Torenia (Torenia fournieri)

Foto: Jeevan Jose, Kerala, India, CC BY-SA 4.0 · bron

Eenjarige plant · Linderniaceae

Torenia

Torenia fournieri

In andere talen: Torénia (Français) · Wishbone flower (English)

Torenia komt oorspronkelijk uit Indochina en wordt bij ons als eenjarige gekweekt. Het is een compact, kussenvormig zomerbloeiertje van 20–30 cm met kleine, tweelippige trompetbloemen in blauw, violet, roze, wit of wijnrood, vaak met een gele vlek in de keel. Anders dan de meeste zomerbloeiers voelt hij zich thuis in de halfschaduw, waar hij van juni tot in september rijk bloeit. Daarom is hij geliefd in schaduwborders, potten, bakken en hangmanden. Hij is vorstgevoelig en gaat dus pas na half mei naar buiten.

  • Licht

    Halfschaduw of schaduw

    verdraagt weinig zon

  • Vocht

    Normaal tot nat

    mag niet uitdrogen

  • Grond

    Zand, leem of klei

    zuur tot neutraal

  • Winterhard

    tot 5 °C

    beschermen in strenge winters

  • Grootte

    0,25 m

    hoog, 0,25 m breed

  • Bloei

    juni–september

Feiten op een rij
Snoeimaandenjuli
Hoogte0,25 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeijuni–september

Herkennen

Hoe herken je een torenia?

Groeivorm
Compacte, kussenvormige eenjarige van 20–30 cm hoog en breed, met vertakte, vierkante stengels.
Blad
Eirond tot lancetvormig, 3–5 cm, met een gezaagde rand; frisgroen en tegenoverstaand.
Bloem
Trompetvormige, tweelippige bloemen van ongeveer 3 cm, van juni tot september.
Kleur
Blauw, violet, roze, wit of wijnrood; de onderlip heeft vaak een gele vlek.
Wortels
Fijn en ondiep: de plant droogt snel uit, dus de grond moet gelijkmatig vochtig blijven.

Bloei: juni–september · Zaaien: februari–maart · Planten: mei–juni · Snoeien: juli

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Bloeit van juni tot in september in halfschaduw en schaduw, waar weinig zomerbloeiers rijk bloeien.
  • Compact en dicht: een mooie, losse vuller voor potten, bakken en hangmanden.
  • Veel kleuren: blauw, violet, roze, wit of wijnrood, vaak met een gele keel.
  • Weinig werk: wat water en af en toe voeding volstaan.
  • Een frisse aanvulling naast hosta’s en varens in een schaduwborder.

Waar staat een torenia graag?

  • Halfschaduw of schaduw; in de felle middagzon verbrandt het blad en krimpt de bloei.
  • Humusrijke, vochthoudende maar goed doorlatende grond: zand, leem of klei, zuur tot neutraal.
  • Beschut en warm: hij is vorstgevoelig en groeit niet goed onder ongeveer 5 °C.
  • Plant op 15–20 cm van elkaar; in een pot van 25–30 cm zet je 3–4 planten.
Licht
Halfschaduw en schaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Zuur of neutraal
Vocht
Normaal of nat
Grootte
0,25 m hoog, 0,25 m breed
Winterhard
Vorstgevoelig: pas buiten na de laatste nachtvorst (half mei)

Mooi samen met

  • Hosta: Grote bladeren zorgen voor rust naast de kleine torenia-bloemen in dezelfde schaduw.
  • Begonia: Dezelfde standplaats en een andere bloemvorm voor een afwisselende zomerbak.
  • Siernetel (Coleus): Gekleurde bladeren als achtergrond voor de blauwe en paarse bloemen.
  • Vleiende lobelia: Een tweede blauwe bloeier in halfschaduw die over de rand van de pot hangt.
  • Varens: Een frisse, groene onderbeplanting voor een schaduwborder.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een torenia?

Planten in mei–juni.

  1. Zaai in februari–maart binnen. Het zaad is stofklein: strooi het op vochtige zaaigrond en dek het niet af, want het kiemt in het licht bij 20–24 °C.
  2. Prik de zaailingen uit zodra ze twee echte bladeren hebben en kweek ze op een lichte plek bij 15–18 °C verder.
  3. Harden de planten vanaf begin mei af en zet ze van half mei tot in juni op hun plek, als er geen vorst meer dreigt.
  4. Maak een plantgat even diep als de pot, werk er wat compost door en zet de planten op 15–20 cm van elkaar.
  5. Geef meteen een flinke gieter water en knijp de toppen uit boven het derde of vierde bladpaar voor een bossige groei.
  6. Een dun laagje compost of fijne schors houdt de grond koel en vochtig.

