
Foto: Hyougushi / Hideyuki KAMON from Takarazuka, Hyogo, JAPAN, CC BY-SA 2.0 · bron
Eenjarige plant · Caryophyllaceae
Eenjarig gipskruid
Gypsophila elegans
In andere talen: Gypsophile élégante (Français) · Annual baby’s breath (English)
Het eenjarig gipskruid (Gypsophila elegans) komt uit het Kaukasusgebied en is verwant aan de anjer. Op een luchtige, sterk vertakte plant van 40–50 cm hoog verschijnen in juni–augustus duizenden kleine, witte of lichtroze bloempjes in een wolk, boven smal, blauwgroen blad. Hij is een van de gemakkelijkste zomerbloeiers om te zaaien: hij groeit snel en bloeit al enkele weken na het zaaien. Als vulbloem in boeketten en als zachte wolk tussen zwaardere bloemen is hij onmisbaar. Omdat elke zaaiing maar enkele weken bloeit, zaai je om de drie weken opnieuw.
Let op: Giftig bij inname: de plant bevat saponinen. Laat kinderen en huisdieren (honden, katten) er niet op kauwen of van eten; dat kan buikklachten geven.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
tot -5 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
0,5 m
hoog, 0,3 m breed
Bloei
juni–augustus
| Hoogte | 0,5 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | juni–augustus |
Herkennen
Hoe herken je een eenjarig gipskruid?
- Groeivorm
- Eenjarige, 40–50 cm hoog en ongeveer 30 cm breed, fijn vertakt met dunne stengels.
- Blad
- Smal, lancetvormig, blauwgroen tot grijsgroen en tegenoverstaand.
- Bloem
- Kleine, vijfbladige bloempjes van ongeveer 1 cm, wit of lichtroze, in losse, wijd vertakte pluimen, van juni tot augustus.
- Wortels
- Een penwortel: de plant verdraagt verplanten slecht en wordt daarom ter plaatse gezaaid.
- Familie
- Hoort bij de anjerfamilie (Caryophyllaceae), net als de gewone anjer en zeepkruid.
Bloei: juni–augustus · Zaaien: april–juni
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een luchtige wolk van kleine bloempjes die zwaardere bloemen in de border zachter maakt.
- Gemakkelijk te zaaien en bloeit al enkele weken na het zaaien.
- Een klassieke vulbloem in boeketten, vers of gedroogd.
- Verdraagt droogte en arme, kalkrijke grond.
- Met herhaald zaaien houd je de hele zomer bloei.
Waar staat een eenjarig gipskruid graag?
- Volle zon: in de schaduw wordt hij lang en slap.
- Goed doorlatende, droge tot normale grond: zand, leem of klei, neutraal tot kalkrijk. Hij houdt van kalk.
- Droge tot normale vochtigheid; in natte grond krijgt hij wortelrot.
- Houd 20–30 cm afstand en zet hem naast zwaardere bloemen, of zaai hem in een groep.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 0,5 m hoog, 0,3 m breed
- Winterhard
- Verdraagt lichte vorst (tot -5 °C)
Mooi samen met
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een eenjarig gipskruid?
- Zaai ter plaatse van april tot juni, als de grond is opgewarmd en er geen strenge vorst meer is.
- Maak de grond fijn en vlak en trek ondiepe voren, of zaai breedwerpig.
- Bedek de zaadjes slechts licht, met ongeveer 0,5 cm grond, en druk ze aan.
- Houd de grond vochtig tot de zaadjes zijn gekiemd, meestal na een tot twee weken.
- Dun uit tot 15–25 cm tussen de planten.
- Zaai om de drie weken opnieuw, tot juni, voor een bloei die de hele zomer duurt.
Verzorgen
- Water
- Weinig: hij verdraagt droogte. Geef alleen bij langdurige droogte water aan de voet.
- Bemesten
- Niet nodig; op rijke grond groeit hij te weelderig en valt hij om.
- Steun
- De dunne, vertakte stengels vallen snel om. Zet takjes of een net tussen de planten als ze groeien.
