Gewone esdoorn (Acer pseudoplatanus)

Foto: MPF, CC BY-SA 3.0 · bron

Loofboom · Zeepboomfamilie (Sapindaceae)

Gewone esdoorn

Acer pseudoplatanus · ook: Ahorn, Bergesdoorn

De gewone esdoorn is een van de meest voorkomende bomen bij ons. Oorspronkelijk komt hij uit de bergen van Midden- en Zuid-Europa, maar hij is overal ingeburgerd. Hij wordt 25–35 m hoog, met een brede, dichte kroon, groot vijflobbig blad en hangende trossen geelgroene bloemen. Hij is ijzersterk, verdraagt wind en zeelucht en zaait zich overal uit met zijn ‘helikoptertjes’. Let op: zaden en zaailingen zijn giftig voor paarden. Met een kroon tot 18 m breed is hij te groot voor een gewone tuin: zijn plaats is in een park, een houtkant of een windscherm.

Let op: Zaden en zaailingen bevatten hypoglycine A, dat bij paarden atypische myopathie (weidemyopathie) veroorzaakt: een spierziekte die vaak dodelijk is, vooral in de herfst en het voorjaar. Plant hem niet bij een paardenweide en houd paarden weg van gevallen zaad en zaailingen.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Elke tuingrond

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    In heel België

    geen bescherming nodig

  • Grootte

    25–35 m

    hoog

  • Bloei

    mei

Feiten op een rij
Snoeimaandenjuli–oktober
Hoogte25–35 m
Inheems in BelgiëNee, ingeburgerd
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen en vogels
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeimei

Herkennen

Hoe herken je een gewone esdoorn?

Groeivorm
Grote boom van 25–35 m met een brede, gewelfde, dichte kroon.
Blad
Tegenoverstaand, 10–20 cm, met 5 lobben die grof en onregelmatig gezaagd zijn; onderzijde grijsgroen. Bladsteel vaak rood, zonder melksap.
Schors
Grijs, bij oudere bomen in platen afschilferend. Knoppen groen.
Bloem
Geelgroene bloemen in hangende trossen, met het blad.
Vrucht
Gevleugelde nootjes met vleugels in een scherpe tot rechte hoek.
Verschil met de Noorse esdoorn
De Noorse esdoorn heeft lange spitse tanden aan de lobben en melksap in de bladsteel.
Verschil met de plataan
Bij de plataan staan de bladeren verspreid.

Bloei: mei · Snoeien: juli–oktober

Herkennen per kenmerk: Handvormig blad · Tegenoverstaande bladeren · Hangende bloemtrossen · Gevleugelde zaadjes · Afbladderende schors

Lijkt op, maar is het niet

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • IJzersterk: verdraagt wind, zeelucht en bijna elke grond, en is daardoor een goede boom voor een windscherm.
  • Bloemen voor bijen in april–mei.
  • Groeit snel en geeft veel schaduw in een park of een grote tuin.
  • Zeer gewaardeerd hout, voor vioolbodems, meubels en snijplanken.

Waar staat een gewone esdoorn graag?

  • Zon tot halfschaduw; jonge bomen verdragen veel schaduw.
  • Bijna elke grond, liefst vochtig en vruchtbaar; geen grond die lang onder water staat.
  • Verdraagt wind en zeelucht: geschikt voor een windscherm aan de kust of in open land.
  • Reken op een kroon tot 18 m breed: enkel voor een park, een ruime tuin, een houtkant of een windscherm, en nooit naast een paardenweide.
Licht
Zon of halfschaduw
Grond
Elke tuingrond
Vocht
Normaal
Grootte
30 m hoog, 18 m breed
Winterhard
In heel België, geen bescherming nodig

Mooi samen met

  • Hazelaar: Een inheemse struik voor de onderlaag van een houtkant of windscherm.
  • Hulst: Wintergroen en schaduwverdragend onder een dichte kroon.
  • Bosanemoon: Bloeit in het voorjaar, voor de kroon zich sluit.
  • Gewone vlier: Groeit snel mee in een windscherm en geeft bloesem en bessen.

Past goed bij, en liever niet bij

Past goed bij

Liever niet bij

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een gewone esdoorn?

  1. Plant van november tot maart, als wortelgoed of met kluit.
  2. Plant hem niet bij een weide of paddock met paarden, ook niet net over de afsluiting: de zaden waaien ver.
  3. In een windscherm of houtkant: zet de bomen ruim uit elkaar en vul aan met inheemse struiken.
  4. Zet een steunpaal aan de windkant en geef ruim water na het planten.

