Foto: Ghislain118 http://www.fleurs-des-montagnes.net, CC BY-SA 3.0 · bron
Bol- of knolgewas · Iridaceae
Crocus ancyrensis
In andere talen: Crocus d’Ankara (Français) · Ankara crocus (English)
Crocus ancyrensis is een kleine, botanische krokus uit Centraal-Turkije, genoemd naar Ankara, dat vroeger Ancyra heette. Hij behoort tot de allervroegste krokussen: vaak al in februari openen zich uit elke knol meerdere kleine, warm oranjegele bloemetjes, net boven de grond. De bekende vorm ‘Golden Bunch’ geeft per knol tot tien bloemen. Op een zonnige dag gaan ze wijd open en zoemen de eerste bijen erin rond. Een vrolijk lichtpunt dicht bij het pad, in een rotstuin of in een pot bij de voordeur.
Let op: Krokusknollen bevatten stoffen die bij inslikken maag- en darmklachten veroorzaken. Verwar ze niet met de giftige herfsttijloos, die in de herfst bloeit. Houd de knollen weg van kinderen en huisdieren.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand of leem
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
0,08 m
hoog, 0,05 m breed
Bloei
februari–maart
| Hoogte | 0,08 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | februari–maart |
Herkennen
Hoe herken je een Crocus ancyrensis?
- Groeivorm
- Klein knolgewas van 5–8 cm hoog.
- Blad
- Smal, grasachtig, donkergroen met een witte middenstreep, verschijnt samen met de bloemen.
- Bloem
- Kleine, kelkvormige bloemen van 2–3 cm, diep oranjegeel, 3–10 per knol.
- Bloeitijd
- Februari en maart.
- Knol
- Kleine knol met een netvormige, vezelige huid.
Bloei: februari–maart · Planten: september–november
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de vroegste krokussen, vaak al in februari in bloei.
- Warm oranjegele bloemen die meteen opvallen in de kale wintertuin.
- Belangrijk vroeg voedsel voor bijen en hommelkoninginnen op zonnige dagen.
- Veel bloemen per knol, zeker bij ‘Golden Bunch’.
- Klein en makkelijk: geschikt voor een pot, een rotstuin of de rand van het gazon.
Waar staat een Crocus ancyrensis graag?
- Volle zon: de bloemen openen enkel in de zon.
- Goed doorlatende, lichte grond: zand of lichte leem, gerust kalkrijk.
- Droog tot normaal; in de zomer liefst droog.
- Vooraan in de border, in een rotstuin, in kort gras of in potten.
- Plant 50–100 knolletjes per m² voor een mooi effect.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand of leem
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 0,08 m hoog, 0,05 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Sneeuwklokje: Wit naast het warme oranjegeel in februari.
- Winterakoniet: Nog meer geel in dezelfde vroege weken.
- Iris reticulata: Diepblauwe dwergirissen als contrast.
- Blauwe krokus: Crocus tommasinianus in lila naast de oranjegele bloemen.
- Kerstroos: Witte of roze bloemen in dezelfde periode.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Crocus ancyrensis?
Planten in september–november.
- Plant de knolletjes in september–november.
- Zet ze 5–8 cm diep, op 3–5 cm afstand.
- In zware grond: wat grof zand onder en rond de knollen.
- Plant ze in groepjes dicht bij het pad of het raam, zodat je ze ziet.
- In een pot: een laag grind onderin en potgrond met zand.
Verzorgen
- Water
- Niet nodig in de volle grond; in een pot enkel bij droogte in het voorjaar.
- Bemesten
- Hoeft niet; een beetje compost in de herfst kan.
- Blad
- Laat het blad na de bloei afsterven: de knol haalt er zijn kracht uit.
- Maaien
- In gras: maai pas als het blad geel is, eind april–mei.
- Muizen
- Muizen eten graag krokusknollen; plant ze eventueel in een korfje.
Tip: Plant een pot vol bij de voordeur: in februari, als de tuin nog kaal is, heb je dan elke dag een warm welkom.
Wanneer snoei je een Crocus ancyrensis?
Wanneer: Snoeien is niet nodig.
Hoe:
- Laat de uitgebloeide bloemen gewoon zitten; ze verdwijnen vanzelf.
- Het blad sterft in april–mei vanzelf af.
Let op: Maai of knip het blad niet af zolang het groen is.
Vermeerderen
- Broedknolletjes
- Na enkele jaren vormen zich groepjes; graaf ze in de zomer op en verdeel ze.
- Zaaien
- Laat het zaad rijpen; de plant zaait zich op een zonnige, open plek soms vanzelf uit.
Hoe komt een Crocus ancyrensis de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Zeer winterhard, tot −25 °C.
- Geen bescherming nodig.
- De knol heeft een koude winter nodig om te bloeien.
- Natte grond in de zomer is gevaarlijker dan vorst.
Ziektes en plagen
- Verdwenen knollen: Muizen of eekhoorns hebben ze opgegraven. Plant in een korfje of onder een stukje gaas.
- Stukgepikte bloemen: Mussen pikken soms aan gele krokussen. Plant ze in grotere groepen.
- Weinig bloei: Te veel schaduw of het blad te vroeg afgemaaid. Kies een zonnige plek.
Het jaar rond
- Februari: Begin van de bloei. Bijen op zonnige dagen.
- Maart: Bloei loopt af.
- April: Blad sterft af.
- Mei: In gras maaien als het blad geel is.
- September: Knolletjes planten.
- Oktober: Knolletjes planten.
- November: Laatste knolletjes planten.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Krokussen zijn licht giftig: wie een knol of blad opeet, kan maag- en darmklachten krijgen, met braken en diarree, en ook honden en katten worden er ziek van. Honden graven pas geplante knollen soms op: plant ze waar je hond niet graaft, en bewaar losse knollen in een gelabeld zakje buiten het bereik van kinderen en huisdieren. De gele of oranje stempels in de bloem zijn geen saffraan: die komt enkel van de saffraankrokus (Crocus sativus), die in de herfst bloeit. Verwar krokussen ook niet met herfsttijloos (Colchicum), die soms herfstkrokus heet, maar geen krokus is en zeer giftig: een krokus heeft drie meeldraden, herfsttijloos zes. Koop of bewaar je ook knollen van herfsttijloos, houd ze dan apart en gelabeld. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Ankara heette in de oudheid Ancyra, vandaar de naam ancyrensis.
- Krokussen sluiten hun bloemen bij bewolkt weer en ’s nachts, om het stuifmeel droog te houden.