Lilium henryi

Foto: User:BotBln, CC BY-SA 3.0 · bron

Bol- of knolgewas · Liliaceae

Lilium henryi

In andere talen: Lis de Henry (Français) · Henry's lily (English)

Lilium henryi is een lelie uit de bergen van Centraal-China. Hij is genoemd naar de Ierse plantkundige Augustine Henry, die hem eind 19e eeuw in China vond. In augustus en september draagt elke stengel van zo’n 1,5 m tientallen knikkende, oranje bloemen met sterk teruggeslagen bloembladen en donkere stippen: echte turbanbloemen. Anders dan veel lelies verdraagt hij kalk. Hij is sterk, langlevend en makkelijk, en brengt warme kleur in de nazomerborder. Tuiniers waarderen hem ook omdat hij jaren op dezelfde plek kan blijven staan en elk jaar forser wordt.

Let op: Alle delen van lelies, ook het stuifmeel en het vaaswater, zijn zeer giftig voor katten: een klein beetje kan al ernstige nierschade geven. Plant hem niet waar katten vaak komen en zet geen snijbloemen binnen als je een kat hebt. Houd ook kinderen en honden weg van de bollen.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    neutraal tot kalkrijk

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -25 °C

  • Grootte

    1,5 m

    hoog, 0,3 m breed

  • Bloei

    augustus–september

Feiten op een rij
Hoogte1,5 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren
Bloeiaugustus–september

Herkennen

Hoe herken je een Lilium henryi?

Groeivorm
Bolplant met stevige, licht overbuigende stengels van ongeveer 1,5 m hoog en 30 cm breed.
Blad
Lancetvormig en donkergroen, verspreid langs de stengel; bovenaan kleiner en breder.
Bloem
Knikkende turbanbloemen van 6–8 cm met sterk teruggeslagen bloembladen, in augustus–september.
Kleur
Helder oranje met donkere stippen; in felle middagzon kan de kleur wat verbleken.
Bol
Groot, uit losse, vlezige schubben zonder huid; de stengel maakt ook wortels boven de bol.

Bloei: augustus–september · Planten: maart–april en oktober–november

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Bloeit in augustus en september, als veel borders over hun hoogtepunt zijn.
  • Tientallen oranje turbanbloemen per stengel: een echte blikvanger.
  • Verdraagt kalk, wat bij lelies vrij zeldzaam is.
  • Sterk en langlevend: de bollen blijven jaren op dezelfde plek staan.
  • Hoog genoeg voor achter in de border, tussen heesters of tussen hoge grassen.

Waar staat een Lilium henryi graag?

  • Zon of halfschaduw: de bloemen graag in het licht, de voet liefst in de schaduw van lagere planten.
  • Zand, leem of klei, neutraal tot kalkrijk, met veel humus en een goede drainage.
  • Normaal vochtig; de bol mag nooit in natte grond staan.
  • Beschut tegen harde wind, en met een steun voor de hoge stengels.
  • Plant op 30–40 cm van elkaar, in groepjes van drie of meer.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Neutraal of kalkrijk
Vocht
Normaal
Grootte
1,5 m hoog, 0,3 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -25 °C)

Mooi samen met

  • Vrouwenmantel: Houdt de voet van de lelie koel met zacht, geelgroen blad.
  • Ooievaarsbek: Lage, bloeiende pollen rond de kale onderkant van de stengels.
  • Japanse anemoon: Bloeit tegelijk in roze of wit en verdraagt halfschaduw.
  • Siergrassen: Wuivende pluimen naast de oranje turbanbloemen in de nazomer.
  • Varens: Een frisse, koele onderbeplanting in de halfschaduw.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een Lilium henryi?

Planten in maart–april en oktober–november.

  1. Plant de bollen in maart–april of in oktober–november, als de grond niet bevroren of te nat is, en zo snel mogelijk na aankoop.
  2. Graaf een plantgat van ongeveer 25 cm diep en leg onderin wat grof zand voor de drainage.
  3. Zet de bol erop zodat de top ongeveer 20 cm onder de grond zit: de stengel maakt ook wortels boven de bol.
  4. Steek de steunstok meteen bij het planten in de grond, zodat je de bol later niet raakt.
  5. Vul het gat, druk de grond aan en geef water.
  6. Markeer de plek en leg er een laagje compost over.

Verzorgen

Water
Bij droogte in de zomer ruim water geven, vooral tijdens de knopvorming. Vermijd natte voeten.
Bemesten
In het voorjaar, als de scheuten verschijnen, compost of kalirijke mest.
Steun
Bind de stengel los aan de stok terwijl hij groeit; de zware bloemtros kan anders omknakken.
Mulchen
Een laag compost of lage planten rond de voet houden de wortels koel.
Uitgebloeide bloemen
Knip verwelkte bloemen weg om zaadvorming te voorkomen, maar laat stengel en blad staan.
In een pot
Kan in een diepe pot van minstens 30 cm; geef in de zomer regelmatig water.

