Tulipa humilis

Foto: Bernd Haynold, CC BY-SA 3.0 · bron

Bol- of knolgewas · Liliaceae

Tulipa humilis

In andere talen: Tulipe humilis (Français)

Tulipa humilis is een botanische tulp uit de bergen van Turkije, Iran en de Kaukasus. Ze wordt maar 10 cm hoog en vormt een klein pluisje van smalle, grijsgroene bladeren die dicht bij de grond blijven. In maart en april opent ze in de zon een wijde, sterachtige bloem in roze tot purperroze met een geel hart. Een bekend ras is ‘Persian Pearl’ met felroze bloemen. Ze past in de rotstuin, een grindbed of een schaal en komt op een droge, zonnige plek jaar na jaar terug.

Let op: Tulpen zijn giftig, vooral de bol. Kinderen, katten, honden en paarden mogen er niet van eten. Bewaar bollen buiten bereik en draag handschoenen als je vaak met bollen werkt.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Droog tot normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand of leem

    neutraal tot kalkrijk

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -25 °C

  • Grootte

    0,1 m

    hoog, 0,1 m breed

  • Bloei

    maart–april

Feiten op een rij
Hoogte0,1 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren
Bloeimaart–april

Herkennen

Hoe herken je een Tulipa humilis?

Groeivorm
Lage bolplant van ongeveer 10 cm hoog en breed, met een bosje bladeren vlak boven de grond.
Blad
Smal, lint- tot lijnvormig, grijsgroen; vaak enigszins naar de grond gebogen.
Bloem
Wijd openstaande, sterachtige bloem in roze tot purperroze met een geel hart; ze opent in de zon en sluit bij grijs, koud weer.
Bol
Kleine bol met een bruin, papierachtig vel. Hij vormt na verloop van tijd kleine broedbolletjes.
Bloeitijd
Maart tot april, vroeger dan de meeste tuintulpen.

Bloei: maart–april · Planten: september–november

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Bloeit al in maart–april, als de rotstuin nog bijna leeg is.
  • Heel compact (10 cm): ideaal voor potten, schalen, troggen en kleine plekjes.
  • Vroege bijen en hommels bezoeken de open bloemen op zonnige dagen.
  • Als botanische tulp komt ze op een droge plek vaak jarenlang terug, meer dan veel grote hybride tulpen.
  • Droogtebestendig en weinig werk: ze heeft in de zomer geen water nodig.

Waar staat een Tulipa humilis graag?

  • Volle zon, liefst een plek die al vroeg in het voorjaar zon krijgt.
  • Goed doorlatende, droge tot gewone grond: zand of leem, neutraal tot kalkrijk. Meng op zware klei veel grof zand of grind door de grond.
  • Vermijd natte plekken: in de zomerrust moet de grond droog blijven. Een rotstuin, een talud of een grindbed is ideaal.
  • Plant in groepjes van 10–20 bollen op 5–8 cm van elkaar: zo vormen ze een kleurig tapijt.
Licht
Zon
Grondsoort
Zand of leem
Zuurtegraad
Neutraal of kalkrijk
Vocht
Droog of normaal
Grootte
0,1 m hoog, 0,1 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -25 °C)

Mooi samen met

  • Krokus: Botanische krokussen bloeien tegelijk en geven een kleurrijk voorjaarstapijt.
  • Blauwe druifjes: Blauwe bloemen vormen een mooi contrast met het roze van de tulp.
  • Vetkruid: Bedekt in de zomer de plek en verbergt het afstervende blad.
  • Huislook: Een stevige, droogtebestendige rozet die het goed doet in dezelfde zonnige, droge rotstuin.
  • Kruipende tijm: Een laag, geurend tapijt tussen de bollen dat de grond droog houdt.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een Tulipa humilis?

Planten in september–november.

  1. Plant in oktober–november (kan al vanaf september) in een grond die niet te nat is.
  2. Graaf een plantgat van 8–10 cm diep, twee tot drie keer de hoogte van de bol. Leg op zware grond onderin 2–3 cm grof zand of grind.
  3. Zet de bollen met de punt naar boven en op 5–8 cm van elkaar, in groepjes en niet in een rij.
  4. Dek af met grond en druk lichtjes aan. Geef alleen water als de grond kurkdroog is: in de herfst volstaat meestal de regen.
  5. Strooi een laagje fijn grind over de plek: de bovengrond blijft droog en je weet waar de bollen zitten.