Verzorgen

Water
Hou de grond steeds licht vochtig, ook in potten. Bij droogte laat hij snel blad en bloemen hangen. Giet aan de voet, niet over het blad.
Bemesten
Geef van juni tot augustus om de twee weken een vloeibare meststof voor bloeiende planten in het gietwater.
Uitknijpen
Knijp jonge planten uit om ze bossig te laten groeien; zo krijg je meer zijscheuten en dus meer bloemen.
Uitbloeien
Hoeft meestal niet: de bloemen vallen vanzelf af. Verwijder wel verdorde stengels en bladeren.
Potten en bakken
Gebruik potgrond en controleer bij warm weer dagelijks of de grond nog vochtig is.

Tip: Hou de grond gelijkmatig vochtig en bescherm hem tegen felle middagzon. Knijp jonge planten uit en knip in juli lange scheuten in: dan bloeit hij tot de eerste vorst.

Wanneer snoei je een torenia?

Snoeimaanden: juli.

Wanneer: Je snoeit hem niet echt: knijp jonge planten in mei uit en knip in juli lange, kale scheuten in.

Hoe:

  • Knijp in mei de top van jonge planten boven het derde of vierde bladpaar weg.
  • Knip in juli lange, kale scheuten een derde in; binnen enkele weken lopen ze weer uit en bloeien ze opnieuw.
  • Haal verdorde of beschadigde stengels en bladeren weg.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaaien
In februari–maart binnen. Strooi het stofkleine zaad op de grond, druk het licht aan en dek het niet af. Houd het vochtig bij 20–24 °C; na 2–3 weken kiemt het.
Stekken
In augustus–september stekken van 5–8 cm van niet-bloeiende scheuten; ze wortelen makkelijk in water of vochtige potgrond. Overwinter ze op een lichte, vorstvrije plek.

Hoe komt een torenia de winter door?

Winterhard tot 5 °C: beschermen in strenge winters.

  • Eenjarig en vorstgevoelig: bij de eerste nachtvorst is het afgelopen. Ruim de planten dan op.
  • Wil je hem bewaren, neem dan in de late zomer stekken en overwinter die op een lichte plek bij 10–15 °C.
  • Zaad dat in de late zomer rijpt, kun je opvangen en droog bewaren tot volgend voorjaar.

Ziektes en plagen

  • Slakken: Vooral jonge planten worden aangevreten. Strooi slakkenkorrels op basis van ijzerfosfaat of rapen ze ’s avonds met een zaklamp af.
  • Spintmijt: Fijne gele stippen en webjes op het blad bij warm, droog weer. Verneveld je planten, geef meer water en spuit af met water.
  • Bladluis: Plakkerige, verkrulde scheuten. Veeg ze weg of spuit ze af met water; lieveheersbeestjes helpen mee.
  • Schimmels: Door te veel vocht rotten stengelvoeten of krijg je grauwe schimmel op de bloemen. Water aan de voet geven en voor lucht tussen de planten zorgen.
  • Verbrand blad: Bruine, droge randen na felle middagzon. Zet hem op een beschutte plek met alleen ochtend- of avondzon.

Het jaar rond

  • Februari: Binnen zaaien op een lichte plek bij 20–24 °C.
  • Maart: Zaaien afmaken. Zaailingen uitprikken.
  • April: Planten op een lichte plek bij 15–18 °C kweken.
  • Mei: Afharden. Vanaf half mei buiten planten.
  • Juni: Eerste bloei. Water geven en voeden.
  • Juli: Volle bloei. Lange scheuten inkorten. Voeden.
  • Augustus: Water geven bij droogte. Stekken nemen.
  • September: Laatste bloei. Zaad opvangen.
  • Oktober: Na de eerste vorst de planten opruimen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De Engelse naam wishbone flower verwijst naar de twee meeldraden in het hart van de bloem, die samen een V-vorm maken.
  • Het geslacht Torenia is genoemd naar Olof Torén, een Zweedse predikant en natuuronderzoeker uit de 18e eeuw.
  • De gele vlek in de keel van de bloem werkt als honingmerk: een wegwijzer voor bezoekende insecten.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…