
Foto: Stan Shebs, CC BY-SA 3.0 · bron
Vaste plant · Primulaceae
Primula
Primula florindae
In andere talen: Primevère de Florinda (Français) · Giant cowslip (English)
Primula florindae komt uit het zuidoosten van Tibet en werd in 1924 ontdekt door de Engelse plantenjager Frank Kingdon-Ward, die haar naar zijn vrouw Florinda noemde. Het is een van de grootste primula’s: uit een rozet van grote, getande bladeren groeien in de zomer stelen van 60–80 cm met een scherm van tientallen hangende, zwavelgele klokjes die heerlijk geuren. De stelen en kelken zijn bestoven met een wit tot geel poeder. In tegenstelling tot de meeste primula’s bloeit hij pas van juni tot augustus. Hij hoort aan een vijver, beek of in een moerasbed en vormt daar met de jaren een rijke groep.
Let op: Zaait zich in natte grond sterk uit. Knip de zaaddozen weg als je niet te veel zaailingen wilt, of trek de jonge plantjes uit.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Vochtig tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Leem, klei of veen
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
0,8 m
hoog, 0,5 m breed
Bloei
juni–augustus
| Hoogte | 0,8 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juni–augustus |
Herkennen
Hoe herken je een primula?
- Groeivorm
- Overblijvende plant van 60–80 cm hoog en ongeveer 50 cm breed, met een rozet van bladeren en rechtopstaande, stevige bloemstelen.
- Blad
- Ovaal tot breed eirond met hartvormige voet, 15–30 cm lang, getande rand en lange stelen; frisgroen, sterft in de winter af.
- Bloem
- Scherm van 20–40 hangende, klokvormige bloemen van ongeveer 2 cm, in juni tot augustus.
- Geur
- Zoet en sterk, vooral op rustige zomeravonden.
- Kleur
- Zwavelgeel; stelen en kelken zijn bestoven met wit of geel poeder (meel). Zaailingen kunnen oranje of rood bloeien.
- Wortels
- Vezelig en ondiep; hij heeft altijd vochtige grond nodig en groeit het best met de voeten in het water.
Bloei: juni–augustus · Planten: maart–april en september–oktober
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit van juni tot augustus, wanneer de meeste primula’s al lang uitgebloeid zijn.
- De gele klokjes geuren zoet, zeker in de avond en op windstille dagen.
- Bijen en hommels bezoeken de bloemen.
- Imposante verschijning voor natte grond: stelen tot 80 cm en grote bladeren.
- Volledig winterhard tot ongeveer −25 °C en komt elk jaar terug.
- Zaait zich in vochtige grond vanzelf uit en vormt zo een natuurlijke groep.
Waar staat een primula graag?
- Halfschaduw of lichte schaduw; in volle zon alleen als de grond altijd nat blijft.
- Natte, humusrijke grond: leem, klei of veen, zuur tot neutraal. Ideaal aan een vijverrand of beek of in een moerasbed.
- De grond mag in de zomer nooit uitdrogen, anders verschroeit het blad.
- Beschut tegen harde wind, die de hoge stelen kan breken.
- Reken op 50 cm tussen de planten; in een groep van 3–5 stuks krijg je het mooiste effect.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Leem, klei of veen
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Nat
- Grootte
- 0,8 m hoog, 0,5 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Rodgersia: Groot, handvormig blad en crèmewitte pluimen op dezelfde natte plek.
- Hosta: Groot, rustig blad in dezelfde halfschaduw.
- Siberische iris: Slank blad en blauwe bloemen vroeg in de zomer.
- Struisvaren: Frisgroene, sierlijke bladeren naast de primula.
- Astilbe: Pluimen in roze en rood op dezelfde vochtige, halfschaduwrijke plek.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een primula?
Planten in maart–april en september–oktober.
- Plant in maart–april of in september–oktober, als de grond vochtig maar niet bevroren is.
- Graaf een ruim plantgat en meng er veel compost of bladaarde door zodat de grond vocht vasthoudt.
- Zet de plant even diep als in de pot, met het hart van de rozet op grondhoogte.
