
Foto: KENPEI, CC BY-SA 3.0 · bron
Kamerplant · Oleaceae
Kamerjasmijn
Jasminum polyanthum
In andere talen: Jasmin polyanthum (Français) · Pink jasmine (English)
De kamerjasmijn is een groenblijvende slingerplant uit het zuidwesten van China. Bij ons wordt hij meestal verkocht als plantje rond een boogje, vol roze knoppen die opengaan tot witte, stervormige bloempjes. Van januari tot april vult hij een kamer of veranda met een zoete, sterke jasmijngeur. Het fijn geveerde blad blijft het hele jaar groen en de ranken worden meters lang als je ze laat groeien. Hij is niet moeilijk, maar om opnieuw te bloeien heeft hij in de herfst een koele periode nodig.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Potgrond
Winterhard
Kamerplant
min. 3 °C
Grootte
2 m
hoog, 1 m breed
Bloei
januari–april
| Snoeimaanden | april–mei |
|---|---|
| Hoogte | 2 m |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | januari–april |
Herkennen
Hoe herken je een kamerjasmijn?
- Groeivorm
- Slingerende klimplant met dunne, groene ranken; in een pot meestal 1–2 m, in een veranda tot enkele meters.
- Blad
- Tegenoverstaand en geveerd, met 5–7 smalle, spitse blaadjes; donkergroen en het hele jaar aan de plant.
- Bloem
- Stervormig, ongeveer 2 cm breed, in grote trossen. De knoppen en de buitenkant zijn roze, de open bloem is wit.
- Geur
- Zoet en sterk, typisch jasmijn; in een warme kamer soms bijna te veel.
- Bloeitijd
- Van januari tot april, na een koele periode in de herfst.
Bloei: januari–april · Planten: april–mei · Snoeien: april–mei
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit midden in de winter en in het vroege voorjaar, als er buiten weinig bloeit.
- Een sterke, zoete geur die een hele ruimte vult.
- Roze knoppen en witte bloemen: mooi in elk stadium.
- Groeit snel: leid hem rond een boog, langs een rek of tegen het raam van een veranda.
- In de zomer mag hij buiten op een beschut terras staan.
Waar staat een kamerjasmijn graag?
- Licht, met wat ochtend- of avondzon; geen felle middagzon achter glas.
- In de herfst een koele plek onder 15 °C, bijvoorbeeld een vorstvrije veranda of een koele slaapkamer, zodat hij knoppen maakt.
- Tijdens de bloei liefst niet te warm: op 15–18 °C blijven de bloemen langer mooi.
- Van half mei tot eind september mag hij buiten staan, beschut tegen wind en felle middagzon.
- Potgrond die vocht vasthoudt maar goed doorlaat, in een pot met een gat in de bodem.
- Licht
- Zonnig of licht, zonder felle zon
- Potgrond
- Gewone potgrond of luchtige, humusrijke potgrond
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Water geven
- Gewoon
- Grootte
- 2 m hoog, 1 m breed
- Temperatuur
- Minimum 3 °C
Mooi samen met
- Cyclaam: Bloeit tegelijk in de winter en houdt ook van een koele, lichte plek.
- Kamerazalea: Nog een winterbloeier die het koel wil, in roze, rood of wit.
- Hyacint: Voorgetrokken bollen in een pot: nog meer geur in het vroege voorjaar.
- Klimop: Een groene klimmer als achtergrond op de veranda als de jasmijn uitgebloeid is.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een kamerjasmijn?
Planten in april–mei.
- Verpot na de bloei, in april–mei, als de wortels de pot vullen: een jonge plant elk jaar, een oudere om de twee à drie jaar.
- Kies een pot die maar een maat groter is, met een gat in de bodem en een laagje kleikorrels.
- Gebruik goede potgrond, eventueel gemengd met wat perliet voor een betere afwatering.
- Zet de plant even diep als voorheen en druk de grond licht aan.
- Geef water tot het onderaan uit de pot loopt en laat goed uitlekken.
- Zet een boog, rek of stokjes in de pot en leid de ranken er meteen rond.
Verzorgen
- Water
- Houd de grond licht vochtig, zeker tijdens de groei en de bloei. Laat hem nooit uitdrogen en laat geen water in de schotel staan.
