Sneeuwbal (Viburnum dentatum)

Foto: Ted Bodner, Southern Weed Science Society/James H. Miller, USDA Forest Service, CC BY 3.0 us · bron

Heester · Viburnaceae

Sneeuwbal

Viburnum dentatum

In andere talen: Viorne dentée (Français) · Arrowwood (English)

De tandige sneeuwbal komt uit het oosten van Noord-Amerika, waar hij langs beken en in vochtige bossen groeit. Het is een stevige, breed uitgroeiende struik met glanzend, grof getand blad dat in de herfst geel tot rood en bordeauxrood kleurt. In mei–juni draagt hij platte schermen met kleine witte bloemen, gevolgd door blauwzwarte besjes die vogels graag eten. Hij is volledig winterhard tot −35 °C, verdraagt ook natte grond en is daardoor een sterke keuze voor een natuurlijke haag of een wilde border. Bekende rassen zijn ‘Blue Muffin’ en ‘Chicago Lustre’.

Let op: Hij vormt wortelopslag en kan met de tijd een brede groep worden. Plant hem niet vlak naast een gazon of pad dat je netjes wilt houden en steek ongewenste uitlopers elk jaar af.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal tot nat

    mag niet uitdrogen

  • Grond

    Elke tuingrond

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -35 °C

  • Grootte

    3 m

    hoog, 3 m breed

  • Bloei

    mei–juni

Feiten op een rij
Snoeimaandenmaart en juni
Hoogte3 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen en vogels
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeimei–juni

Herkennen

Hoe herken je een sneeuwbal?

Groeivorm
Breed uitgroeiende struik van 2–3 m hoog en breed met veel rechte stengels vanaf de voet.
Blad
Eirond tot rond, 5–10 cm, grof getand met opvallende parallelle nerven; glanzend groen, in de herfst geel tot rood en bordeauxrood.
Bloem
Platte schermen van 5–10 cm breed met kleine witte bloemen, in mei–juni.
Vrucht
Kleine, blauwzwarte bessen van 0,5–1 cm in september–oktober.
Wortels
Vezelig, met uitlopers: er komt wortelopslag en met de jaren een dichte groep.

Bloei: mei–juni · Planten: maart–april en oktober–november · Snoeien: maart en juni

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Drie seizoenen mooi: witte schermen in mei–juni, blauwzwarte bessen in het najaar en een rode herfstkleur.
  • Bijen en andere insecten bezoeken de bloemen; vogels eten de bessen.
  • Verdraagt ook natte grond, wat voor veel struiken een probleem is.
  • Volledig winterhard en heel sterk: er is geen bijzondere zorg nodig.
  • Mooi in een natuurlijke haag of een vogelvriendelijke border.

Waar staat een sneeuwbal graag?

  • Zon tot halfschaduw; in de zon zijn de bloei en de herfstkleur het rijkst.
  • Zand, leem, klei of veenachtige grond, zuur tot kalkrijk. Humusrijk en vochthoudend is het best.
  • Normale tot natte grond; hij verdraagt tijdelijk water rond de wortels, bijvoorbeeld bij een vijver of in een lage hoek.
  • Heel winterhard: beschutting is niet nodig.
  • Reken op 2–3 m ruimte; in een natuurlijke haag plant je om de 1–1,5 m.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem, klei of veen
Zuurtegraad
Niet kieskeurig
Vocht
Normaal of nat
Grootte
3 m hoog, 3 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -35 °C)

Mooi samen met

  • Gelderse roos: Een inheemse struik voor dezelfde natuurlijke haag, met rode bessen.
  • Rode kornoelje: Rode stengels in de winter, ook goed op vochtige grond.
  • Moerasspirea: Wit gebloemd en geurend, voor een natte hoek aan de voet.
  • Hazelaar: Een stevige struik voor een vogelvriendelijke haag.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een sneeuwbal?

Planten in maart–april en oktober–november.

  1. Plant in maart–april of in oktober–november, als de grond niet bevroren of te nat is.
  2. Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en maak de zijkanten los.
  3. Meng de uitgegraven grond met compost, zeker op arme zandgrond.
  4. Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond aan.
  5. Geef meteen een flinke gieter water en houd de grond het eerste jaar vochtig.
  6. Leg een laag mulch van 5–8 cm rond de voet.

