
Foto: Kristian Peters -- Fabelfroh 18:35, 10 August 2006 (UTC), CC BY-SA 3.0 · bron
Siergras · Cyperaceae
Boszegge
Carex sylvatica
In andere talen: Laîche des bois (Français) · Wood sedge (English)
De boszegge is een inheemse zegge uit vochtige loofbossen in bijna heel Europa, ook in de Vlaamse bossen. Hij vormt losse, groenblijvende pollen van smalle, zachte, frisgroene bladeren die sierlijk overhangen. In mei en juni verschijnen dunne stengels met bovenaan een smalle mannelijke aar en daaronder enkele slanke, hangende vrouwelijke aren op lange steeltjes. Tuiniers waarderen hem omdat hij het goed doet in diepe schaduw, onder bomen en op zware grond, waar een gazon of de meeste siergrassen het laten afweten. In groepen geplant vormt hij een rustige, natuurlijke groene ondergroei.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Leem of klei
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
0,5 m
hoog, 0,4 m breed
Bloei
mei–juni
| Snoeimaanden | maart en juli |
|---|---|
| Hoogte | 0,5 m |
| Inheems in België | Ja |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | mei–juni |
Herkennen
Hoe herken je een boszegge?
- Groeivorm
- Losse, groenblijvende pol van 30–50 cm hoog en ongeveer 40 cm breed.
- Blad
- Smal, 3–6 mm breed, zacht en frisgroen, sierlijk overhangend.
- Bloem
- In mei–juni: een smalle, bruinige mannelijke aar bovenaan en enkele slanke, groene vrouwelijke aren op lange, hangende steeltjes.
- Stengel
- Dun en driekantig, vaak schuin of boogvormig.
- Zaad
- Kleine nootjes in de zomer; hij zaait zich matig uit.
- Wortels
- Dichte, vezelige wortelkluit zonder lange uitlopers.
Bloei: mei–juni · Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: maart en juli
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de weinige grasachtige planten die het goed doen in diepe schaduw.
- Het hele jaar groen: een rustige achtergrond voor voorjaarsbloeiers en varens.
- Inheems en dus ideaal voor een natuurlijke schaduw- of bostuin.
- In groepen een zachte, groene ondergroei onder bomen en heesters.
- Compact en bescheiden: hij overwoekert zijn buren niet.
- Weinig werk: enkel wat opruimen in het voorjaar.
Waar staat een boszegge graag?
- Halfschaduw tot diepe schaduw; volle zon is te droog en te fel.
- Leem- of kleigrond, humusrijk, neutraal tot kalkrijk.
- Normaal vochtige grond die in de zomer niet helemaal uitdroogt.
- Plant op 30–40 cm afstand, in groepjes van drie of meer voor een natuurlijk effect.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Leem of klei
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,5 m hoog, 0,4 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Wijfjesvaren: Fijn, luchtig varenblad in dezelfde schaduw, een klassieke bosbodemcombinatie.
- Bosanemoon: Witte voorjaarsbloemen tussen de pollen, voor de bomen in blad komen.
- Lievevrouwebedstro: Een inheemse bodembedekker met witte stervormige bloempjes in mei.
- Salomonszegel: Boogvormige stengels met hangende witte klokjes in mei.
- Sneeuwklokje: Vroege witte bloemen in februari, als de zegge de enige groene plant is.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een boszegge?
Planten in maart–mei en september–oktober.
- Plant in maart–mei of in september–oktober, als de grond vochtig is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de pot en meng er wat bladcompost door.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Houd 30–40 cm tussen de planten, ongeveer 7–9 planten per m².
- Giet goed aan en houd de grond de eerste weken vochtig.
- Leg een laagje bladcompost of gehakseld blad rond de planten, zoals de bosbodem.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte water geven. Eens ingeworteld redt hij zich, behalve in lange droge zomers.
- Bemesten
- Niet nodig. Laat afgevallen blad in de herfst liggen: dat wordt vanzelf humus.
- Opruimen
- Kam in maart het dode blad met gehandschoende vingers uit de pol.
- Bloeistengels
- Wil je geen zaailingen, knip de uitgebloeide stengels dan in juli aan de voet af.
- Mulchen
- Een laag bladcompost in het voorjaar houdt de grond koel en vochtig.
Tip: Plant boszegge in groepen tussen varens en voorjaarsbloeiers en laat het herfstblad liggen: zo krijg je zonder moeite een natuurlijke, groene bosbodem.
Wanneer snoei je een boszegge?
Snoeimaanden: maart en juli.
Wanneer: Een groenblijvende zegge die je niet terugknipt. In maart ruim je dood blad op; in juli kun je de uitgebloeide stengels wegknippen.
Hoe:
- Kam of trek het dode blad in maart voorzichtig uit de pol en laat het groene blad staan.
- Knip de bloeistengels na de bloei aan de voet af als je zaailingen wilt beperken.
- Ziet een oude pol er erg rommelig uit, scheur hem dan in het voorjaar in plaats van hem kort te knippen.
Vermeerderen
- Scheuren
- In maart–april of september: graaf de pol op, trek of snijd hem in stukken met wortels en blad, en plant ze meteen weer.
- Zaaien
- Zaai vers zaad in de herfst in een pot en laat die buiten overwinteren. Zaailingen in de tuin kun je jong verplanten.
Hoe komt een boszegge de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −25 °C: in België is geen bescherming nodig.
- Het blad blijft groen; tegen het einde van de winter ziet het er soms wat moe uit, maar het loopt in het voorjaar fris uit.
- Laat afgevallen boomblad tussen de pollen liggen als natuurlijke deken.
Ziektes en plagen
- Uitdroging: Bruin, slap blad in droge zomers, vooral onder bomen. Geef water en mulch met bladcompost.
- Rommelige pol: Veel dood blad na enkele jaren. Kam de pol uit in maart of scheur hem.
- Roest: Oranjebruine puistjes op het blad. Knip aangetaste bladeren weg; meestal is het onschuldig.
- Zaailingen: Op een goede plek verschijnen jonge plantjes. Wied ze of verplant ze naar een plek waar je ze wilt.
Het jaar rond
- Maart: Dood blad uitkammen. Planten of scheuren.
- April: Planten of scheuren. Mulch van bladcompost geven.
- Mei: Bloei: slanke, hangende aren.
- Juni: Einde bloei. Water geven bij droogte.
- Juli: Uitgebloeide stengels afknippen als je geen zaailingen wilt.
- Augustus: Water geven bij lange droogte.
- September: Planten of scheuren.
- Oktober: Planten. Afgevallen blad laten liggen.
- December: Groen blad in de schaduwtuin. Niet terugknippen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- ‘Sylvatica’ is Latijn voor ‘van het bos’: de naam verwijst naar zijn natuurlijke groeiplaats.
- Boszegge groeit vaak in oude loofbossen en langs bospaden, en geldt in delen van Europa als een aanwijzing voor oud bos.
- Zeggen horen niet bij de grassenfamilie maar bij de cypergrassenfamilie, net als papyrus.