
Foto: Christian Orlandi, CC BY-SA 4.0 · bron
Vaste plant · Papaveraceae
Oosterse papaver
Papaver orientale
In andere talen: Pavot d’Orient (Français) · Oriental poppy (English)
De Oosterse papaver komt uit de Kaukasus, het noordoosten van Turkije en het noorden van Iran. Het is een forse vaste plant met grof ingesneden, ruw behaard, grijsgroen blad en in mei–juni reusachtige, zijdeachtige bloemen van 10–15 cm breed op stengels tot 90 cm. De klassieke kleur is oranjerood met een zwarte vlek aan de voet van elk bloemblad, maar er zijn ook roze, zalmkleurige, pruimpaarse en witte rassen. Na de bloei sterft het blad af en rust de plant tot de herfst, wanneer een nieuw rozet verschijnt. Bekende rassen zijn ‘Beauty of Livermere’ (scharlakenrood), ‘Perry’s White’ (wit met een donker hart) en ‘Patty’s Plum’ (pruimpaars).
Let op: Alle delen zijn giftig, ook het melksap. Laat kinderen en huisdieren er niet aan knabbelen en draag handschoenen bij het snoeien.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -35 °C
Grootte
0,9 m
hoog, 0,6 m breed
Bloei
mei–juni
| Snoeimaanden | juli |
|---|---|
| Hoogte | 0,9 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | mei–juni |
Herkennen
Hoe herken je een oosterse papaver?
- Groeivorm
- Een brede pol grof blad, met bloemstengels tot 90 cm hoog; ongeveer 60 cm breed.
- Blad
- Diep ingesneden, ruw behaard en grijsgroen; sterft na de bloei af en komt in de herfst terug als wintergroen rozet.
- Bloem
- Komvormig, 10–15 cm breed, met verfrommelde, zijdeachtige bloemblaadjes rond een krans donkere meeldraden, in mei–juni.
- Kleur
- Oranjerood met zwarte vlekken aan de basis; bij rassen ook roze, zalm, pruimpaars of wit.
- Vrucht
- Een ronde zaaddoos met een plat dekseltje; de zaden vallen eruit door gaatjes onder de rand.
- Wortels
- Een dikke, diepe penwortel: hij houdt niet van verplanten.
Bloei: mei–juni · Planten: maart–april en september–oktober · Snoeien: juli
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Spectaculaire, grote, zijdeachtige bloemen op het hoogtepunt van de voorjaarsborder.
- Hommels en bijen verzamelen graag het overvloedige stuifmeel.
- Een mooie snijbloem, en de zaaddozen zijn decoratief in droogboeketten.
- Volledig winterhard en dankzij de diepe penwortel goed bestand tegen droogte.
- Eens ingeworteld, blijft hij vele jaren op dezelfde plek staan.
Waar staat een oosterse papaver graag?
- Volle zon; in de schaduw worden de stengels slap en bloeit hij weinig.
- Elke goed doorlatende grond, van zand tot klei, zuur, neutraal of kalkrijk.
- Droge tot gewone grond; natte grond, vooral in de winter, verdraagt hij slecht.
- Zet de planten 50–60 cm uit elkaar en plan laatbloeiers ernaast om het gat na de bloei op te vullen.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 0,9 m hoog, 0,6 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -35 °C)
Mooi samen met
- Gipskruid: Een wolk van witte bloempjes die het gat na de bloei opvult.
- Herfstaster: Bloeit laat en neemt de plek in de nazomer over.
- Siergras: Groeit door in de zomer en vult de lege plek.
- Kattenkruid: Blauwe bloemen samen met de papaver, en na terugknippen nog eens.
- Baardiris: Bloeit tegelijk en houdt ook van een zonnige, droge plek.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een oosterse papaver?
Planten in maart–april en september–oktober.
- Plant in maart–april of in september–oktober, als de grond niet nat is.
- Kies meteen de juiste plek: door de diepe penwortel houdt hij niet van verplanten.
- Graaf een diep plantgat en maak de grond eronder goed los; meng zware grond met grof zand.
- Zet de plant even diep als in de pot, zonder de wortelkluit te breken.
- Zet de planten 50–60 cm uit elkaar.
- Geef goed water bij het planten; daarna alleen het eerste jaar bij droogte.
Verzorgen
- Water
- Weinig nodig: alleen het eerste jaar bij lange droogte. Natte grond is gevaarlijker dan droogte.