- Uitgebloeide bloemen
- Knip verwelkte pluimen weg of snijd ze voor de vaas; dat verlengt de bloei.
- Droogbloem
- Hang gesneden takken ondersteboven op een droge, schaduwrijke plek te drogen.
Tip: Zaai van april tot juni om de drie weken een rij, want elke zaaiing bloeit maar enkele weken. Hij houdt van kalkrijke, droge grond en is een luchtige vulbloem.
Wanneer snoei je een eenjarig gipskruid?
Wanneer: Hij wordt niet gesnoeid; knip tijdens het seizoen alleen bloemen weg.
Hoe:
- Knip uitgebloeide pluimen af tot boven een zijscheut: dat geeft nieuwe bloemen.
- Voor boeketten snijd je takken als ongeveer de helft van de bloemen open is.
- Aan het eind van het seizoen trek je de planten uit en compost je ze.
Let op: Gebruik handschoenen als je er veel mee werkt: de plant bevat saponinen.
Vermeerderen
- Zaaien
- Ter plaatse in april–juni, ondiep, bij ongeveer 15–20 °C. De zaailingen komen binnen een tot twee weken boven; zaai om de drie weken opnieuw.
- Zelfzaai
- Laat enkele planten uitzaaien: volgend jaar komen er vaak vanzelf nieuwe bij.
Hoe komt een eenjarig gipskruid de winter door?
Winterhard tot −5 °C: beschermen in strenge winters.
- Eenjarig: de plant sterft aan het eind van het seizoen af. Jonge planten verdragen lichte vorst tot ongeveer −5 °C.
- Haal de planten na de bloei weg of laat ze staan om uit te zaaien.
- In een pot: bewaar zaad droog en koel tot het voorjaar.
Ziektes en plagen
- Kort bloeiseizoen: Elke zaaiing bloeit maar enkele weken. Zaai om de drie weken opnieuw, tot juni.
- Wortelrot: Door natte grond. Kies een doorlatende plek en geef niet te veel water.
- Omvallen: Dunne stengels vallen om bij regen of op rijke grond. Geef takjes als steun en bemest niet.
- Bladluis: Op jonge toppen. Spuit ze af met water; lieveheersbeestjes en zweefvliegen helpen.
- Slakken: Ze vreten jonge zaailingen. Raap ze ’s avonds weg en bescherm de zaaibedden.
Het jaar rond
- April: Zaaien ter plaatse. Grond voorbereiden.
- Mei: Zaaien. Uitdunnen. Slakken weren.
- Juni: Laatste zaai. Start van de bloei. Takjes als steun plaatsen.
- Juli: Volle bloei. Bloemen snijden. Verwelkte pluimen wegknippen.
- Augustus: Laatste bloei. Droogbloemen oogsten.
- September: Planten opruimen of laten uitzaaien.
- Oktober: Zaad winnen en droog bewaren.
- December: Rust. Zaai plannen.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Gipskruid bevat saponinen, vooral in de wortel en de zaden: opeten geeft braken, buikpijn en diarree, bij kleine kinderen en ook bij katten en honden. Het grootste risico zit binnen: gipskruid staat in veel boeketten, en katten knabbelen graag aan de fijne, droge takjes. Zet een vaas of droogboeket met gipskruid buiten het bereik van katten en kleine kinderen, en ruim afgevallen bloemetjes op. De wortel werd vroeger als zeep gebruikt; maak er niets van om in te nemen. Het sap kan bij gevoelige mensen de huid irriteren: draag handschoenen als je veel snijdt. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De naam Gypsophila komt uit het Grieks en betekent kalkminnend, naar de voorkeur van de plant voor kalkrijke grond; elegans betekent sierlijk.
- Sommige gipskruidsoorten bevatten saponinen, stoffen die schuimen, en werden vroeger als zeepvervanger gebruikt.
- Het eenjarige gipskruid bloeit al enkele weken na het zaaien, veel sneller dan zijn vaste neef.