Hoepelroknarcis (Narcissus bulbocodium)

Foto: Jean-Jacques MILAN, CC BY-SA 3.0 · bron

Bol- of knolgewas · Amaryllidaceae

Hoepelroknarcis

Narcissus bulbocodium

In andere talen: Narcisse bulbocode (Français) · Hoop-petticoat daffodil (English)

De hoepelroknarcis komt uit vochtige weiden en bergweiden in Spanje, Portugal, het zuidwesten van Frankrijk en Marokko. Het is een klein, bijzonder bolgewas van 10–20 cm hoog. De gele bloem bestaat bijna alleen uit een wijde trompet, met smalle, kleine kroonbladeren erachter: de vorm doet denken aan een rok met hoepel. Het blad is dun en biesachtig. Hij bloeit in maart en april en past goed in kort gras, een rotstuin of een schaal met grind, als de grond in het voorjaar vochtig is en in de zomer droog kan worden.

Let op: Alle delen van de plant, vooral de bol, zijn giftig. Niet eten: kinderen, katten, honden en grazend vee lopen risico. Het sap kan de huid van sommige mensen irriteren; draag handschoenen bij het planten.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand of leem

    zuur tot neutraal

  • Winterhard

    tot -15 °C

    jonge planten beschermen

  • Grootte

    0,15 m

    hoog, 0,1 m breed

  • Bloei

    maart–april

Feiten op een rij
Hoogte0,15 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren
Bloeimaart–april

Herkennen

Hoe herken je een hoepelroknarcis?

Groeivorm
Klein bolgewas van 10–20 cm hoog en 10 cm breed dat in pollen groeit.
Blad
Dun, donkergroen en biesachtig, bijna rond; het blad is vaak hoger dan de bloem.
Bloem
Eén gele bloem per steel, met een wijde, kegelvormige trompet en smalle, korte kroonbladeren; in maart–april.
Bol
Kleine, ronde bol met een donkere schil; ze drogen snel uit als ze lang bovengronds liggen.

Bloei: maart–april · Planten: september–oktober

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een bijzondere, grappige bloemvorm: een wijde gele trompet zonder de gebruikelijke brede kroonbladeren.
  • Bloeit in maart en april, vroeg in het jaar, in een tijd dat er weinig bloeit.
  • Klein en compact: past in een rotstuin, een schaal of een voorjaarsgazon.
  • Verwildert langzaam en komt jaar na jaar terug op een goede plek.
  • Weinig werk: geen snoei, nauwelijks bemesting en geen last van wild.

Waar staat een hoepelroknarcis graag?

  • Zon of lichte halfschaduw; hij bloeit het best op een open, zonnige plek.
  • Doorlatende, zandige of lemige grond, zuur tot neutraal; liefst niet te zwaar.
  • Vochtig in het voorjaar, droger in de zomer: de bol rot in natte grond tijdens zijn rust.
  • Plant in groepjes van minstens 10 bolletjes, op 8–10 cm van elkaar.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand of leem
Zuurtegraad
Zuur of neutraal
Vocht
Normaal
Grootte
0,15 m hoog, 0,1 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -15 °C)

Mooi samen met

  • Krokus: Bloeit gelijktijdig en geeft kleur in het kortgemaaide gras.
  • Blauwe druifjes: Een blauw tapijt onder de gele trompetjes.
  • Sneeuwroem: Blauwe sterren die tegelijk bloeien.
  • Hoornviooltje: Een laag, bloeiend plantje in de ruimte tussen de bollen.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een hoepelroknarcis?

Planten in september–oktober.

  1. Plant in september of oktober; de kleine bolletjes drogen snel uit, dus plant ze kort na de aankoop.
  2. Kies een zonnige plek; meng bij zwaardere grond wat grof zand of fijn grind door de grond.
  3. Zet de bol met de punt omhoog, 5–8 cm diep.
  4. Houd 8–10 cm afstand en plant in groepjes van 10 of meer, zodat de bloemen opvallen.
  5. Geef na het planten een gieter water, tenzij het regent.
  6. In een pot of schaal: gebruik een mengsel van potgrond en scherp zand, met gaten voor afvoer.

