Zandmuur (Arenaria serpyllifolia)

Foto: AnRo0002, CC0 · bron

Kruidachtige plant · Anjerfamilie (Caryophyllaceae)

Zandmuur

Arenaria serpyllifolia

In andere talen: Sabline à feuilles de serpolet (Français) · Thyme-leaved sandwort (English)

Komt in België in het wild voor.

Zandmuur is een klein, fijn eenjarig plantje van 5–25 cm uit de anjerfamilie, met piepkleine, eironde, grijsgroene blaadjes en witte sterretjes van amper 5–8 mm. Het groeit op droge, open en zonnige plekken: zandige bermen, akkers, duinen, muren, spoorwegterreinen en de voegen van stoepen en terrassen. In België is het algemeen, maar je stapt er vaak over zonder het te zien. Je herkent het aan de sterk vertakte, wat ruwe stengeltjes met tegenoverstaande, zittende blaadjes die op tijmblaadjes lijken, en aan de witte kroonblaadjes die korter zijn dan de spitse kelkblaadjes. Het is een echte pionier die kale grond snel bezet en zich met zijn talrijke zaadjes elk jaar opnieuw uitzaait.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Droog

    verdraagt droogte

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -20 °C

  • Grootte

    0,15 m

    hoog, 0,15 m breed

  • Bloei

    april–september

Feiten op een rij
Hoogte0,15 m
Inheems in BelgiëJa
Bloeiapril–september

Herkennen

Zo herken je hem

Groeivorm
Eenjarig of overwinterend eenjarig kruid van 5–25 cm, vanaf de voet sterk vertakt, liggend tot opstijgend; vormt losse, grijsgroene bosjes.
Blad
Tegenoverstaand, zittend, eirond en spits, 3–7 mm, grijsgroen en kort behaard, wat ruw aanvoelend. Lijkt op een tijmblaadje.
Bloem
Wit, 5–8 mm breed, met vijf ongedeelde kroonblaadjes die korter zijn dan de vijf spitse kelkblaadjes. Bloeit van april tot september.
Vrucht/Zaad
Een eivormig tot flesvormig doosvruchtje dat bovenaan opengaat met zes tandjes, vol kleine, donkerbruine, niervormige zaadjes.
Stengel
Dun, rond, fijn kort behaard en wat stijf; niet sappig.
Verwarring met
Vogelmuur heeft diep ingesneden witte kroonblaadjes, sappige stengels met één haarlijn en grotere, lichtgroene blaadjes. Drienerfmuur heeft grotere, gesteelde blaadjes met drie nerven en groeit in bossen. Fijne zandmuur, soms als aparte soort gezien, is nog tengerder, met kleinere bloempjes en smalle, rechte doosvruchtjes.

Bloei: april–september

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een pionier van kale, droge grond: hij bedekt open zand en grind en houdt het een beetje vast.
  • De kleine bloempjes worden bezocht door kleine vliegjes, zweefvliegjes en andere kleine insecten, al is hij geen grote nectarbron.
  • De vele kleine zaadjes zijn voedsel voor zaadetende insecten en kleine zaadetende vogels.
  • Een plantje voor een droge, zonnige rotstuin, een grindtuin of de voegen van een terras, waar weinig anders groeit.
  • Weinig werk en geen woekeraar: hij blijft klein en is makkelijk weg te halen waar hij niet hoort.

Waar staat een zandmuur graag?

  • In het wild op droge, open, zonnige plekken: zandige en kalkrijke bermen, akkers, duinen, groeves, spoorwegterreinen, muren en voegen van verharding.
  • Volle zon; in de schaduw verdwijnt hij snel.
  • Droge, arme, goed doorlatende grond: zand, grind, kalk of stenig puin. Op rijke, vochtige grond wordt hij overgroeid.
  • In de tuin: in een grindtuin of rotstuin, op een droge muur of in de voegen van een terras of pad.

Mooi samen met

  • Muurpeper: Gele sterren op dezelfde droge, zonnige plek, op zand en grind.
  • Zandblauwtje: Blauwe bolletjes op arme zandgrond in de zomer.
  • Grasklokje: Fijne, blauwe klokjes in een droge, schrale berm.
  • Gewone reigersbek: Ook een kleine pionier van open zandgrond, met roze bloempjes.
  • Hazenpootje: Zachte, grijsroze klaverkopjes op droge zandgrond.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een zandmuur?