Verzorgen

Water
Het eerste jaar wekelijks bij droogte. Daarna redt hij zich meestal zelf; geef water in lange hete perioden.
Bemesten
In het voorjaar een schep compost of organische mest is genoeg.
Mulchen
Een laag bladcompost in het voorjaar houdt de grond koel en vochtig.
Bessen
Je krijgt meestal meer bessen als je twee of meer struiken dicht bij elkaar plant: ze bestuiven elkaar.
Wortelopslag
Steek uitlopers die je niet wilt in het voorjaar af met een spade.

Tip: Plant minstens twee struiken bij elkaar voor meer bessen voor de vogels en geef hem een plek waar de grond niet uitdroogt.

Wanneer snoei je een sneeuwbal?

Snoeimaanden: maart en juni.

Wanneer: Na de bloei, in juni, voor een lichte bijsnoei. Een grondige verjonging doe je in maart.

Hoe:

  • Knip te lange of uitstekende takken terug tot een zijtak om de vorm te houden.
  • Haal dode, zwakke en kruisende stengels helemaal aan de voet weg.
  • Verjong een oude struik door in maart elk jaar een derde van de oudste stengels laag bij de grond af te zagen.
  • Steek wortelopslag rond de struik af.

Let op: Hij bloeit op takken van vorig jaar: een flinke snoeibeurt in het voorjaar kost bloemen en bessen.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zachte stekken
In juni–juli: stekken van 10–12 cm van jonge, nog groene scheuten, onderste bladeren weg, in vochtige stekgrond onder plastic. Na enkele weken zitten er wortels aan.
Afsteken
In het voorjaar of najaar een bewortelde uitloper met een spade afsteken en meteen verplanten.
Zaaien
Het zaad heeft een koude periode nodig en kiemt traag, soms pas na twee winters. Het is geen snelle methode.

Hoe komt een sneeuwbal de winter door?

Winterhard tot −35 °C.

  • Volledig winterhard tot ongeveer −35 °C: ook in strenge Belgische winters is geen bescherming nodig.
  • Laat de bessen hangen: vogels eten ze in het najaar en de vroege winter.
  • In een pot (kies een compact ras): zet de pot tegen een muur en wikkel hem in jute, zodat de wortels niet bevriezen.

Ziektes en plagen

  • Bladkevers: Het blad krijgt gaatjes door larven (mei–juni) en kevers (later). Raap larven af en knip in de winter takken met rijtjes eitjes weg.
  • Meeldauw: Wit poeder op het blad bij droogte en weinig luchtcirculatie. Geef water aan de voet, laat ruimte tussen de planten en knip aangetaste bladeren weg.
  • Weinig bessen: Meestal komt dat doordat er maar één struik staat of door late vorst tijdens de bloei. Een tweede struik ernaast helpt.
  • Bladluis: Op jonge scheuten in mei. Spuit ze af met water of laat lieveheersbeestjes hun werk doen.

Het jaar rond

  • Maart: Planten. Eventueel verjongen door een derde van de oudste stengels weg te nemen. Compost geven.
  • April: Planten en mulchen. Wortelopslag afsteken.
  • Mei: Eerste bloemen: bijen komen op bezoek.
  • Juni: Bloei. Na de bloei licht bijsnoeien. Zachte stekken nemen.
  • Juli: Water geven bij droogte. Zachte stekken nemen.
  • September: De bessen rijpen en de vogels komen.
  • Oktober: Planten. De herfstkleur begint: rood tot bordeauxrood.
  • November: Planten. Het blad valt.

Gebruiken

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Vogels
Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De rechte, stevige stengels werden door de inheemse volkeren van Noord-Amerika voor pijlen gebruikt, vandaar de Engelse naam ‘arrowwood’.
  • De soortnaam dentatum betekent ‘getand’ en verwijst naar de getande bladranden.
  • In zijn thuisland groeit hij vaak langs beken en in vochtige bossen, wat verklaart waarom hij natte grond verdraagt.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…