
Foto: Kurt Stüber [1], CC BY-SA 3.0 · bron
Fruitplant · Solanaceae
Kaapse kruisbes
Physalis peruviana
In andere talen: Coqueret du Pérou (Français) · Cape gooseberry (English)
De Kaapse kruisbes komt uit de Andes in Zuid-Amerika, waar ze een overblijvende plant is. Bij ons is ze niet winterhard en kweek je ze meestal als eenjarige, gezaaid in het voorjaar en geoogst in de late zomer en de herfst. Het is een brede, wat uitgezakte plant van ongeveer 1 m met zacht behaarde, hartvormige bladeren en gele klokbloemetjes met donkere vlekken in het hart. Elke oranje bes zit in een papierachtig lampionnetje, dat bruin en perkamentachtig wordt als de vrucht rijp is. De vruchtjes smaken zoetzuur en tropisch, en in hun omhulsel bewaren ze wekenlang.
Let op: Eet alleen rijpe vruchten: onrijpe vruchten en het blad en de stengels zijn giftig, zoals bij andere nachtschadeachtigen. Let daarom op met jonge kinderen en huisdieren.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
tot 2 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
1,2 m
hoog, 1 m breed
Bloei
juni–september
| Snoeimaanden | augustus en oktober |
|---|---|
| Hoogte | 1,2 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Deels: zie Let op bovenaan |
| Bloei | juni–september |
Herkennen
Hoe herken je een Kaapse kruisbes?
- Groeivorm
- Brede, vertakte plant van 1–1,5 m hoog en ongeveer even breed; in de serre soms hoger.
- Blad
- Hartvormig, zacht behaard, grijsgroen, 6–15 cm.
- Bloem
- Gele, knikkende klokjes van 1,5–2 cm met donkerpaarse tot bruine vlekken in het hart, van juni tot september.
- Vrucht
- Ronde, oranje bes van 1,5–2 cm in een lampionvormig omhulsel, dat bruin en papierachtig wordt als de vrucht rijp is.
- Stengels
- Zacht en behaard, met de neiging om uit te zakken onder het gewicht van de vruchten.
Bloei: juni–september · Oogst en vruchten: augustus–oktober · Zaaien: februari–april · Planten: mei–juni · Snoeien: augustus en oktober
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Zoetzure, tropisch smakende vruchtjes van augustus tot de eerste vorst.
- Makkelijk te zaaien en snel groeiend: in één seizoen van zaadje tot oogst.
- De lampionnetjes zijn decoratief en beschermen de vrucht tegen vogels en regen.
- In hun omhulsel bewaren de vruchtjes wekenlang op een koele plek.
- Doet het goed in een grote pot op een warm terras of in de serre.
Waar staat een Kaapse kruisbes graag?
- Volle zon en een warme, beschutte plek: voor een zuidmuur, in een serre of een tunnel.
- Zand-, leem- of kleigrond, zuur tot kalkrijk, goed doorlatend. Een niet al te rijke grond geeft meer vruchten dan veel mest.
- Normaal vochtig: regelmatig water, maar geen natte voeten.
- Plant op 60–80 cm van elkaar; de planten worden breed.
- In een pot van minstens 20 liter op een zonnig terras.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 1,2 m hoog, 1 m breed
- Winterhard
- Vorstgevoelig: binnen overwinteren (boven 2 °C)
Mooi samen met
- Tomaat: Dezelfde warme plek en een vergelijkbare verzorging in serre of moestuin.
- Paprika: Nog een warmteminnende vruchtgroente die binnen voorgezaaid wordt.
- Basilicum: Een geurend kruid dat ook van warmte en zon houdt.
- Goudsbloem: Kleurrijke bloemen die bestuivers en nuttige insecten lokken.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Kaapse kruisbes?
Planten in mei–juni.
- Zaai in februari–april binnen en plant uit na half mei, als er geen nachtvorst meer komt; in de serre kan het iets vroeger.
- Laat de jonge planten een week wennen aan buiten door ze overdag buiten te zetten.
- Graaf een plantgat iets groter dan de kluit en zet de plant even diep als in de pot.
- Plant op 60–80 cm van elkaar en zet meteen een stok of een ring voor steun.
- Geef meteen water en houd de grond de eerste weken vochtig.
- Leg een dunne mulchlaag om de grond vochtig te houden.
Verzorgen
- Water
- Regelmatig, vooral in een pot en tijdens droge periodes. Niet over het blad gieten.
- Bemesten
- Matig: wat compost bij het planten en in een pot om de twee weken een kaliumrijke mest. Te veel stikstof geeft veel blad en weinig vruchten.
- Steun
- Bind de stengels aan een stok of zet een plantenring: beladen takken zakken uit en breken.
- Oogsten
- Pluk de vruchten als het lampionnetje bruin en perkamentachtig is, of raap de afgevallen lampionnetjes op.
