
Foto: Ivar Leidus, CC BY-SA 4.0 · bron
Vaste plant · Ranunculaceae
Gele anemoon
Anemone ranunculoides
In andere talen: Anémone fausse-renoncule (Français) · Yellow wood anemone (English)
De gele anemoon is een inheemse voorjaarsbloeier van loofbossen, hellingbossen en beekdalen in grote delen van Europa, ook in België, waar hij vooral op vruchtbare, kalkhoudende grond groeit. Uit een kruipende wortelstok verschijnen van maart tot mei stengeltjes van 10–15 cm met een krans van drie diep ingesneden bladeren en een of twee boterbloemgele bloempjes. Hij lijkt sterk op de witte bosanemoon, maar is minder algemeen. Na de bloei trekt hij in de vroege zomer in. Tuiniers waarderen hem omdat hij onder bomen en struiken langzaam een geel bloementapijt vormt, op een plek waar later in het jaar schaduw valt.
Let op: Alle delen zijn giftig, zoals bij de meeste ranonkelachtigen. Het sap kan de huid irriteren en de plant kan bij opeten ziek maken. Hou kinderen, honden, katten en grazende dieren zoals konijnen en cavia’s uit de buurt en draag handschoenen bij het delen.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Leem of klei
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
Volledig winterhard
tot -35 °C
Grootte
0,15 m
hoog, 0,3 m breed
Bloei
maart–mei
| Hoogte | 0,15 m |
|---|---|
| Inheems in België | Ja |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | maart–mei |
Herkennen
Hoe herken je een gele anemoon?
- Groeivorm
- Lage, kruipende plant van 10–15 cm hoog die zich via de wortelstok langzaam uitbreidt tot een tapijt.
- Blad
- Een krans van drie handvormig, diep ingesneden bladeren halverwege de stengel; frisgroen.
- Bloem
- Boterbloemgeel, 1,5–2 cm breed, met 5–8 bloemblaadjes, meestal een of twee per stengel, van maart tot mei.
- Wortelstok
- Dun, bruin en kruipend, net onder het grondoppervlak; droogt snel uit als hij bloot ligt.
- Seizoen
- Een echte voorjaarsplant: in juni vergeelt het blad en trekt hij volledig in.
Bloei: maart–mei · Planten: maart en september–oktober
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de eerste bloeiers onder bomen en struiken, van maart tot mei.
- Inheems: vroege bijen, hommels en zweefvliegen vinden er stuifmeel.
- Vormt na enkele jaren een laag, bloeiend tapijt dat de grond bedekt.
- Trekt in de zomer in, zodat hij niet concurreert met de zomerplanten in de schaduwborder.
- Weinig werk: eenmaal gevestigd zorgt hij voor zichzelf.
Waar staat een gele anemoon graag?
- Halfschaduw of lichte schaduw onder loofbomen en struiken: in het voorjaar licht, in de zomer schaduw.
- Humusrijke, vruchtbare leem- of kleigrond, neutraal tot kalkrijk.
- Normaal vochtig, zeker in het voorjaar; in de zomer mag het droger, als het blad ingetrokken is.
- Plant 10–15 cm uit elkaar, in een groep: na enkele jaren groeien de plantjes aan elkaar.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Leem of klei
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,15 m hoog, 0,3 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -35 °C)
Mooi samen met
- Bosanemoon: De witte zus: samen geven ze een wit-geel tapijt.
- Holwortel: Paarse of witte trosjes in dezelfde periode en op dezelfde kalkhoudende grond.
- Sneeuwklokje: Bloeit net voor hem, zodat het voorjaar vroeg begint.
- Longkruid: Blauwroze bloemen en gevlekt blad dat de zomer door blijft.
- Varens: Vullen de plek als de anemoon in de zomer intrekt.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een gele anemoon?
Planten in maart en september–oktober.
- Plant wortelstokjes in september–oktober, of planten in pot in maart.
- Leg droge wortelstokjes een nacht in lauw water: ze zijn vaak uitgedroogd.
- Maak de grond los en meng er bladcompost door.
- Leg de wortelstokjes horizontaal, 3–5 cm diep, en dek ze af met losse, humusrijke grond.
- Hou 10–15 cm afstand en plant in groepjes.
- Geef water en leg een laag bladcompost of gehakseld blad als mulch.