Verzorgen

Water
Het eerste jaar bij droogte; daarna redt hij zich.
Bemesten
Niet nodig.
Zaailingen
Verwijder zaailingen tijdig in de tuin: ze zaaien overal op en zijn na een paar jaar diep geworteld.
Paarden
Staan er gewone esdoorns bij een weide, raap dan in de herfst de zaden op, verwijder in het voorjaar de zaailingen en geef extra hooi als er weinig gras is.

Tip: Wil je een esdoorn in een kleine tuin, kies dan de trage, kleine ‘Brilliantissimum’ met zalmroze jong blad – maar ook dat is een gewone esdoorn: niet bij paarden.

Wanneer snoei je een gewone esdoorn?

Snoeimaanden: juli–oktober.

Wanneer: In de zomer of vroege herfst (juli–oktober).

Hoe:

  • Snoei weinig; geef een jonge boom vorm met één doorgaande stam.
  • Verwijder zaailingen tijdig in de tuin, ze zaaien overal op.
  • Zaag grote takken in drie stappen, net buiten de takkraag.

Let op: Snoei niet in de late winter en de lente: dan bloedt hij hevig. Zie je onder losgekomen schors een zwarte, roetachtige laag (roetschorsziekte)? Zaag dan niet zelf: de sporen zijn schadelijk voor de longen.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaaien
Meestal niet nodig: hij zaait zichzelf overal uit. Wil je toch zaaien, zaai de nootjes dan in de herfst buiten.
Enten
Sierlijke vormen zoals ‘Brilliantissimum’, met zalmroze jong blad, worden geënt; dat is werk voor de kweker.

Hoe komt een gewone esdoorn de winter door?

Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.

  • Volledig winterhard, ook op open, winderige plekken.
  • In de winter herken je hem aan de dikke, groene knoppen en de schilferende schors van oudere bomen.

Ziektes en plagen

  • Teervlekkenziekte: Grote zwarte vlekken op het blad in de late zomer. Onschuldig; hark het blad in de herfst op.
  • Roetschorsziekte: Na hete, droge zomers sterven takken af, de schors komt los en eronder zit een zwarte, roetachtige sporenlaag. De sporen zijn schadelijk voor de longen: laat de boom door een vakman met beschermingsmiddelen vellen.
  • Bladluizen en honingdauw: Kleverige druppels op auto’s, banken en terras onder de boom. Lastig maar onschuldig.
  • Zaailingen: Honderden zaailingen in borders, hagen en tussen de tegels. Trek ze jong uit.

Het jaar rond

  • Maart: Laatste maand om te planten.
  • April: Bloei in hangende trossen met het blad; zaailingen kiemen: verwijder ze bij paardenweides.
  • Mei: Zaailingen wieden in de tuin en bij weides.
  • Juli: Zomersnoei: de goede tijd voor esdoorns.
  • Augustus: Zomersnoei; teervlekken op het blad.
  • September: Snoei kan nog; de ‘helikoptertjes’ rijpen.
  • Oktober: Zaden waaien uit: houd paarden weg van gevallen zaad. Laatste maand voor de snoei.
  • November: Plantseizoen begint; blad met teervlekken opruimen.

Gebruiken

Wat kan je ermee?

Hout
Zeer gewaardeerd hout: vioolbodems (gevlamde esdoorn), meubels en snijplanken.
Eten en drinken
Het voorjaarssap kan je indikken tot stroop, al is het minder zoet dan dat van de suikeresdoorn.
Voor de natuur
Bloemen voor bijen.

Let op: Zaden en zaailingen zijn giftig voor paarden (atypische myopathie). Plant hem niet bij paardenweides.

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Lieveheersbeestjes
Bladluizen op de plant zijn voedsel voor lieveheersbeestjes en hun larven.
Vogels
Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Zaait zich overal uit: de ‘helikoptertjes’ zweven ver weg op de wind.
  • Gevlamd esdoornhout is geliefd voor de rug van violen.
  • Het voorjaarssap kan je indikken tot stroop, al is het minder zoet dan dat van de suikeresdoorn.
  • De naam pseudoplatanus betekent ‘valse plataan’, naar het blad.
  • De Engelse naam ‘sycamore’ ontstond door verwarring met de moerbeivijg uit de Bijbel (Ficus sycomorus); pseudoplatanus betekent ‘valse plataan’.
  • De zwarte vlekken die je in de nazomer vaak op het blad ziet, zijn teervlekkenziekte: een onschuldige schimmel die gevoelig is voor luchtvervuiling met zwaveldioxide.

Alle soorten · Determinatietabel · Snoeikalender

Laden…