Verzorgen

Water
Houd de grond in het voorjaar licht vochtig tijdens de groei. In de zomer droog laten; hij kan tegen droogte als de bol in rust is.
Bemesten
Weinig nodig. Eventueel na de bloei een beetje bollenmest of compost.
Blad laten afsterven
Laat het blad staan tot het vanzelf geel is, zodat de bol kan bijvullen.
Maaien in gras
Maai pas als het blad geel is, meestal in juni–juli.
Onkruid
Houd de plek vrij van woekerend gras en onkruid, want de kleine plant wordt snel overwoekerd.

Tip: Geef hem een plek met kort gras of grind, waar het in het voorjaar vochtig is en in de zomer droog kan worden. Plant de bolletjes meteen na aankoop, want ze drogen snel uit.

Wanneer snoei je een hoepelroknarcis?

Wanneer: Snoeien is niet nodig. Je hoeft alleen af te wachten tot het blad vanzelf afsterft, in juni.

Hoe:

  • Laat de verwelkte bloemen staan of knip ze weg; dat maakt voor de bol weinig verschil.
  • Laat het blad staan tot het volledig geel en slap is; pas dan weghalen.
  • In gras: wacht met maaien tot het blad geel is.

Let op: Het blad te vroeg wegmaaien of afknippen verzwakt de bol en geeft volgend jaar minder bloemen.

Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Delen
In juni–juli, als het blad geel is: haal de pol voorzichtig op, scheid de bijbolletjes en plant ze meteen terug op 5–8 cm diep.
Zaad
Hij zaait zich op een goede plek zelf uit. Je kunt vers zaad in de zomer uitzaaien in een bak; het duurt enkele jaren voor de zaailingen bloeien.

Hoe komt een hoepelroknarcis de winter door?

Winterhard tot −15 °C: jonge planten beschermen.

  • Winterhard tot ongeveer −15 °C: in Belgische winters is geen bescherming nodig.
  • De bladpunten komen soms al in de winter boven; lichte vorst deert ze niet.
  • In een pot: zet de pot beschut tegen een muur en laat hem niet vol water staan, zodat de bol niet rot of doorvriest.

Ziektes en plagen

  • Uitgedroogde bollen: De bolletjes zijn hard, rimpelig of leeg. Koop verse bollen, laat ze niet weken en plant ze snel.
  • Bolrot: De bol is zacht en beschimmeld, vooral in natte, koude grond. Zorg voor goed doorlatende grond en haal aangetaste bollen weg.
  • Geen bloei: Het blad komt wel op, maar er komen geen bloemen. Oorzaak is meestal te weinig licht, een te nat of te droog groeiseizoen of te vroeg weggehaald blad. Zet hem op een zonniger plek.
  • Verdringing door gras: Hoog gras of woekerende planten smoren de kleine plant. Houd de plek kort en onkruidvrij.
  • Slakken: Gaatjes in blad en bloemen in het voorjaar. Verzamel ze ’s avonds met een zaklamp.

Het jaar rond

  • Februari: De eerste bladpunten verschijnen.
  • Maart: De eerste bloemen openen zich.
  • April: Volle bloei. Bij droogte licht water geven.
  • Mei: Bloem verwelkt; blad laten staan.
  • Juni: Blad geel: delen en bijbolletjes verplanten.
  • Juli: Rustperiode; droog houden. Gras maaien als het blad geel is.
  • September: Planten, vlak na aankoop.
  • Oktober: Planten. Bij droogte licht water geven.
  • November: Laatste kans om te planten.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Niet eetbaar. Alle delen van narcissen zijn giftig, vooral de bollen: die worden geregeld verward met uien of sjalotten, en de bladeren met prei of daslook. Bewaar de bollen dus nooit bij de groenten in de keuken of de kelder. Het sap van de stengels irriteert de huid en maakt andere bloemen in een vaas sneller slap. Ook giftig voor honden en katten. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De Engelse naam ‘hoop-petticoat’ verwijst naar de bloemvorm: de wijde trompet lijkt op een rok met hoepel, een kleding uit vroeger tijden.
  • Bij deze narcis bestaat de bloem bijna volledig uit de trompet: de kroonbladeren zijn erg smal en klein.
  • Hij komt van nature voor in vochtige graslanden in Spanje, Portugal, het zuidwesten van Frankrijk en Marokko.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…