
Foto: vinceconnare, CC BY 2.0 · bron
Klimplant · Vlinderbloemenfamilie (Fabaceae)
Reukerwt
Lathyrus odoratus
In andere talen: Pois de senteur (Français) · Sweet pea (English)
Komt in het wild voor in Europa, maar niet in België.
De reukerwt is een eenjarige klimplant uit Zuid-Italië en Sicilië, al meer dan drie eeuwen geliefd om zijn geurige bloemen. Hij groeit bij ons niet in het wild, maar is een klassieker in moestuinen, pluktuinen en tegen tuinhekken. Je herkent hem aan de behaarde, gevleugelde stengels, het blad met één paar deelblaadjes en een rank, en de grote vlinderbloemen in wit, roze, rood, paars of tweekleurig, van juni tot in september. Hoe meer je plukt, hoe langer hij bloeit. Hommels bezoeken vooral de eenvoudige, oude rassen.
Let op: De zaden en peulen zijn giftig. Bewaar zaad buiten het bereik van kinderen en huisdieren en verwar de peulen nooit met eetbare erwten.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Winterhard
tot -5 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
2 m
hoog, 0,3 m breed
Bloei
juni–september
| Snoeimaanden | april en juni–september |
|---|---|
| Hoogte | 2 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Bloei | juni–september |
Herkennen
Zo herken je hem
- Groeivorm
- Eenjarige klimplant van 1,5–2 m (dwergrassen 30–60 cm), die zich met ranken vasthoudt.
- Stengel
- Gevleugeld en, net als het blad, zacht behaard.
- Blad
- Eén paar eironde deelblaadjes van 3–6 cm met daartussen een vertakte rank.
- Bloem
- Vlinderbloemen van 2,5–5 cm, met enkele per steel, in wit, roze, rood, zalm, paars of tweekleurig; sterk geurend; van juni tot september.
- Vrucht
- Behaarde peul van 5–7 cm met enkele ronde, bruingrijze zaden.
- Verwarring met
- Doperwt heeft blad met meerdere paren deelblaadjes, grote steunblaadjes en kale peulen. Brede lathyrus is een vaste plant zonder geur, met kale stengels.
Bloei: juni–september · Snoeien: april en juni–september
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de best geurende bloemen in de tuin en een ideale snijbloem: elke plukbeurt geeft nieuwe knoppen.
- Bloeit drie maanden lang, van juni tot september, als je regelmatig plukt.
- Snel resultaat: in één seizoen een groene wand of een bloeiend hek van 1,5–2 m.
- Oude, eenvoudige rassen geuren het sterkst en trekken hommels.
- Legt stikstof vast: na de teelt laat hij rijkere grond achter in de moestuin.
- Een plant met een lange geschiedenis, van een Siciliaanse monnik tot de eerste proeven in de erfelijkheidsleer.
Waar staat een reukerwt graag?
- In het wild in Zuid-Italië en Sicilië, op zonnige plekken in struikgewas; bij ons alleen in tuinen.
- Volle zon, liefst met een koele voet.
- Diepe, humusrijke, vochthoudende grond, rijk aan compost en niet zuur.
- Een plek met een rek, gaas, takken of een tipi van bamboestokken om tegen te klimmen.
Mooi samen met
- Goudsbloem: Een makkelijke eenjarige voor de voet, ook als snijbloem.
- Pronkboon: Klimt mee in de moestuin en trekt ook hommels.
- Cosmea: Een snijbloem die tegelijk bloeit, in roze en wit.
- Oost-Indische kers: Een lage, kleurrijke bloeier aan de voet in de moestuin.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een reukerwt?
- Koop zaad bij een tuincentrum of kweker, of ruil met andere tuiniers. Haal nooit planten uit het wild.
- Week de zaden een nacht in lauw water, of maak harde, donkere zaden aan één kant wat ruw.
- Zaai in oktober–november in diepe potjes in een koude bak of onverwarmde serre, of in februari–maart binnen; buiten ter plaatse zaaien kan in april.
- Knip de top af boven het derde of vierde bladpaar zodra de plantjes 10 cm hoog zijn: zo vertakken ze beter.