Verzorgen
- Water
- Alleen bij droogte in het voorjaar, tijdens de groei en de bloei.
- Bemesten
- Niet nodig: een laag bladcompost of gevallen blad in de herfst volstaat.
- Blad
- Laat het afstervende blad liggen: de plant bouwt er reserves mee op.
- Wieden
- Hou de plek vrij van gras en woekerende planten. Schoffel er niet, want de wortelstokken zitten ondiep.
- Herfstblad
- Laat afgevallen blad van de bomen liggen: het is natuurlijke mulch en voeding.
Tip: Plant hem tussen varens of hosta’s, die pas goed uitlopen als hij uitgebloeid is: zo is de plek in het voorjaar geel en in de zomer groen. Laat het herfstblad van de bomen liggen, dat is de beste mulch.
Wanneer snoei je een gele anemoon?
Wanneer: Hij hoeft niet gesnoeid te worden. Laat het blad na de bloei vanzelf afsterven.
Hoe:
- Uitgebloeide bloemen wegknippen is niet nodig; laat ze staan voor zaad.
- Verdord blad verdwijnt meestal vanzelf; je kunt het ook wegnemen als het helemaal bruin is.
- Draag handschoenen als je aan de plant werkt: het sap kan de huid irriteren.
Let op: Knip of maai het groene blad niet weg voor het vanzelf vergeelt: dan wordt de plant zwakker.
Vermeerderen
- Delen
- Na de bloei, als het blad begint te vergelen in mei–juni, of in september: een stuk tapijt uitsteken, de wortelstokken in stukken met elk een knop verdelen en meteen elders planten.
- Zaaien
- Zaai vers zaad meteen na het rijpen in een pot met humusrijke grond die buiten blijft staan. Het kiemt traag en zaailingen bloeien pas na enkele jaren.
Hoe komt een gele anemoon de winter door?
Winterhard tot −35 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −35 °C: geen bescherming nodig.
- De wortelstok overwintert in de grond; in februari–maart verschijnen de eerste scheuten.
- Een laag bladcompost of afgevallen blad in de herfst is genoeg, zoals op een bosbodem.
Ziektes en plagen
- Geen opkomst: Uitgedroogde wortelstokjes komen vaak niet op. Koop ze vers, week ze een nacht en plant ze meteen, of kies planten in pot.
- Slakken: Vreten aan jonge bladeren en bloemknoppen. Raap ze ’s avonds.
- Verdrongen: Gras en sterke bodembedekkers groeien over het tapijt. Wied op tijd en kies rustige buren.
- Weinig bloei: In droge, schrale grond blijft hij klein en bloeit hij weinig. Verbeter de grond met bladcompost en geef water in het voorjaar.
Het jaar rond
- Februari: De eerste scheuten verschijnen.
- Maart: Begin van de bloei. Planten in pot planten.
- April: Volle bloei. Water geven bij droogte.
- Mei: Einde van de bloei. Blad laten staan.
- Juni: Het blad vergeelt. Delen kan nu.
- September: Wortelstokjes planten of delen.
- Oktober: Wortelstokjes planten. Afgevallen blad laten liggen.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Alle delen van deze voorjaarsbloeiers zijn giftig, vooral vers: als de plant beschadigd wordt, komt protoanemonine vrij, een scherpe stof die ook in boterbloemen zit en in de mond een brandend gevoel, braken en buikpijn geeft, en op de huid roodheid en blaartjes. Pluk in het voorjaar geen blad van bosanemoon, gele anemoon, leverbloempje of wildemanskruid als groenvoer voor konijnen of cavia’s: ze kunnen er ernstig ziek van worden. Leverbloempje en wildemanskruid werden vroeger als geneesmiddel gebruikt; maak er zelf geen thee of middeltjes van. Houd jonge kinderen, honden en katten weg, laat kinderen geen bloemen in de mond steken, en draag handschoenen bij het verplanten en scheuren. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Met de witte bosanemoon vormt hij soms een natuurlijke kruising met lichtgele bloemen, Anemone × lipsiensis.
- De soortnaam ranunculoides betekent ‘lijkend op een boterbloem’, naar de gele bloemen.
- Hij geldt als oudbosplant: hij breidt zich heel traag uit en groeit vooral in bossen die al heel lang bestaan.