Wilgbladige peer (Pyrus salicifolia)

Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 · bron

Boom · Rosaceae

Wilgbladige peer

Pyrus salicifolia

In andere talen: Poirier à feuilles de saule (Français) · Willow-leaved pear (English)

De wilgbladige peer komt uit de Kaukasus, het noorden van Iran en Turkije, waar hij op droge, rotsige hellingen groeit. Het is een kleine sierboom met smalle, zilvergrijze bladeren die op wilgenblad lijken en in het voorjaar wit behaard zijn. In april verschijnen tegelijk met het jonge blad trosjes witte bloemen met donkerrode meeldraden, later gevolgd door kleine, harde peertjes. Tuiniers kiezen hem vooral voor het zilveren blad, dat in witte en grijze borders de hele zomer licht geeft. Het bekendste ras is ‘Pendula’, een treurvorm met hangende takken die meestal 4–6 m hoog wordt.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Droog tot normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -30 °C

  • Grootte

    6 m

    hoog, 4 m breed

  • Bloei

    april

Feiten op een rij
Snoeimaandenjanuari–februari
Hoogte6 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeiapril

Herkennen

Hoe herken je een wilgbladige peer?

Groeivorm
Kleine, bladverliezende boom van 4–6 m hoog en ongeveer 4 m breed. Bij ‘Pendula’ hangen de takken in een koepel tot bijna op de grond.
Blad
Smal en lancetvormig, 4–9 cm lang, zoals wilgenblad. Jong zilverwit behaard, later grijsgroen; geen opvallende herfstkleur.
Bloem
Witte bloemen van ongeveer 2 cm in kleine trosjes, in april, met opvallend donkerrode meeldraden.
Vrucht
Kleine, harde, groenbruine peertjes van 2–3 cm. Ze zijn niet lekker en dienen alleen als sier.
Wortels
Diep en sterk: eenmaal ingeworteld kan de boom goed tegen droogte.

Bloei: april · Planten: maart–april en oktober–december · Snoeien: januari–februari

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Zilvergrijs blad van april tot de bladval: een rustig, licht accent tussen donkergroene heesters.
  • Witte bloei in april, waardevol voor bijen en andere bestuivers.
  • Blijft klein: hij past ook in een kleinere tuin of voortuin, als solitair of als middelpunt van een border.
  • Eenmaal ingeworteld zeer droogtebestendig, en hij verdraagt wind en stadslucht goed.
  • De treurvorm ‘Pendula’ geeft een sierlijk, rond silhouet dat ook in de winter, zonder blad, structuur geeft.

Waar staat een wilgbladige peer graag?

  • Volle zon: daar is het blad het meest zilverig en blijft de kroon compact.
  • Elke goed doorlatende grond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk.
  • Droog tot normaal; natte, verdichte grond waar water blijft staan verdraagt hij slecht.
  • Reken op een plek van minstens 4 m breed. De treurvorm komt het best tot zijn recht als solitair in het gras of in een border.
Licht
Zon
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Niet kieskeurig
Vocht
Droog of normaal
Grootte
6 m hoog, 4 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -30 °C)

Mooi samen met

  • Lavendel: Zilvergrijs blad en paarse bloei op dezelfde zonnige, droge plek.
  • Witte heesterrozen: Klassiek in een witte tuin: de zilveren peer als lichte achtergrond voor witte rozen.
  • Ezelsoor: Een zachte, zilvergrijze bodembedekker aan de rand van de kroon.
  • Kogeldistel: Staalblauwe bollen die mooi afsteken tegen het zilverblad.
  • Krokus: Bloeit in februari–maart onder de nog kale takken.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een wilgbladige peer?

Planten in maart–april en oktober–december.

  1. Plant in maart–april of van oktober tot december, als de grond niet bevroren of te nat is.
  2. Graaf een plantgat dat twee keer zo breed is als de kluit en maak de bodem van het gat los met een spitvork.
  3. Sla eerst een boompaal aan de windkant in, zodat je de wortels later niet beschadigt.
  4. Zet de boom even diep als hij in de kwekerij stond: de entplaats blijft boven de grond.
  5. Vul aan met de uitgegraven grond, druk goed aan en geef meteen 20–30 liter water.
  6. Leg een laag compost of houtsnippers rond de voet, maar niet tegen de stam.