Tip: Zet bij het planten meteen een stevige stok bij, zodat je de bol later niet doorboort. Lage planten rond de voet houden de wortels koel, terwijl de bloemen in het licht staan.

Wanneer snoei je een Lilium henryi?

Wanneer: Lilium henryi wordt niet echt gesnoeid. Je knipt de uitgebloeide bloemen weg en in de late herfst de afgestorven stengel.

Hoe:

  • Knip uitgebloeide bloemen net onder de bloem af en laat de bladeren aan de stengel.
  • Laat de stengel staan tot hij in oktober–november geel en droog is: tot dan voedt hij de bol.
  • Knip de dode stengel dan net boven de grond af.

Let op: Knip de stengel nooit groen af. Snijd je lelies voor de vaas, laat dan minstens de helft van de stengel met blad aan de plant.

Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Schubben
Breek in de herfst een paar buitenste schubben van de bol, leg ze in een plastic zak met licht vochtige vermiculiet of zaaigrond en zet die warm. Na 6–8 weken vormen er zich bolletjes; plant die in potten.
Stengelbolletjes
Bij het opgraven vind je soms kleine bolletjes aan het ondergrondse deel van de stengel. Plant ze meteen in een pot of op een kweekbedje; ze bloeien na enkele jaren.
Zaaien
Zaai vers zaad in de herfst in een pot; het duurt meerdere jaren voor de zaailingen bloeien.

Hoe komt een Lilium henryi de winter door?

Winterhard tot −25 °C.

  • Volledig winterhard, tot ongeveer −25 °C: in de volle grond is geen bescherming nodig.
  • Natte winters zijn gevaarlijker dan vorst: zorg voor een goed doorlatende grond.
  • Een laag compost of bladaarde in de herfst beschermt en voedt de bol.
  • In een pot: zet de pot beschut tegen een muur en bescherm hem bij strenge vorst met jute, of zet hem in een koude garage.

Ziektes en plagen

  • Leliehaantje: Een helderrode kever; de larven zitten verstopt onder hun eigen zwarte uitwerpselen en vreten het blad kaal. Kijk vanaf april elke week en raap kevers en larven weg.
  • Botrytis: Bruine vlekken op het blad bij vochtig weer, die zich snel uitbreiden. Haal aangetast blad weg, geef water aan de voet en zorg voor een luchtige plek.
  • Bolrot: In natte grond rotten de bollen. Plant op een laag grof zand en vermijd plekken met stilstaand water.
  • Slakken: Ze vreten aan de jonge scheuten in het voorjaar. Raap ze ’s avonds weg.
  • Omvallende stengels: Door wind of het gewicht van de bloemen. Zet bij het planten al een stevige stok bij.

Het jaar rond

  • Maart: Bollen planten. Steunstok plaatsen.
  • April: Bollen planten. De scheuten verschijnen: letten op slakken en leliehaantjes.
  • Mei: Compost of kalirijke mest geven. Stengels aan de stok binden.
  • Juni: Water geven bij droogte. Leliehaantjes wegvangen.
  • Juli: Knoppen. Stengels verder opbinden en water geven.
  • Augustus: Bloei. Uitgebloeide bloemen wegknippen.
  • September: Bloei. Water geven bij droogte.
  • Oktober: Bollen planten. Schubben nemen. Stengels laten afsterven.
  • November: Bollen planten. Dode stengels afknippen; laag compost of bladaarde.
  • December: Rust.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Niet eetbaar. Lelies zijn levensgevaarlijk voor katten: alle delen, ook het stuifmeel en het water uit de vaas, geven al in kleine hoeveelheden acuut nierfalen, dat zonder snelle behandeling vaak dodelijk afloopt. Een beetje stuifmeel dat een kat uit haar vacht likt, kan al genoeg zijn. Heeft je kat aan een lelie gezeten of stuifmeel op haar vacht, bel dan meteen je dierenarts, ook als ze nog niets laat merken. Zet geen snijlelies in huis als je een kat hebt (de meeldraden wegknippen is niet genoeg) en plant ze niet waar katten vaak komen. Voor kinderen en honden zijn lelies veel minder gevaarlijk, maar ook zij kunnen er maag- en darmklachten van krijgen. Verwar ze niet met daglelies (Hemerocallis), waarvan je de knoppen en bloemen wel kunt eten (al zijn ook die gevaarlijk voor katten): eet nooit van een echte lelie. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Hij is genoemd naar Augustine Henry, een Ierse arts en plantenverzamelaar die eind 19e eeuw in China werkte.
  • De stengel maakt boven de bol ook eigen wortels; daarom plant je hem zo diep.
  • Lilium henryi werd veel gebruikt om nieuwe lelies te kweken: onder meer de Aurelian-hybriden hebben hem als voorouder.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…