- Plant uit in april, op 20–25 cm van elkaar, aan de voet van een klimrek van minstens 1,8 m hoog.
- Geef meteen water en houd de grond daarna altijd vochtig.
Verzorgen
- Water
- Regelmatig en ruim, vooral in droge zomers: droogte stopt de bloei en maakt hem vatbaar voor meeldauw.
- Bemesten
- Compost bij het planten; in de bloeitijd om de twee weken een organische vloeibare mest voor bloeiende planten.
- Plukken
- Pluk om de paar dagen: zodra er peulen vormen, stopt de plant met bloeien.
- Opbinden
- Leid jonge stengels naar het rek en bind ze losjes vast tot de ranken zich vasthaken.
- Mulchen
- Een laag compost of grasmaaisel op de voet houdt de wortels koel en vochtig.
Tip: Pluk elke twee à drie dagen een boeket: zolang de plant geen peulen maakt, blijft hij bloemen geven tot in september.
Snoeien en maaien
Snoeimaanden: april en juni–september.
Wanneer: Toppen in april; uitgebloeide bloemen weghalen van juni tot september.
Hoe:
- Knip jonge plantjes boven het derde of vierde bladpaar af voor meer stengels.
- Pluk om de paar dagen bloemen of knip uitgebloeide bloemen weg, voor er peulen vormen.
- Ruim de planten na de bloei op; de wortels met knolletjes mag je in de grond laten.
Let op: Laat je peulen rijpen voor zaad, dan stopt de bloei op die stengels.
Vermeerderen
- Zaad
- Laat in augustus enkele peulen van de mooiste planten rijpen tot ze bruin en droog zijn, en bewaar de zaden droog voor volgend jaar. Reukerwten bestuiven zichzelf grotendeels, dus eigen zaad komt meestal vrij zuiver terug.
Hoe komt een reukerwt de winter door?
Winterhard tot −5 °C: beschermen in strenge winters.
- Eenjarig: na de bloei sterft de plant af en ruim je hem op.
- Najaarszaailingen overwinteren in een koude bak of onverwarmde serre; ze verdragen lichte vorst tot ongeveer −5 °C.
- Bewaar je zaad droog, koel en buiten het bereik van muizen.
Ziektes en plagen
- Slakken: Eten kiemplanten en jonge scheuten. Plant stevige, voorgekweekte planten uit en raap slakken ’s avonds.
- Muizen: Halen zaad uit de potjes. Zaai binnen of dek de potjes af met gaas.
- Meeldauw: Wit poeder op het blad laat in de zomer, vooral bij droogte. Water geven, ruimte laten en aangetaste bladeren wegknippen.
- Bladluis: Op toppen en knoppen. Lieveheersbeestjes helpen; anders afspuiten met water.
- Knopval: Knoppen vallen af bij kou, droogte of grote temperatuurschommelingen. Water geven en geduld: meestal gaat het vanzelf over.
Het jaar rond
- Februari: Binnen zaaien in diepe potjes.
- Maart: Zaaien. Najaarszaailingen laten wennen aan buiten.
- April: Toppen. Uitplanten tegen een rek. Buiten zaaien.
- Mei: Opbinden. Slakken in de gaten houden.
- Juni: Begin van de bloei. Plukken.
- Juli: Volle bloei. Om de paar dagen plukken en water geven.
- Augustus: Bloei. Enkele peulen laten rijpen voor zaad.
- September: Laatste bloemen. Zaad oogsten.
- Oktober: Zaaien in potjes in een koude bak.
- November: Zaaien in een koude bak.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In 1699 stuurde de Siciliaanse monnik Franciscus Cupani zaden van de wilde reukerwt naar Engeland. Het oude ras ‘Cupani’ lijkt nog sterk op die wilde vorm.
- Rond 1900 vond men in de tuinen van Althorp in Engeland een reukerwt met een golvende vlag; daaruit ontstonden de grote Spencer-rassen.
- Rond 1905 ontdekten de Britse genetici Bateson en Punnett met reukerwten dat sommige erfelijke eigenschappen samen worden doorgegeven.