
Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.5 · bron
Heester · Lamiaceae
Kansenboom
Clerodendrum trichotomum
In andere talen: Clérodendron (Français) · Harlequin glorybower (English)
De kansenboom komt uit China, Korea en Japan. Het is een grote, brede struik of kleine boom van 3–4 m met groot, zacht blad dat een vreemde geur afgeeft als je het kneust. In augustus en september draagt hij losse trossen witte, stervormige bloemen met lange meeldraden die heerlijk zoet geuren en vlinders en bijen lokken. Daarna volgt het echte spektakel: glanzende, turkooisblauwe bessen in stervormige, karmijnrode kelken. Weinig struiken bloeien zo laat en geven zo’n opvallende herfsttooi.
Let op: Vormt wortelopslag, soms meters van de struik, ook in het gazon of tussen andere planten. Plant hem niet in een kleine border of vlak naast een terras, en trek of steek de uitlopers elk jaar weg voor ze zich vestigen.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
tot -18 °C
jonge planten beschermen
Grootte
4 m
hoog, 4 m breed
Bloei
augustus–september
| Snoeimaanden | april–mei |
|---|---|
| Hoogte | 4 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | augustus–september |
Herkennen
Hoe herken je een kansenboom?
- Groeivorm
- Brede struik of kleine boom met een ronde kroon, 3–4 m hoog en even breed.
- Blad
- Groot, eirond, 10–20 cm, zacht behaard; ruikt onaangenaam als je het kneust. Loopt laat uit in het voorjaar.
- Bloem
- Wit, stervormig, ongeveer 3 cm breed, met lange meeldraden, in losse trossen; zoet geurend, in augustus–september.
- Vrucht
- Glanzende, turkooisblauwe bessen van ongeveer 1 cm in een stervormige, karmijnrode kelk, in september–oktober.
- Wortels
- Breed uitlopend; vormt soms wortelopslag op enige afstand van de struik.
Bloei: augustus–september · Planten: april–mei · Snoeien: april–mei
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een late bloei in augustus–september, als de meeste struiken uitgebloeid zijn.
- Sterk en zoet geurende bloemen die vlinders en bijen aantrekken.
- Een unieke herfsttooi van turkooisblauwe bessen in rode, stervormige kelken.
- Groeit vlot en is mooi als solitair of als kleine boom met een brede kroon.
- Herstelt goed na een strenge winter: bevroren takken lopen vanuit de basis opnieuw uit.
Waar staat een kansenboom graag?
- Volle zon of halfschaduw; in de zon bloeit hij rijker en zet hij meer bessen.
- Elke goed doorlatende, voedzame grond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk.
- Normaal vochtig, op een beschutte plek uit de koude oostenwind, die jonge takken kan doen bevriezen.
- Reken op 3–4 m ruimte en hou er rekening mee dat er opslag kan verschijnen in het gazon of de border rond de struik.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 4 m hoog, 4 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -18 °C)
Mooi samen met
- Herfstaster: Bloeit tegelijk en lokt dezelfde vlinders.
- Hemelsleutel: Platte roze schermen aan de voet, druk bezocht door vlinders in september.
- Japanse anemoon: Roze of witte bloemen in de nazomer, ook in halfschaduw.
- Prachtriet: Siergras met pluimen in de herfst, als achtergrond voor de blauwe bessen.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een kansenboom?
Planten in april–mei.
- Plant in april–mei, zodat de plant voor de winter goed geworteld is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er wat compost door.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Hou minstens 2 m afstand tot andere struiken en gebouwen.
- Geef meteen een flinke gieter water en het eerste jaar regelmatig bij droogte.
- Leg een laag mulch rond de voet; die beschermt de wortels in de eerste winter.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar regelmatig bij droogte; daarna alleen in lange droge periodes.
- Bemesten
- In april een laag compost of wat organische mest.
- Mulchen
- Een laag bladcompost of houtsnippers in de herfst beschermt de wortels van jonge planten.
- Wortelopslag
- Trek uitlopers uit zodra je ze ziet, of steek ze af met een spade.
- Geduld
- Hij loopt pas in mei uit. Wacht tot dan om te beoordelen welke takken bevroren zijn.
Tip: Trek wortelopslag gewoon uit zodra je hem ziet; dan blijft de struik netjes op zijn plek. Snoei bevroren takken pas weg als je ziet welke takken uitlopen, eind april of in mei.
Wanneer snoei je een kansenboom?
Snoeimaanden: april–mei.
Wanneer: Snoei eind april of in mei, als je ziet welke takken uitlopen. Hij bloeit op nieuwe scheuten, dus voorjaarssnoei kost geen bloemen.
Hoe:
- Knip bevroren en dode takken terug tot aan gezond hout of een uitlopende knop.
- Wil je een boompje, kies dan één of enkele stammen en verwijder de lage zijtakken en de opslag.
- Haal wortelopslag het hele jaar door weg, aan de voet en in het gazon.
Let op: Snoei niet te vroeg: in maart en begin april is nog niet te zien welke takken leven.
Vermeerderen
- Wortelopslag
- In het voorjaar een uitloper met een stuk wortel afsteken en oppotten of meteen elders planten.
- Wortelstekken
- In de winter stukjes wortel van 5–8 cm horizontaal in een pot met stekgrond leggen, onder een dun laagje grond. In het voorjaar lopen ze uit.
- Stekken
- In juli halfrijpe stekken van 10–15 cm in vochtige stekgrond onder plastic.
Hoe komt een kansenboom de winter door?
Winterhard tot −18 °C: jonge planten beschermen.
- Winterhard tot ongeveer −18 °C. In een strenge Belgische winter kunnen jonge twijgen of zelfs de hele bovengrondse plant bevriezen, maar meestal loopt hij vanuit de basis opnieuw uit.
- Geef jonge planten in de herfst een dikke laag mulch rond de voet.
- Een beschutte plek tegen een muur of tussen andere struiken beperkt vorstschade.
Ziektes en plagen
- Wortelopslag: Scheuten die op afstand van de struik opduiken. Trek ze uit of steek ze af; in het gazon maai je ze gewoon mee.
- Bevroren takken: Kale, dode twijgen in mei. Knip ze terug tot gezond hout; de struik groeit snel bij.
- Weinig bessen: Na een koele zomer of op een te schaduwrijke plek. Een warme, zonnige plek helpt.
- Bladluis: Op jonge scheuten. Afspuiten met water; natuurlijke vijanden ruimen ze meestal op.
Het jaar rond
- Januari: Wortelstekken nemen.
- April: Planten. Compost geven. Eind april bevroren takken terugknippen.
- Mei: Late uitloop. Snoeien wat dood is. Wortelopslag weghalen.
- Juni: Water geven bij droogte. Wortelopslag weghalen.
- Juli: Halfrijpe stekken nemen. De bloemknoppen verschijnen.
- Augustus: Bloei: zoet geurend en vol vlinders.
- September: Laatste bloemen; de bessen kleuren turkoois.
- Oktober: Blauwe bessen in rode kelken. Mulch rond jonge planten.
- November: Bladval. De rode kelken sieren nog even.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vlinders
- Nectar voor dagvlinders.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De naam Clerodendrum komt van het Griekse kleros (lot, kans) en dendron (boom): ‘boom van het lot’. Daar komt ook de Nederlandse naam kansenboom vandaan.
- In Japan heet hij kusagi, ‘stinkende boom’, naar de geur van het gekneusde blad.
- In Japan werden de blauwe bessen vroeger gebruikt om stoffen lichtblauw te verven.