
Foto: MPF, CC BY-SA 3.0 · bron
Snoeigids · Loofboom
Gewone esdoorn snoeien: wanneer en hoe
Acer pseudoplatanus
Een gewone esdoorn snoei je weinig, en dan in de zomer of de vroege herfst, juli–oktober: geef een jonge boom één doorgaande stam, en zaag grote takken in drie stappen, net buiten de takkraag.
De gewone esdoorn is een van de meest voorkomende bomen bij ons, ijzersterk en snel. Hij wordt 25–35 m hoog met een kroon tot 18 m breed: te groot voor een gewone tuin. Zijn plaats is in een park, een houtkant of een windscherm. Een boom die vrij mag uitgroeien, heeft weinig snoei nodig. Het werk zit vooral in de eerste jaren, als je de boom vorm geeft, en in het wegnemen van zaailingen, die overal opschieten.
| Snoeimaanden | juli–oktober |
|---|---|
| Broedseizoen (15 maart–15 augustus) | Let op in juli–augustus |
| Bloei | mei |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vogels |
| Inheems in België | Nee, ingeburgerd |
Wanneer snoei je een gewone esdoorn?
Snoei in de zomer of de vroege herfst, juli–oktober, als de boom in blad staat. Wonden sluiten dan het snelst.
Snoei niet in de late winter en het voorjaar: dan staat de sapstroom op gang en bloedt een esdoorn hevig uit elke wonde.
Kleine zaailingen trek je het hele jaar uit, liefst in het voorjaar als de grond vochtig is en ze nog klein zijn.
Wat snoei je nog in die maanden? juli · augustus · september · oktober
Hoe snoei je een gewone esdoorn?
- Geef een jonge boom één doorgaande stam: knip een tweede, concurrerende top weg, en takken die elkaar kruisen.
- Kroon geleidelijk op: haal elk jaar hoogstens een of twee van de onderste takken weg, tot je de gewenste doorgang hebt.
- Zaag een grote tak in drie stappen: eerst een insnede onderaan, een eind van de stam, dan de tak zelf iets verder, en tot slot de stomp net buiten de takkraag, de verdikking aan de voet van de tak. Zaag nooit vlak tegen de stam.
- Takken dikker dan 10 cm en werk in de hoogte laat je over aan een boomverzorger.
- In een houtkant kan je een esdoorn om de 8–15 jaar afzetten tot een lage stomp (hakhout): hij loopt vlot weer uit.
- Zie je onder losgekomen schors een zwarte, roetachtige laag, dan is dat roetschorsziekte. Zaag dan niet zelf: de sporen zijn schadelijk voor de longen. Laat een vakman met beschermingsmiddelen de boom vellen.
Hoeveel snoei je, en hoe vaak?
- Een volwassen boom: zo weinig mogelijk. Neem nooit meer dan een kwart van de kroon in één jaar weg.
- Een jonge boom: elk jaar een beetje vormsnoei, tot hij een goede stam en kroon heeft.
- Zaailingen: allemaal, behalve die ene die je bewust laat staan.
Wat merkt de natuur ervan?
- Juli en begin augustus vallen nog in het broedseizoen (tot 15 augustus): kijk vóór de snoei of er geen vogels in de kroon nestelen, en wacht anders tot later in augustus.
- In april–mei zijn de hangende bloemtrossen een belangrijke bron van nectar en stuifmeel voor honingbijen, hommels en wilde bijen.
- De bladluizen in de zomer zijn voedsel voor lieveheersbeestjes, zweefvlieglarven en mezen. Oude esdoorns met holtes zijn broedplaatsen voor spechten, mezen en vleermuizen: laat zo’n holte zitten als ze geen gevaar is.
- Zaden en zaailingen zijn giftig voor paarden (weidemyopathie): plant hem niet bij een paardenweide, en houd paarden weg van gevallen zaad.
Veelgemaakte fouten
- In de late winter of het voorjaar snoeien, zodat de boom hevig bloedt.
- Een volwassen boom kandelaberen of fors innemen omdat hij te groot is: hij schiet dan in een bos zwakke takken weer uit. Kies liever een kleinere boom.
- Een grote tak in één keer of vlak tegen de stam afzagen, zodat de schors inscheurt of de wonde niet sluit.
- Zelf zagen in een boom met roetschorsziekte.
Let op: Snoei niet in de late winter en de lente: dan bloedt hij hevig. Zie je onder losgekomen schors een zwarte, roetachtige laag (roetschorsziekte)? Zaag dan niet zelf: de sporen zijn schadelijk voor de longen.
In de buurt: verwante snoeigidsen
Lijkt op: Verschil met Noorse esdoorn · Verschil met witte esdoorn · Verschil met plataan · Verschil met amberboom