
Foto: by Thomas Moore ; edited by John Lindley ; nature-printed by Henry Bradbury., Public domain · bron
Varen · Cystopteridaceae
Gebogen driehoeksvaren
Gymnocarpium dryopteris
In andere talen: Gymnocarpe dryoptéris (Français) · Oak fern (English)
De gebogen driehoeksvaren is een kleine, inheemse bosvaren die in de koele, gematigde streken van Europa, Azië en Noord-Amerika voorkomt, ook in België. Hij wordt maar 15–25 cm hoog en kruipt met dunne wortelstokken door losse, humusrijke bosgrond. De zachte, frisgroene bladeren zijn driehoekig en staan bijna horizontaal op een dun, opgaand steeltje, zodat ze samen een luchtig tapijt vormen. In de herfst sterft het blad af en in april–mei verschijnt het nieuwe blad. Tuinliefhebbers gebruiken hem als fijne bodembedekker in de schaduw, onder struiken en bomen of tussen stenen.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of veen
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -35 °C
Grootte
0,25 m
hoog, 0,5 m breed
| Hoogte | 0,25 m |
|---|---|
| Inheems in België | Ja |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een gebogen driehoeksvaren?
- Groeivorm
- Lage, kruipende varen van 15–25 cm hoog die langzaam een tapijt vormt van 50 cm breed en meer.
- Blad
- Driehoekig, twee- tot drievoudig geveerd, zacht en dun; het onderste paar deelblaadjes is groot, zodat het blad uit drie driehoekjes lijkt te bestaan.
- Kleur
- Frisgroen tot geelgroen. Het blad sterft in de herfst af.
- Bladsteel
- Dun, recht en vaak langer dan het blad zelf, waardoor het blad als een schermpje boven de grond staat.
- Sporen
- Kleine, ronde sporenhoopjes zonder dekvliesje onder het blad; varens bloeien niet.
- Wortels
- Dunne, kruipende, donkere wortelstokjes vlak onder het oppervlak.
Planten: maart–mei en september–oktober
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een fijne, frisgroene bodembedekker voor zure, humusrijke grond in de schaduw.
- Inheems: hij past perfect in een natuurlijke bostuin of schaduwrijke natuurtuin.
- Het lichte, bijna zwevende blad brengt licht en rust in donkere hoekjes.
- Klein en niet opdringerig: ideaal tussen stenen, langs een pad of onder struiken.
- Bijna geen werk: het oude blad vergaat vanzelf, snoeien is niet nodig.
Waar staat een gebogen driehoeksvaren graag?
- Halfschaduw tot schaduw, bijvoorbeeld onder loofbomen of aan de noordkant van een muur.
- Losse, humusrijke en zure tot neutrale grond: zand, leem of veen, liefst met veel bladcompost. Geen kalk.
- Normaal vochtig: koel en vochthoudend, maar niet nat en zeker niet uitdrogend.
- Een beschutte plek zonder harde wind en zonder concurrentie van sterke woekeraars.
- Plant 25–30 cm uit elkaar; zo sluit het tapijt na twee à drie jaar.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of veen
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,25 m hoog, 0,5 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -35 °C)
Mooi samen met
- Bosanemoon: Bloeit in maart–april, voor het varenblad zich ontrolt, in dezelfde bosgrond.
- Witte klaverzuring: Een lage, inheemse bodembedekker voor zure, beschaduwde bosgrond.
- Dalkruid: Een klein, inheems bosplantje met witte aartjes in mei, op dezelfde zure grond.
- Smalle beukvaren: Een andere kleine, kruipende inheemse varen die in de natuur vaak op dezelfde plekken groeit.
- Hosta: Grote, brede bladeren als rustig contrast met het fijne varenblad.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een gebogen driehoeksvaren?
Planten in maart–mei en september–oktober.
- Plant van maart tot mei of in september–oktober, als de grond niet bevroren of te droog is.
- Maak de grond los en meng er royaal bladcompost of fijngemaakte, verteerde boombladeren door.
- Graaf een ondiep plantgat iets breder dan de pot en leg de wortelstokjes vlak onder het oppervlak, niet dieper dan ze stonden.