- Bemesten
- Van april tot augustus om de twee weken vloeibare mest voor bloeiende planten. Vanaf september niet meer.
- Koele periode
- In oktober–november vier tot zes weken op een koele, lichte plek onder 15 °C: zo maakt hij bloemknoppen.
- Ranken leiden
- Wikkel nieuwe ranken in de zomer rond de boog of het rek, anders groeien ze alle kanten op.
- Luchtvochtigheid
- Droge kamerlucht geeft spint en bruine knoppen; zet hem niet boven een radiator.
Tip: Laat hem in de zomer buiten staan en haal hem pas eind september binnen naar een koele, lichte plek: de frisse herfstnachten zorgen voor een rijke bloei.
Wanneer snoei je een kamerjasmijn?
Snoeimaanden: april–mei.
Wanneer: Na de bloei, in april–mei. Later snoeien kost bloemen, want in de zomer groeien de ranken waaraan hij de volgende winter bloeit.
Hoe:
- Knip uitgebloeide ranken terug tot een paar bladparen, zodat hij compact blijft.
- Haal dode en zwakke ranken helemaal weg.
- Een te grote plant mag stevig terug; hij loopt snel opnieuw uit.
- Wikkel de jonge ranken daarna weer rond de boog.
Vermeerderen
- Stekken
- In de zomer stukken rank van 10–15 cm met een paar bladparen, onderste blad weg, in vochtige stekgrond onder plastic. Na enkele weken wortels.
- Afleggen
- Leg een lange rank in een pot met grond ernaast en pin hem vast. Na een paar maanden is hij beworteld en knip je hem los.
Hoe komt een kamerjasmijn de winter door?
- Geen tuinplant in België: hij verdraagt geen echte vorst. Houd hem in de winter boven ongeveer 3 °C.
- In de herfst koel en licht zetten, onder 15 °C, om bloemknoppen te krijgen, bijvoorbeeld op een vorstvrije veranda.
- Zodra de knoppen goed zichtbaar zijn, mag hij de kamer in, maar zo koel mogelijk en weg van de verwarming.
- Geef in de winter matig water: licht vochtig, nooit nat.
Ziektes en plagen
- Geen bloemen: Meestal stond hij in de herfst te warm. Zet hem volgend jaar vier tot zes weken koel, of laat hem tot eind september buiten.
- Spint: Fijne, gele stippels op het blad en soms webjes, vooral in droge, warme lucht. Sproei het blad af, verhoog de luchtvochtigheid en zet hem koeler.
- Bladluis: Op jonge scheuten en knoppen in het voorjaar. Afspoelen met water of wegvegen.
- Wolluis: Witte, wollige pluisjes in de bladoksels. Wegdeppen met een wattenstaafje en de plant afspoelen; herhalen na een week.
- Bruine knoppen en bladval: Te warm, te droog of de grond is uitgedroogd. Geef regelmatig water en zet hem koeler.
Het jaar rond
- Januari: Bloei. Koel en licht houden, matig water.
- Februari: Bloei. Uitgebloeide trosjes wegknippen.
- Maart: Laatste bloei. Meer water als hij groeit.
- April: Na de bloei snoeien en verpotten. Beginnen met bemesten.
- Mei: Snoeien als het nog nodig is. Na half mei buiten op een beschutte plek zetten.
- Juni: Om de twee weken bemesten. Ranken leiden. Stekken nemen.
- Juli: Water geven, bemesten en ranken leiden.
- Augustus: Laatste bemesting. Stekken nemen.
- September: Buiten laten staan zolang de nachten zacht zijn; eind september binnenhalen.
- Oktober: Koele periode: licht en onder 15 °C laten staan.
- November: Knoppen vormen zich. Koel houden, matig water.
- December: De knoppen kleuren roze. Iets warmer zetten mag.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De naam polyanthum betekent ‘met veel bloemen’.
- Jasmijnolie voor parfum komt niet van deze soort, maar vooral van andere jasmijnen, zoals Jasminum grandiflorum en Jasminum sambac.
- In zachte streken zoals Nieuw-Zeeland is hij uit tuinen ontsnapt en geldt hij in de natuur als een lastige woekeraar.