Pittosporum (Pittosporum tenuifolium)

Foto: Krzysztof Golik, CC BY-SA 4.0 · bron

Heester · Pittosporaceae

Pittosporum

Pittosporum tenuifolium

In andere talen: Pittosporum à petites feuilles (Français) · Kohuhu (English)

Pittosporum tenuifolium is een groenblijvende struik uit Nieuw-Zeeland, waar hij kōhūhū heet. Hij heeft kleine, golvende, glanzende bladeren op opvallend donkere, bijna zwarte twijgen. Er zijn groene, bonte en purperbladige rassen, zoals ‘Silver Queen’ met witgerand blad, ‘Tom Thumb’ met purperbruin blad en de compacte, ronde ‘Golf Ball’. In april–mei verschijnen kleine, donkerpurperen klokjes die ’s avonds zoet naar honing geuren. Hij is geliefd in de bloemisterij, maar in België maar matig winterhard en hoort dus op een beschutte plek.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand of leem

    zuur tot neutraal

  • Winterhard

    tot -10 °C

    beschermen in strenge winters

  • Grootte

    3 m

    hoog, 2 m breed

  • Bloei

    april–mei

Feiten op een rij
Snoeimaandenapril
Hoogte3 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeiapril–mei

Herkennen

Hoe herken je een pittosporum?

Groeivorm
Rechtopgaande, dichte struik van 2–3 m hoog en ongeveer 2 m breed; zonder snoei soms een kleine boom.
Blad
Klein, ovaal, 2–6 cm, met een sterk golvende rand; lichtgroen, bont of purper, groenblijvend.
Twijgen
Donker purperbruin tot bijna zwart, een mooi contrast met het blad.
Bloem
Kleine, donkerpurperen klokjes tussen het blad, in april–mei.
Geur
Zoet, als honing, vooral ’s avonds.

Bloei: april–mei · Planten: april–mei · Snoeien: april

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Het hele jaar fris, golvend blad op donkere twijgen: een mooie structuurplant.
  • Verdraagt knippen goed: als vormstruik, losse haag of in een grote pot.
  • De kleine bloempjes geuren ’s avonds zoet naar honing.
  • De takken zijn prachtig snijgroen voor boeketten.
  • Verdraagt zeewind goed en is geliefd in kusttuinen.

Waar staat een pittosporum graag?

  • Zon of lichte halfschaduw; bonte en purperbladige rassen kleuren het mooist in de zon.
  • Een beschutte plek, uit de koude oosten- en noordenwind, bijvoorbeeld tegen een muur of tussen andere struiken.
  • Goed doorlatende zand- of leemgrond, zuur tot neutraal, die niet uitdroogt maar ook niet nat blijft.
  • Hou als solitair 1,5 m ruimte, voor een haag 50–60 cm tussen de planten.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand of leem
Zuurtegraad
Zuur of neutraal
Vocht
Normaal
Grootte
3 m hoog, 2 m breed
Winterhard
Matig winterhard (tot -10 °C): bescherm hem in strenge winters

Mooi samen met

  • Nieuw-Zeelands vlas: Stoer, zwaardvormig blad naast het fijne, golvende blad.
  • Siergrassen: Bewegen in de wind, een mooi contrast met de dichte struik.
  • Lavendel: Een zilvergrijze, geurende voet in de zon.
  • Hortensia: Grote bloemen tegen de rustige, groenblijvende achtergrond.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een pittosporum?

Planten in april–mei.

  1. Plant in april–mei, zodat hij voor de winter kan inwortelen.
  2. Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit; meng bij zware grond wat grof zand door.
  3. Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond aan.
  4. Giet flink aan en mulch de voet met compost of houtsnippers.
  5. In een pot: kies een ruime pot met een gat in de bodem, een drainagelaag en potgrond voor heesters.

Verzorgen

Water
De eerste jaren bij droogte. In een pot geregeld, maar laat hem nooit in het water staan.
Bemesten
Een beetje compost in het voorjaar volstaat; in een pot wat mest voor groenblijvers van april tot juli.
Mulchen
Een mulchlaag houdt de wortels vochtig in de zomer en beschermt ze in de winter.
Verpotten
Potplanten om de twee à drie jaar in het voorjaar in een iets grotere pot zetten.

Tip: Plant hem beschut tegen een muur of tussen andere struiken, want in koude winters kan hij terugvriezen. Snoei pas in april, als je ziet wat de winter overleefd heeft.

Wanneer snoei je een pittosporum?

Snoeimaanden: april.

Wanneer: In april, als de ergste vorst voorbij is en je ziet welke delen de winter overleefd hebben.

Hoe:

  • Knip bevroren delen terug tot gezond hout.
  • Hou hem in vorm of knip hem als haag; hij verdraagt knippen goed.
  • Knip bij bonte rassen scheuten met volledig groen blad weg.

Let op: Snoei niet in de herfst: de nieuwe scheuten hebben dan geen tijd meer om af te harden voor de winter.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Halfrijpe stekken
In juli–augustus stekken van 10 cm in een zanderig stekmengsel onder plastic. Overwinter ze vorstvrij.
Zaaien
Zaad van de soort kan in het voorjaar binnen gezaaid worden; rassen komen niet zuiver uit zaad.

Hoe komt een pittosporum de winter door?

Winterhard tot −10 °C: beschermen in strenge winters.

  • Winterhard tot ongeveer −10 °C: in koude Belgische winters kan hij terugvriezen.
  • Bescherm hem bij strenge vorst met een vliesdoek en mulch de voet.
  • In een pot: zet hem in een koude, lichte ruimte of pak de pot goed in tegen een beschutte muur.
  • Een teruggevroren plant loopt vaak weer uit; wacht tot het voorjaar voor je hem opgeeft.

Ziektes en plagen

  • Vorst- en windschade: Bruin blad en dode twijgen na een koude winter of bij oostenwind. Knip in april terug tot gezond hout.
  • Wortelrot: Op natte grond of in een pot zonder afvoer: de plant verwelkt. Zorg voor goed doorlatende grond.
  • Schildluis: Bruine schildjes en kleverig blad. Wrijf ze weg met een zachte borstel.
  • Bladluis: Op de jonge scheuten. Spuit ze weg met water.

Het jaar rond

  • Maart: Vliesdoek weghalen als het zachter wordt.
  • April: Snoeien en in vorm knippen. Planten. De bloei begint.
  • Mei: Bloei met honinggeur. Planten.
  • Juni: Water geven bij droogte, vooral in een pot.
  • Juli: Halfrijpe stekken nemen.
  • Augustus: Halfrijpe stekken nemen. Water geven bij droogte.
  • November: Mulch rond de voet. Potplanten beschermen.
  • December: Bij strenge vorst een vliesdoek over de struik.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De kleine, donkerpurperen bloempjes vallen nauwelijks op, maar verspreiden ’s avonds een zoete honinggeur.
  • De naam Pittosporum betekent ‘pekzaad’: de zaden zitten in een kleverig, harsachtig slijm.
  • Het fijne, golvende blad wordt veel gebruikt als snijgroen in boeketten en bloemstukken.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…