- Houd 25–30 cm tussen de planten en druk de grond voorzichtig aan.
- Geef meteen ruim water, liefst regenwater, en houd de grond de eerste weken vochtig.
- Strooi een dun laagje bladcompost tussen de planten als mulch.
Verzorgen
- Water
- Bij droogte water geven, liefst regenwater: kraantjeswater bevat vaak kalk. De grond mag niet uitdrogen.
- Bemesten
- Niet nodig: een laagje bladcompost in het voorjaar volstaat. Geen kunstmest en geen kalk.
- Mulchen
- Laat afgevallen boombladeren liggen: ze vergaan tot de losse bosgrond waarin deze varen het best groeit.
- Wieden
- Wied voorzichtig met de hand tussen de jonge planten tot het tapijt gesloten is; schoffelen beschadigt de wortelstokjes.
- Oud blad
- Het blad vergaat in de herfst en winter vanzelf. Laten liggen.
Tip: Geef hem zure, losse grond met veel bladcompost en laat afgevallen blad gewoon liggen: zo maak je de bosgrond na waarin hij in de natuur groeit. Giet met regenwater.
Wanneer snoei je een gebogen driehoeksvaren?
Wanneer: Snoeien is niet nodig: het blad sterft in de herfst af en vergaat vanzelf tot een natuurlijke mulch.
Hoe:
- Laat het dode blad liggen: het beschermt de wortelstokjes en voedt de grond.
- Verdroogd blad in een droge zomer mag je wegknippen; de plant loopt het volgende voorjaar weer uit.
- Wordt het tapijt te breed, steek dan in het voorjaar de randen af met een spade.
Vermeerderen
- Delen
- In maart–april een stuk van het tapijt met wortelstokjes en wat grond afsteken en meteen elders planten. Goed water geven.
- Sporen
- In de zomer rijpe sporen verzamelen en uitzaaien op steriele, vochtige zaaigrond onder glas. Dat vraagt geduld: pas na enkele maanden verschijnen kleine varentjes.
Hoe komt een gebogen driehoeksvaren de winter door?
Winterhard tot −35 °C.
- Zeer winterhard, tot ongeveer −35 °C: in België is geen bescherming nodig.
- Het blad sterft in de herfst af; in de winter is er niets te zien. Markeer de plek, zodat je er in het voorjaar niet per ongeluk in spit.
- Laat afgevallen boombladeren op het tapijt liggen als natuurlijke winterdeken.
- In een pot: zet de pot beschut tegen een muur en laat de potgrond niet helemaal uitdrogen.
Ziektes en plagen
- Verdroogd blad: Bruin, verschrompeld blad in de zomer door droogte of te veel zon. Water geven, mulchen en eventueel verplanten naar een schaduwrijkere plek.
- Geel blad: Bleek, geel blad in kalkrijke grond of door kalkrijk kraantjeswater. Gebruik regenwater en meng veel bladcompost door de grond.
- Overwoekerd: Sterke buren of onkruid groeien over het tere tapijt heen. Geef de varen een eigen plek en wied met de hand.
- Slakken: Vreten soms aan het jonge blad in het voorjaar. Raap ze ’s avonds weg of lok ze met een plankje als schuilplaats.
Het jaar rond
- Maart: Planten. Bladcompost strooien.
- April: Nieuw blad ontrolt. Planten of delen.
- Mei: Planten. Slakken in de gaten houden.
- Juni: Water geven bij droogte, liefst regenwater.
- Juli: Water geven bij droogte. Rijpe sporen verzamelen.
- Augustus: Water geven bij droogte.
- September: Planten. Rijpe sporen verzamelen.
- Oktober: Planten. Het blad verkleurt en sterft af.
- November: Afgevallen boombladeren laten liggen als winterdeken.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Gymnocarpium betekent ‘naakte vrucht’: de sporenhoopjes onder het blad hebben geen beschermend dekvliesje.
- De soortnaam dryopteris betekent ‘eikvaren’, maar de plant groeit niet speciaal onder eiken.
- Het jonge blad ontrolt zich op een bijzondere manier: de drie delen van het blad rollen elk apart uit, als drie kleine balletjes op een steeltje.