Twee op een rij
Zwarte els of witte els? Zo zie je het verschil
Alnus glutinosa · Alnus incana
Een zwarte els herken je aan het ronde blad met een afgeronde of ingedeukte top, kleverig jong blad en een donkere, gescheurde schors; een witte els heeft spits, dubbel gezaagd blad met een grijs behaarde onderkant en een gladde, lichtgrijze schors.
Kijk naar de bladtop en de stam. Rond en ingedeukt, met een donkere stam: zwarte els. Spits, onderaan grijsgroen behaard, met een gladde, lichtgrijze stam: witte els, ook grauwe els genoemd.
| Zwarte els | Witte els | |
|---|---|---|
| Blad | Verspreid, rond tot omgekeerd eivormig, 4–10 cm, dubbel gezaagd, top afgerond of ingedeukt. Jong blad kleverig. | Verspreid, 5–10 cm, eivormig met spitse top, scherp dubbel gezaagd; onderzijde grijsgroen en zacht behaard. Niet kleverig. |
| Bloei | Lange hangende mannelijke katjes al in februari. | Hangende mannelijke katjes in februari–maart, vóór het blad. |
| Vrucht | Houtige kegeltjes (elzenproppen) van 1–2 cm. | Houtige elzenproppen van 1–1,5 cm, zittend of kort gesteeld, in groepjes. |
| Schors | Donkergrijs tot zwartbruin, in kleine plaatjes gescheurd. Knoppen paars en gesteeld. | Glad en lichtgrijs, ook bij oudere bomen; twijgen behaard. |
| Vorm en hoogte | Loofboom, 15–25 m | Loofboom, 10–20 m |
| Standplaats | Zon of halfschaduw, elke tuingrond, vochtig tot nat | Zon of halfschaduw, elke tuingrond, droog tot nat |
| Inheems in België | Ja | Nee, ingeburgerd |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor vlinders en vogels | – |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend | Niet als giftig bekend |
| Snoeimaanden | November–maart | November–maart |
Het beste kenmerk per seizoen
- Lente
- Beide bloeien al in februari–maart met lange hangende katjes, vóór het blad. Het jonge blad van de zwarte els kleeft, dat van de witte els niet.
- Zomer
- Draai een blad om: bij de witte els grijsgroen en zacht behaard, bij de zwarte els groen met plukjes haar in de nerfoksels.
- Herfst
- Elzen verkleuren nauwelijks: het blad valt groen af. De elzenproppen van de witte els zitten meestal zittend of kort gesteeld in groepjes; die van de zwarte els hangen aan duidelijke steeltjes.
- Winter
- Beide houden hun houtige elzenproppen de hele winter. De knoppen van de zwarte els zijn paars en gesteeld; de twijgen van de witte els zijn behaard en de stam blijft glad en lichtgrijs.
Waar groeien ze?
De zwarte els is inheems: de boom van beekoevers, broekbossen, natte weiden en slootkanten. De witte els groeit van nature in de bergen en langs rivieren in Midden- en Noord-Europa; bij ons is hij aangeplant als pionier en windscherm, en hier en daar ingeburgerd. Hij verdraagt ook drogere, arme grond.
Welke kies je voor je tuin?
- Heb je natte grond, een beek of een poel, kies dan de inheemse zwarte els, vrij uitgroeiend of als hakhout of knotboom. Hij voedt veel insecten, en sijsjes en putters eten de zaadjes uit de proppen.
- De witte els past als windscherm of pionier op drogere, arme grond, maar vormt worteluitlopers: niet vlak naast een gazon of border. Het stuifmeel van beide kan in februari–maart al hooikoorts geven.
Wist je dat? Beide elzen halen stikstof uit de lucht dankzij bacteriën in knolletjes op hun wortels: zo groeien ze op grond waar andere bomen honger lijden.
Verder lezen
- Fiche: Zwarte els
- Fiche: Witte els
- Zwarte els snoeien: wanneer en hoe
- Witte els snoeien: wanneer en hoe
- Determinatietabel