Verzorgen

Water
Alleen bij langdurige droogte in de herfst en in het voorjaar tijdens de groei. In de zomerrust helemaal geen water.
Bemesten
Op gewone grond niet nodig. Op arm zand kun je na de bloei een lichte gift bloembollenmeststof geven.
Blad
Laat het blad na de bloei zes tot acht weken staan, tot het vanzelf geel wordt: in die tijd laadt de bol zich op voor het volgende jaar.
Zomerrust
Houd de plek in de zomer droog. Plant er geen vochtminnende zomerbloeiers tussen die veel water krijgen.
In een pot
Gebruik een pot met gaten en een mengsel van potgrond met een derde grof zand. Zet de bollen dicht bij elkaar, maar niet tegen de rand.

Tip: Plant de bolletjes op een bedje van grof zand of grind en houd de plek in de zomer droog: dan komt deze dwergtulp jarenlang terug.

Wanneer snoei je een Tulipa humilis?

Wanneer: Snoeien is niet nodig. Knip verwelkte bloemen na de bloei weg als je geen zaad wilt; het blad pas als het geel en slap is, meestal half juni.

Hoe:

  • Knip de verlepte bloem net onder de bloem weg; stengel en blad blijven staan.
  • Laat het blad volledig afsterven: er zit voeding in voor volgend jaar.
  • Haal geel, verdroogd blad met je hand of een schaar weg.
  • Zet een stokje bij de plek of markeer ze, zodat je er in de zomer niet op graaft.

Let op: Knip het groene blad nooit af en knoop het niet vast: dan bloeit de bol volgend jaar niet of minder.

Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Broedbolletjes
Rooi de bollen in juni–juli, als het blad is afgestorven, haal de kleine broedbolletjes eraf en plant ze in oktober opnieuw. Dat hoeft maar om de paar jaar, bij dichte plukken.
Zaad
Zaai verse zaden in de herfst in een zaaibak met zandige grond en laat ze buiten overwinteren. Het duurt vier tot zes jaar voor ze bloeien.

Hoe komt een Tulipa humilis de winter door?

Winterhard tot −25 °C.

  • Volledig winterhard, tot ongeveer −25 °C: in België heb je geen bescherming nodig.
  • De grootste vijand is natte wintergrond: zorg voor goede afwatering, want in water rot de bol.
  • In een pot: gebruik een vorstbestendige pot met gaten en zet hem tegen een muur of onder een dakrand, zodat hij niet doorweekt raakt.

Ziektes en plagen

  • Bolrot: In natte, koude grond worden de bollen zacht en schimmelig. Verwijder ze en plant op een drogere plek met grind of grof zand.
  • Tulpenvuur: Een schimmelziekte: bruine vlekken op het blad, vervormde scheuten en grijze schimmel. Verwijder aangetaste planten en bollen en plant enkele jaren geen tulpen meer op die plek.
  • Knaagdieren: Muizen en eekhoorns graven bollen op of eten ze. Plant in een mandje van kippengaas of leg er gaas overheen.
  • Slakken: Ze vreten jonge scheuten in een zachte lente. Raap ze ’s avonds weg of leg een barrière van scherp grind.
  • Geen bloei in het tweede jaar: Meestal te vroeg blad afgeknipt, te veel schaduw of te natte grond. Laat het blad staan en kies een zonnige, droge plek.

Het jaar rond

  • Maart: Begin van de bloei: de bloemen openen in de zon.
  • April: Bloei. Verwelkte bloemen weghalen; blad laten staan.
  • Mei: Blad laten afsterven. Niet meer water geven.
  • Juni: Afgestorven blad opruimen en de plek markeren.
  • Juli: Rustperiode, droog houden. Eventueel plukken rooien en broedbolletjes afnemen.
  • Augustus: Rust. Nieuwe bollen kiezen.
  • September: Eerste bollen planten, als de grond niet meer kurkdroog is.
  • Oktober: Planten, 8–10 cm diep, in groepjes.
  • November: Laatste plantmaand voor de echte vorst.
  • December: Rust. Controleer of er geen water blijft staan op de plek.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Niet eetbaar. Tulpen zijn giftig, vooral de bollen: ze geven braken en diarree, ook bij paarden en bij katten en honden die bollen opgraven of eraan knagen. Een tulpenbol lijkt op een ui of sjalot, maar ruikt er niet naar als je hem doorsnijdt. Bewaar bollen die je na de bloei opgraaft dus nooit bij de groenten in de keuken, de kelder of de berging, en zet er een etiket bij. Wie veel bollen hanteert, kan huiduitslag krijgen (tulpenvingers): draag handschoenen bij het planten. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De soortnaam humilis is Latijn voor ‘laag’ of ‘bescheiden’, en slaat op haar kleine gestalte.
  • Veel tuintulpen stammen af van wilde soorten uit de bergen van Centraal- en West-Azië.
  • De bloemen sluiten zich bij grijs, koud weer en openen pas helemaal in de zon.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…