  1. Meestal komt zandmuur vanzelf op kale, zonnige grond. Wil je hem zaaien, koop dan zaad van inheemse planten bij een gespecialiseerde zadenhandel.
  2. Zaai in september–oktober of in maart–april op kale, droge grond, grind of zand.
  3. Strooi het fijne zaad dun en druk het aan, maar bedek het niet of nauwelijks.
  4. Hou de grond alleen de eerste weken na het zaaien licht vochtig; daarna heeft hij geen water nodig.
  5. Laat de plek open: geen mulch, geen compost en geen hoge planten eromheen.
  6. Graaf geen planten uit in het wild; dat is ook niet nodig, want hij zaait zich makkelijk zelf uit.

Verzorgen

Water
Niet nodig: hij groeit juist op droge plekken.
Bemesten
Nooit: op voedselrijke grond wordt hij verdrongen door grotere planten.
Wieden
Hou de plek open: trek grote, sterke planten weg die hem overschaduwen.
Woekeren
Geen probleem: hij is klein en makkelijk met de hand weg te halen. In de voegen van een pad stoort hij niet.
Zaad laten vallen
Laat de plantjes afrijpen tot de doosvruchtjes open zijn: zo komt hij elk jaar terug.

Tip: Laat in een grindpad of op een terras een strookje voegen ongemoeid: daar komen zandmuur, muurpeper en andere kleine pioniers vanzelf op, en je hebt een mini-natuurgebied zonder werk.

Snoeien en maaien

Wanneer: Niet nodig: zandmuur is eenjarig en sterft na de zaadzetting vanzelf af.

Hoe:

  • Laat de plantjes staan tot ze verdroogd zijn en het zaad gevallen is.
  • Ruim de dorre plantjes daarna op, of laat ze gewoon liggen: ze verteren snel.
  • Maai of schoffel niet tijdens de bloei als je hem wilt houden.

Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaad
Hij zaait zich vanzelf uit. Wil je hem naar een andere plek brengen, schud dan in de zomer rijpe, droge plantjes uit boven kale grond, of zaai verzameld zaad in de herfst.

Hoe komt een zandmuur de winter door?

Winterhard tot −20 °C.

  • Plantjes die in de herfst kiemen, overwinteren als kleine groene bosjes en bloeien vroeg in het voorjaar.
  • Winterhard: de kleine plantjes verdragen strenge vorst.
  • Zaad in de grond overleeft de winter en kiemt in het voorjaar.

Ziektes en plagen

  • Overgroeid: Op te rijke grond of tussen hoge planten verdwijnt hij. Hou de plek arm en open.
  • Ongewenst in paden: Zie je hem liever niet in de voegen, trek hem dan uit voor het zaad rijp is of krab de voegen schoon. Gebruik geen onkruidverdelgers.
  • Verwarring bij het wieden: Zandmuur lijkt op vogelmuur, maar is fijner, grijzer en ruwer, en groeit op arme, droge grond. Kijk goed voor je wiedt.
  • Weg na een jaar: Normaal voor een eenjarige: zonder kale grond om in te kiemen komt hij niet terug. Krab de grond in de herfst wat open.

Het jaar rond

  • Maart: Zaaien op kale, droge grond. Overwinterde plantjes groeien weer.
  • April: Eerste bloempjes aan overwinterde plantjes.
  • Mei: Volle bloei; kleine vliegjes op de bloemen.
  • Juni: Bloei en eerste rijpe doosvruchtjes.
  • Juli: Het zaad rijpt; plantjes laten afrijpen.
  • Augustus: Bloei van later gekiemde plantjes. Dorre plantjes laten liggen.
  • September: De bloei loopt af. Zaaien; nieuwe zaailingen kiemen.
  • Oktober: Zaaien. Jonge plantjes overwinteren.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Arenaria komt van het Latijnse arena, zand: de plant groeit vooral op zandige plekken. Serpyllifolia betekent ‘met blad als van wilde tijm’ (Thymus serpyllum).
  • Veel kleine anjerachtigen dragen in het Nederlands de naam ‘muur’, zoals vogelmuur, grote muur en grasmuur. Die naam heeft niets met een stenen muur te maken: hij is verwant aan het Duitse ‘Miere’.
  • Het doosvruchtje gaat bovenaan open met zes tandjes; bij wind of een tik worden de zaadjes eruit gestrooid, zoals uit een peperbus.

Meer soorten uit Europa · Alle soorten

Laden…