- Bewaren
- Laat de vruchten in hun omhulsel en bewaar ze droog en koel: zo blijven ze wekenlang goed.
Tip: Zaai op tijd, in februari–maart, want de vruchten hebben een lange zomer nodig om te rijpen. Eet alleen vruchten uit een bruin, perkamentachtig lampionnetje.
Wanneer snoei je een Kaapse kruisbes?
Snoeimaanden: augustus en oktober.
Wanneer: Echt snoeien hoeft niet. Eind augustus kun je de toppen afknijpen; wil je de plant overwinteren, knip hem dan in oktober terug.
Hoe:
- De plant vertakt vanzelf: dieven uitknijpen zoals bij tomaten is niet nodig.
- Knijp eind augustus de toppen van de takken af: dan steekt de plant zijn energie in de vruchten die er al hangen.
- Knip geknakte en gebroken takken weg.
- Voor het overwinteren: knip de plant in oktober terug tot ongeveer de helft en pot hem op.
Vermeerderen
- Zaaien
- In februari–april binnen, bij 20–25 °C. Zaai dun op vochtige zaaigrond en bedek nauwelijks. Na een tot drie weken kiemen ze; verspeen in potjes als ze twee echte blaadjes hebben.
- Stekken
- Zijscheuten van 10 cm wortelen in de late zomer makkelijk in vochtige stekgrond. Overwinter de jonge plantjes licht en vorstvrij; ze dragen het jaar erna vroeger.
Hoe komt een Kaapse kruisbes de winter door?
Winterhard tot 2 °C: beschermen in strenge winters.
- Niet winterhard: al bij lichte vorst sterft de plant af. Oogst alle rijpe vruchten voor de eerste nachtvorst.
- Meestal kweek je hem als eenjarige en zaai je elk jaar opnieuw.
- Overwinteren kan: knip terug, pot op en zet hem licht en vorstvrij bij 5–10 °C met weinig water. Het volgende jaar draagt hij vroeger.
Ziektes en plagen
- Veel blad, weinig vrucht: Te veel mest of te laat gezaaid. Zaai op tijd, geef niet te veel stikstof en kies de warmste plek.
- Bladluis: Kleine groene of zwarte luisjes op jonge scheuten. Afspuiten met water of wegvegen; lieveheersbeestjes helpen.
- Witte vlieg: Kleine witte vliegjes onder het blad, vooral in de serre. Gele vangkaarten ophangen en goed verluchten.
- Slakken: Aangevreten jonge plantjes na het uitplanten. ’s Avonds rapen en de plantjes pas uitplanten als ze stevig zijn.
Het jaar rond
- Februari: Binnen zaaien bij 20–25 °C.
- Maart: Binnen zaaien. Verspenen.
- April: Laatste binnenzaai. Verpotten in grotere potjes.
- Mei: Laten wennen aan buiten. Na half mei uitplanten.
- Juni: Planten. Eerste bloemen. Steun geven.
- Juli: Bloei. Water geven bij droogte.
- Augustus: Eerste vruchten rijpen. Toppen afknijpen. Stekken.
- September: Oogsten als het lampionnetje bruin is.
- Oktober: Oogsten voor de vorst. Terugknippen en binnenzetten om te overwinteren.
- November: Overwinterende planten licht en vorstvrij, met weinig water.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
- Vruchten (augustus–oktober)
- De oranje bessen in hun papieren lampionnetje rijpen van augustus tot de eerste vorst. Pluk ze als het omhulsel strogeel en droog is en de bes goudoranje: vaak vallen ze dan vanzelf. Ze smaken zoetzuur en tropisch: vers, in fruitsalade, gedoopt in chocolade, in jam of chutney.
- Bewaring
- In hun omhulsel blijven ze op een koele, droge plek weken tot een paar maanden goed. Haal het omhulsel er pas af vlak voor gebruik. Groen geplukte bessen rijpen niet goed na.
Let op: Eet alleen goed rijpe, oranje bessen: onrijpe groene bessen, het omhulsel, het blad en de stengels bevatten giftige stoffen (zoals solanine). Verwar hem niet met de lampionplant (Physalis alkekengi), waarvan het omhulsel felrood kleurt en de bes niet om te eten is. Niet winterhard: kweek hem als eenjarige of in een pot die je binnen overwintert.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Physalis in chocolade (Andere · ± 25 stuks · 20 min + 30 min opstijven)
- Physalisconfituur (Jam · ± 3 potten · 40 min)
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Het lampionnetje is de kelk van de bloem, die na de bloei verder uitgroeit en de vrucht volledig omhult.
- De naam Kaapse kruisbes verwijst waarschijnlijk naar de Kaap de Goede Hoop in Zuid-Afrika, waar de plant al vroeg gekweekt werd.
- Ze is familie van de tomaat en de aardappel, en van de lampionplant die je kent van droogboeketten.