tot ongeveer 25 m hoog en 10 m breed, jong kegelvormig, later met een kale stam en een brede, open kroon.
- Naalden
- Twee per bundel, 10–25 cm lang, stijf, scherp gepunt en grijsgroen tot donkergroen.
- Kegels
- Grote, kegelvormige kegels van 8–22 cm, glanzend roodbruin, vaak in kransen rond de tak.
- Schors
- Dik, diep gegroefd en roodbruin tot donkergrijs; op oude bomen indrukwekkend.
- Wortels
- Een diepe penwortel: hij verplant slecht, dus liefst jong en meteen op zijn plek zetten.
Planten: april–mei en september–oktober
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Groeit goed op arme, droge zandgrond waar weinig andere bomen het volhouden.
- Verdraagt wind en droogte, dus bruikbaar als windscherm in kust- en zandstreken.
- Groenblijvend, met lange naalden, grote kegels en een mooie, diep gegroefde schors.
- Groeit snel en geeft binnen enkele jaren een groen, mediterraan beeld.
- Vogels en eekhoorns waarderen de zaden; de boom geeft ook onderdak aan allerlei insecten.
Waar staat een zeeden graag?
- Volle zon: hij is een echte lichtboom en groeit in de schaduw slecht.
- Arme, goed doorlatende zandgrond, zuur tot neutraal; hij verdraagt geen kalk en geen natte grond.
- Droog tot normaal vochtig; eenmaal gevestigd is hij goed bestand tegen droogte en zeewind.
- Reken op minstens 8–10 m vrije ruimte; plant niet dicht bij huizen of de erfgrens.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Droog
- Grootte
- 25 m hoog, 10 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -15 °C)
Mooi samen met
- Struikheide: Bloeit op dezelfde zure, arme zandgrond en vormt een lage, kleurrijke onderlaag.
- Brem: Gele bloemen in mei–juni, houdt van dezelfde droge zandgrond.
- Jeneverbes: Een stevige, groenblijvende inheemse struik voor droge zandgrond.
- Blauwzwenkgras: Blauwe pollen die goed passen bij de lange, grijsgroene naalden.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een zeeden?
Planten in april–mei en september–oktober.
- Plant in april–mei of in september–oktober, bij voorkeur een kleine pot- of kluitplant (30–60 cm). Kleine exemplaren slaan het best aan.
- Graaf een gat dat twee keer zo breed is als de kluit en even diep. Maak de wanden los met de schop.
- Zet de den even diep als in de pot, met de wortelhals gelijk met de grond. Plant niet dieper.
- Vul het gat op, druk lichtjes aan en geef een flinke gieter water. Meng geen compost of mest door de grond.
- Leg een laagje dennenschors of houtsnippers rond de voet, niet tegen de stam, en water in het eerste jaar bij droogte.
Verzorgen
- Water
- De eerste zomer bij droogte wekelijks flink water geven. Daarna redt hij zich met regen.
- Bemesten
- Niet nodig; op arme zandgrond groeit hij het best. Te veel voeding geeft slappe, snelle groei.
- Mulchen
- Een laagje dennenschors of houtsnippers houdt de grond rond jonge planten vochtiger en onkruidvrij.
- Naalden en kegels
- Elk jaar vallen oude naalden af; ze zuren de grond licht en zijn een nuttige natuurlijke mulch. Zware kegels kunnen bij val schade geven.
- Jonge boom beschermen
- Bescherm de stam tegen maaiers en hou jonge bomen vrij van gras en onkruid.
Tip: Plant hem jong en kies de plek goed: hij houdt van zand, zon en droogte, en hij verdraagt geen verplanting. Zet hem niet in kalk- of kleigrond.
Wanneer snoei je een zeeden?
Wanneer: Hij hoeft niet gesnoeid. Dode of beschadigde takken kun je in de winter tot het vroege voorjaar weghalen.
Hoe:
- Knip dode, gebroken of kruisende takken weg tot aan de stam.
- Laat altijd één doorlopende topscheut staan: knip de leider nooit weg.
- Wil je de onderkant opkrikken, haal dan de lage takken weg zolang ze nog dun zijn.
Let op: Snoei nooit in kaal, bruin hout zonder naalden of knoppen: een den loopt daar niet meer uit.
Vermeerderen
- Zaaien
- Zaai in het voorjaar (maart–april) in diepe potten of buizen, vanwege de penwortel. Laat het zaad eerst een dag in lauw water weken. Zet jonge plantjes vroeg op hun definitieve plek.
- Kopen
- Een jonge kweekplant van 30–60 cm is de makkelijkste weg en slaat beter aan dan een grote boom.
Hoe komt een zeeden de winter door?
Winterhard tot −15 °C: jonge planten beschermen.
- Winterhard tot ongeveer −15 °C: in de meeste Vlaamse winters is dat genoeg, vooral aan de kust en op beschutte zandgrond.
- In zeer strenge winters kunnen jonge exemplaren bruine naalden of schade oplopen; plant hem op een beschutte, zonnige plek.
- Geef jonge bomen in de eerste winters wat beschutting met een windscherm van jute of takken.
Ziektes en plagen
- Kalkchlorose: Naalden worden geel, vooral op kalkrijke grond. Plant hem alleen op zure tot neutrale grond; later herstellen is moeilijk.
- Natte voeten: Geel of bruin worden van de naalden en wortelrot op natte, zware grond. Kies een droge, doorlatende plek.
- Vorstschade: Bruine naalden of afstervende toppen na een strenge winter. Wacht tot het voorjaar en knip pas dan dode delen weg.
- Wolluis: Witte, wollige plekjes op takken en naalden. Spuit ze af met een stevige waterstraal of dep ze met zeepwater.
Het jaar rond
- Maart: Winterschade nakijken. Dode takken wegnemen.
- April: Planten. Jonge bomen mulchen.
- Mei: Planten. Pas geplante bomen water geven bij droogte.
- Juni: Jonge bomen water geven bij droogte.
- Juli: Water geven aan jonge exemplaren. Letten op wolluis.
- Augustus: Water geven bij langdurige droogte.
- September: Planten. Regelmatig water geven na het planten.
- Oktober: Planten. Beschutting voor jonge bomen klaarzetten.
- November: Beschutting plaatsen bij jonge bomen.
- December: Rust. Sneeuw van de takken schudden.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Het uitgestrekte bos van de Landes in Zuidwest-Frankrijk bestaat grotendeels uit zeeden, aangeplant in de 19e eeuw op voormalige natte heide en duinen.
- Vroeger werd de zeeden aangeboord voor hars, waaruit terpentijn en kolofonium werden gewonnen.
- De naam ‘zeeden’ verwijst naar zijn natuurlijke groeiplaats aan de kust, waar hij ook gebruikt wordt om duinen vast te leggen.