- Bemesten
- Weinig: een beetje compost in het voorjaar. Te veel mest geeft slappe stengels.
- Steun
- Zet in april een plantensteun of ring rond de pol: de zware bloemen vallen na regen of wind makkelijk om.
- Snijbloem
- Pluk in knop, als de kleur al zichtbaar is, en dompel de snijwond even in heet water of schroei ze dicht.
- Na de bloei
- Knip het afstervende blad kort en laat laatbloeiers de plek innemen.
Tip: Zet laatbloeiers zoals gipskruid of asters vlak naast de papaver: als het blad in juli afsterft, groeien zij over het gat heen.
Wanneer snoei je een oosterse papaver?
Snoeimaanden: juli.
Wanneer: In juli, na de bloei, als het blad geel wordt en afsterft.
Hoe:
- Knip uitgebloeide bloemen af, tenzij je de decoratieve zaaddozen wilt houden.
- Knip het afstervende blad en de stengels terug tot net boven de grond.
- In september–oktober verschijnt een nieuw rozet dat de winter doorkomt: laat dat staan.
Let op: Draag handschoenen bij het snoeien: het melksap is giftig en kan de huid irriteren.
Vermeerderen
- Wortelstekken
- In de winter: graaf de pol voorzichtig bloot, snijd stukken dikke wortel van 5–8 cm af en steek ze rechtop in zanderige stekgrond, met de bovenkant net onder het oppervlak. Snijd bovenaan recht en onderaan schuin, zodat je weet wat boven is.
- Delen
- Kan in het vroege voorjaar of na de bloei, maar lukt minder goed door de penwortel. Steek grote stukken met veel wortel af.
- Zaaien
- In het voorjaar op een zonnige plek; de kleur van tuinrassen komt dan zelden terug.
Hoe komt een oosterse papaver de winter door?
Winterhard tot −35 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −35 °C.
- Het wintergroene rozet heeft geen bescherming nodig.
- Natte grond in de winter is gevaarlijker dan vorst: zorg voor een goede afvoer.
Ziektes en plagen
- Valse meeldauw: Gele vlekken en vervormd blad met grijspaars schimmelpluis aan de onderkant, vooral bij vochtig weer. Knip aangetast blad weg en gooi het niet op de composthoop.
- Wortelrot: In natte, zware grond verwelkt de plant en rot de penwortel. Plant op een drogere, beter doorlatende plek.
- Omvallen: Zware bloemen en stengels vallen om na regen. Zet in april een plantensteun.
- Bladluis: Zwarte luizen op stengels en knoppen. Spuit ze af met water.
- Gat in de border: Na de bloei sterft het blad af. Zet laatbloeiers ernaast die de plek overnemen.
Het jaar rond
- Maart: Planten. Een beetje compost geven.
- April: Plantensteun plaatsen. Planten.
- Mei: Begin van de bloei. Bloemen in knop snijden voor de vaas.
- Juni: Bloei. Uitgebloeide bloemen afknippen of zaaddozen laten staan.
- Juli: Afstervend blad kort knippen. Laatbloeiers laten overnemen.
- Augustus: Rust: weinig of geen water nodig.
- September: Een nieuw rozet verschijnt. Planten.
- Oktober: Planten.
- November: Wortelstekken nemen.
- December: Wortelstekken nemen.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Alle delen van deze papavers zijn giftig, vooral het melksap en de onrijpe zaaddozen: ze bevatten alkaloïden die bij inslikken misselijkheid, braken, buikpijn en sufheid geven, bij kinderen en ook bij honden, katten en grazend vee. Het zijn geen slaapbollen: het maanzaad uit de bakkerij komt van de slaapbol (Papaver somniferum), en van deze papavers eet je het zaad niet. Maak geen thee van bloemen of zaaddozen, en hang droogboeketten met zaaddozen buiten het bereik van kinderen. Het sap kan de huid irriteren: draag handschoenen bij het snijden voor de vaas en zet de vaas buiten het bereik van kleine kinderen en katten. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De knoppen hangen eerst naar beneden en richten zich pas op vlak voor ze opengaan; bij het openen vallen de twee behaarde kelkblaadjes af.
- De zaaddoos werkt als een peperbus: bij wind schudden de zaadjes eruit door kleine gaatjes onder het dekseltje.
- Hij is familie van de klaproos en van stinkende gouwe, die net als hij melksap hebben.