Verzorgen

Water
De eerste twee zomers bij droogte om de week flink water geven. Daarna heeft hij zelden extra water nodig.
Bemesten
Een schep compost in het voorjaar volstaat. Te veel stikstof geeft zacht hout dat gevoeliger is voor ziekten.
Boompaal
Controleer elk voorjaar de boomband, zodat hij niet in de stam snijdt. Na 2–3 jaar mag de paal weg.
Wilde scheuten
Bij een geënte treurboom groeien soms rechtopgaande scheuten op de stam of uit de onderstam. Knip ze meteen weg, ook in de zomer.
Mulchen
Houd een kring van 1 m rond de stam vrij van gras en mulch die: een jonge boom groeit dan veel beter aan.

Tip: Plant ‘Pendula’ als solitair in het gras of als middelpunt van een witte border en dun elke winter wat uit: zo blijft de koepel licht en zilverig in plaats van een dichte pruik.

Wanneer snoei je een wilgbladige peer?

Snoeimaanden: januari–februari.

Wanneer: In de winter, in januari en februari, als de boom kaal is en je de takken goed ziet.

Hoe:

  • Haal eerst dode, zieke en kruisende takken weg.
  • Dun de dichte koepel van ‘Pendula’ elk jaar wat uit: knip een deel van de oudste hangende takken weg, zodat er licht en lucht in de kroon komt.
  • Kort te lange hangtakken in tot net boven een knop, zodat de koepel net boven de grond blijft.
  • Knip rechtopgaande waterloten en wilde scheuten van de onderstam weg.
  • Wil je een hogere treurboom, laat dan één stevige scheut rechtop groeien en bind ze aan een stok: zo bouw je een nieuwe top.

Let op: Snoei bij droog weer en ontsmet je schaar tussen twee bomen: zo verklein je de kans op bacterievuur, dat zich via wonden en gereedschap verspreidt.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Enten
Rassen zoals ‘Pendula’ worden aan het eind van de winter op een onderstam van peer geënt. Dat is werk voor de kwekerij; koop liever een geënte boom.
Zaad
De soort kan je uit zaad kweken: zaai verse pitten in de herfst in een pot buiten, zodat ze de winterkou krijgen. Zaailingen groeien traag en verschillen van vorm.

Hoe komt een wilgbladige peer de winter door?

Winterhard tot −30 °C.

  • Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C: in België is geen bescherming nodig.
  • Geef een jonge boom een stevige paal en boomband tegen windschade in winterstormen.
  • In de winter zie je de takkenstructuur van de treurvorm het best: het ideale moment om te snoeien.

Ziektes en plagen

  • Bacterievuur: Bloemen en jonge scheuten verwelken plots en worden zwart, alsof ze verschroeid zijn; de toppen krommen als een herdersstaf. Knip aangetaste takken ruim weg tot in gezond hout, ontsmet je schaar en voer het snoeisel af, niet op de composthoop.
  • Perenroest: Oranje vlekken op het blad in de zomer, met wratjes aan de onderkant. De schimmel overwintert op sommige jeneverbessen; houd die uit de buurt en ruim aangetast blad op.
  • Bladluis: Gekrulde, kleverige jonge bladeren in het voorjaar. Meestal ruimen lieveheersbeestjes en oorwormen ze op; anders afspuiten met water.
  • Te dichte kroon: Een treurboom die nooit gesnoeid wordt, vormt een dichte pruik met dode takken binnenin. Elke winter wat uitdunnen houdt hem luchtig en zilverig.
  • Natte voeten: Op natte, verdichte grond groeit hij slecht en sterven takken af. Kies een goed doorlatende plek of plant iets hoger.

Het jaar rond

  • Januari: Snoeien: uitdunnen en vormen. Boomband controleren.
  • Februari: Laatste snoeibeurt voor de knoppen uitlopen.
  • Maart: Planten. Compost rond de voet geven.
  • April: Bloei en nieuw zilverblad. Planten.
  • Mei: Letten op bladluis. Wilde scheuten wegknippen.
  • Juni: Jonge bomen water geven bij droogte.
  • Juli: Water geven bij droogte. Letten op bacterievuur en perenroest.
  • Augustus: Waterloten en wilde scheuten wegknippen.
  • Oktober: Planten. De peertjes vallen af.
  • November: Planten. Bladval.
  • December: Planten bij zacht weer. Rust.

Gebruiken

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • In de beroemde witte tuin van Sissinghurst, in Engeland, speelt een wilgbladige treurpeer een hoofdrol.
  • De naam salicifolia betekent ‘met wilgenblad’: Salix is de Latijnse naam van de wilg.
  • Het zilvergrijze waas op het blad komt van fijne haartjes, die zonlicht weerkaatsen en de verdamping beperken: een aanpassing aan droge, zonnige hellingen.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…