- Plant in groepjes van 3–5 stuks op 50 cm van elkaar.
- Geef meteen een flinke gieter water en houd de grond het eerste jaar steeds vochtig.
- Leg een laag bladcompost rond de planten als mulch, zonder het hart te bedekken.
Verzorgen
- Water
- Houd de grond altijd vochtig, zeker tijdens de bloei. In een gewone border bij droogte ruim en regelmatig water geven; aan een vijverrand of in een moerasbed is dat zelden nodig.
- Bemesten
- In het voorjaar een laag compost of organische mest. Meer is niet nodig.
- Mulchen
- Een laag bladcompost in het voorjaar en najaar houdt de grond koel en vochtig.
- Uitgebloeide bloemen
- Knip de stelen na de bloei af. Laat ze staan als je zaailingen wilt.
- Opschonen
- Verwijder dood blad in februari–maart zodat de nieuwe rozetten licht krijgen.
- Slakken
- Controleer in het voorjaar op slakken, die het jonge blad graag opeten.
Tip: Hij hoort aan een vijverrand of beek, waar de grond altijd nat blijft: dan groeit hij sterk en zaait hij zich uit. Plant hem niet op een droge plek.
Wanneer snoei je een primula?
Wanneer: Je snoeit hem niet. Knip uitgebloeide stelen na de bloei af en haal dood blad weg in februari–maart.
Hoe:
- Knip uitgebloeide bloemstelen aan de voet af als je niet wilt dat hij zich uitzaait.
- Laat een paar stelen staan tot de zaaddozen bruin en droog zijn als je zaad wilt.
- Trek of knip dood, bruin blad in februari–maart weg, zonder het hart van de rozet te beschadigen.
Vermeerderen
- Zaaien
- Zaai vers zaad in het najaar of in het vroege voorjaar in een bak met zaaigrond, zonder het af te dekken: het kiemt bij licht. Zet de bak koud buiten en houd hem vochtig. Zaailingen lijken niet altijd op de moederplant en kunnen oranje of rood bloeien.
- Delen
- Deel oudere pollen in september, na de bloei, of in het vroege voorjaar. Verdeel ze in stukken met wortels en een stuk rozet en plant ze meteen terug in vochtige grond.
Hoe komt een primula de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −25 °C: in Belgische winters is geen bescherming nodig.
- Het blad sterft af. Laat het tot het voorjaar liggen als bescherming van de rozetten.
- Natte grond in de winter is geen probleem; een droge zomer is veel gevaarlijker.
Ziektes en plagen
- Slakken: Gaten in het jonge blad in het voorjaar. Raap ze ’s avonds op en ruim schuilplaatsen zoals dikke stapels dood blad op.
- Verdroging: Slap blad met bruine, droge randen. Geef ruim water, leg een dikke laag mulch en kies zo nodig een vochtiger plek.
- Taxuskever: De larven vreten aan de wortels, vooral in potten, en de plant verwelkt plots. Gebruik tegen de larven aaltjes (nematoden).
- Te veel zaailingen: In natte grond zaait hij zich uitbundig uit. Trek de jonge plantjes uit of knip de zaaddozen weg voor ze rijp zijn.
Het jaar rond
- Februari: Dood blad van vorig jaar wegnemen.
- Maart: Planten of delen. Compost geven. Slakken in de gaten houden.
- April: Planten. Mulch aanbrengen. De grond vochtig houden.
- Mei: De grond vochtig houden. Op slakken letten.
- Juni: Begin van de bloei. Ruim water bij droogte.
- Juli: Volle bloei en geur. Water geven bij droogte.
- Augustus: Laatste bloemen. Zaaddozen wegknippen of laten rijpen.
- September: Delen na de bloei. Planten. Zaaien.
- Oktober: Planten. Bladcompost als mulch.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De plant is in 1924 ontdekt door Frank Kingdon-Ward in Tibet en genoemd naar zijn vrouw Florinda.
- Stelen en kelken zijn bestoven met een wit tot geel poeder, dat plantkundigen ‘meel’ noemen.
- Anders dan de meeste primula’s bloeit hij pas in de zomer, van juni tot augustus.