
Foto: Peter coxhead, CC BY-SA 3.0 · bron
Vaste plant · Berberidaceae
Elfenbloem
Epimedium × rubrum
In andere talen: Épimède rouge (Français) · Red barrenwort (English)
De elfenbloem Epimedium × rubrum is een tuinhybride van de Europese Epimedium alpinum en de Japanse Epimedium grandiflorum. Hij vormt een lage, dichte bodembedekker van hartvormige blaadjes op draadfijne stelen, die in het voorjaar roodgeaderd uitlopen en in de herfst opnieuw rood tot bronskleurig verkleuren. In april–mei zweven daarboven trosjes kleine, karmijnrode bloempjes met een geelwit hart en korte spoortjes. Tuiniers waarderen hem omdat hij in de schaduw onder bomen en struiken groeit, waar weinig andere planten het volhouden. Eenmaal ingeworteld verdraagt hij zelfs droge schaduw.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Leem of klei
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
0,3 m
hoog, 0,4 m breed
Bloei
april–mei
| Snoeimaanden | februari |
|---|---|
| Hoogte | 0,3 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | april–mei |
Herkennen
Hoe herken je een elfenbloem?
- Groeivorm
- Lage, dichte pollen van 25–30 cm hoog die zich langzaam uitbreiden met korte wortelstokken.
- Blad
- Samengesteld uit hartvormige blaadjes op draadfijne stelen; jong roodgeaderd, later groen, in de herfst rood tot bruinrood. Het blijft lang in de winter staan.
- Bloem
- Kleine, hangende bloempjes van 1–2 cm in losse trosjes op dunne stengels, tussen of net boven het blad.
- Kleur
- Karmijnrode kelkblaadjes met lichtgele tot witte kroonblaadjes en spoortjes.
- Wortels
- Taaie, kruipende wortelstokken; hij breidt zich traag uit en woekert niet.
Bloei: april–mei · Planten: maart–april en september–oktober · Snoeien: februari
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Groeit in de schaduw en verdraagt eenmaal ingeworteld zelfs droge grond onder bomen.
- Sierlijke rode bloempjes in april–mei, als veel struiken nog kaal zijn.
- Het blad is drie seizoenen mooi: roodgeaderd in het voorjaar, frisgroen in de zomer en rood tot brons in de herfst.
- Een dichte, lage bodembedekker die onkruid weinig kans geeft.
- Weinig werk: één keer per jaar het oude blad wegknippen.
Waar staat een elfenbloem graag?
- Halfschaduw tot schaduw, bijvoorbeeld onder bomen, heesters of aan de noordkant van het huis.
- Humusrijke leem- of kleigrond, zuur tot neutraal.
- Normaal vochtig tot droog: eenmaal ingeworteld verdraagt hij droge schaduw, maar het eerste jaar heeft hij water nodig.
- Beschut tegen felle middagzon en koude, droge wind, die het jonge blad doen verbranden.
- Plant op 30–40 cm afstand, zo’n 7–9 planten per m² voor een gesloten tapijt.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Leem of klei
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 0,3 m hoog, 0,4 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Varens: Fijn blad en dezelfde schaduwrijke plek.
- Nieskruid: Bloeit in de late winter, als de elfenbloem net is teruggeknipt.
- Longkruid: Gevlekt blad en blauwe of roze bloemen in hetzelfde seizoen.
- Bosanemoon: Witte sterretjes in het vroege voorjaar onder bomen.
- Kaukasische vergeet-mij-niet: Grote bladeren en hemelsblauwe bloempjes naast de rode.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een elfenbloem?
Planten in maart–april en september–oktober.
- Plant in maart–april of in september–oktober.
- Maak de grond los en meng er een paar scheppen bladcompost door, zeker onder bomen.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Houd 30–40 cm afstand tussen de planten.
- Geef meteen een flinke gieter water, en het hele eerste jaar bij droogte.
- Mulch met een laag bladcompost of fijne houtsnippers.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar regelmatig, zeker onder bomen. Daarna alleen bij lange droogte.
- Bemesten
- In het voorjaar, na het wegknippen van het oude blad, een laag bladcompost.
- Mulchen
- Laat afgevallen bladeren van bomen in de herfst gewoon tussen de planten liggen: dat is natuurlijke mulch.
- Oud blad
- Knip eind februari al het oude blad weg, voor de nieuwe bloemstengels verschijnen.
- Scheuren
- Om de paar jaar te grote of kale pollen scheuren.
Tip: Knip het oude blad eind februari weg, voor je de eerste bloemstengels ziet: zo knip je geen knoppen mee en staan de rode bloempjes in april vrij boven het nieuwe blad.
Wanneer snoei je een elfenbloem?
Snoeimaanden: februari.
Wanneer: Eind februari, voor de bloemstengels uitlopen.
Hoe:
- Knip al het oude blad vlak boven de grond weg met een schaar of heggenschaar.
- Zo zijn de rode bloempjes in april goed zichtbaar en komt het nieuwe, roodgeaderde blad mooi tot zijn recht.
- Knip niet te laat: als de bloemstengels al boven de grond staan, knip je ze gemakkelijk mee weg.
Vermeerderen
- Scheuren
- Na de bloei in mei–juni of in september: steek een pol uit, snijd of trek de wortelstokken uit elkaar met elk een paar knoppen, en plant de stukken meteen opnieuw.
- Afsteken
- Van een grote pol kun je aan de rand een stuk met wortels afsteken zonder de hele plant op te graven.
Hoe komt een elfenbloem de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Winterhard tot ongeveer −30 °C: in België is geen bescherming nodig.
- Het blad blijft lang in de winter staan en beschermt de wortelstokken; knip het pas eind februari weg.
- In een pot: zet hem in een beschutte hoek en wikkel de pot in jute bij strenge vorst.
Ziektes en plagen
- Taxuskever: Halvemaanvormige hapjes uit de bladranden; de larven vreten aan de wortels. Zet in het voorjaar of de late zomer aaltjes in tegen de larven.
- Verbrand jong blad: Bruine randen aan het jonge blad door late vorst, felle zon of droge wind. Kies een beschutte plek; de plant herstelt.
- Trage start: Het eerste jaar groeit hij traag en blijft het tapijt open. Geduld, water en compost helpen; na een paar jaar sluit hij.
- Onkruid: Zolang het tapijt niet gesloten is, groeit onkruid makkelijk tussen de pollen. Wied met de hand en mulch.
Het jaar rond
- Februari: Eind februari het oude blad wegknippen.
- Maart: Planten. Bladcompost geven.
- April: Bloei. Nieuw, roodgeaderd blad.
- Mei: Laatste bloemen. Na de bloei scheuren.
- Juni: Water geven bij droogte, zeker het eerste jaar.
- Augustus: Letten op taxuskever; eventueel aaltjes inzetten.
- September: Planten of scheuren.
- Oktober: Planten. Herfstkleur rood. Afgevallen bladeren laten liggen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Ondanks zijn sierlijke uiterlijk hoort de elfenbloem bij de berberisfamilie, net als de zuurbes.
- Epimedium × rubrum is een kruising tussen een Europese en een Japanse soort; het maalteken in de naam wijst op die kruising.
- Door de vorm van de bloem heet het geslacht in het Engels ook bishop’s hat, naar een bisschopsmuts.