Appelroos (Rosa villosa)

Foto: Manfred Heyde, CC BY-SA 3.0 · bron

Heester · Rosaceae

Appelroos

Rosa villosa

In andere talen: Rosier pomme (Français) · Apple rose (English)

De appelroos is een wilde roos uit het bergachtige Zuid- en Midden-Europa tot in West-Azië. Het is een dichte, rechtopgaande struik van ongeveer 2 m hoog, met grijsgroen, zacht behaard blad dat licht naar appel ruikt. In juni verschijnen enkele, diep roze bloemen met gele meeldraden, die door bijen en hommels druk bezocht worden. Daarna rijpen grote, ronde, borstelige rozenbottels, tot ongeveer 3 cm, die in de herfst felrood kleuren. Tuinliefhebbers waarderen hem als sterke, onderhoudsarme struik voor een natuurlijke haag en voor de bottels, die je kunt gebruiken voor jam of thee.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Droog tot normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -30 °C

  • Grootte

    2 m

    hoog, 1,5 m breed

  • Bloei

    juni

Feiten op een rij
Snoeimaandenfebruari–maart
Hoogte2 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen en vogels
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeijuni

Herkennen

Hoe herken je een appelroos?

Groeivorm
Dichte, rechtopgaande struik van 1,5–2 m hoog en ongeveer 1,5 m breed, met rechte, slanke stekels.
Blad
Onevengeveerd met 5–7 deelblaadjes, grijsgroen, zacht behaard en met klierhaartjes die licht naar appel ruiken.
Bloem
Enkelvoudig, diep roze, 4–5 cm breed, met gele meeldraden. Bloeit in juni.
Vrucht
Grote, ronde tot eivormige rozenbottels van 2–3 cm, rood en borstelig, rijp van augustus tot oktober.
Wortels
Diep wortelend en robuust. Kan langzaam met een paar uitlopers uitbreiden.

Bloei: juni · Oogst en vruchten: augustus–september · Planten: maart–april en oktober–november · Snoeien: februari–maart

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Enkele, roze bloemen in juni vol nectar en stuifmeel voor bijen en hommels.
  • Opvallend grote, rode rozenbottels in de late zomer en herfst, een sieraad en voedsel voor vogels.
  • Grijsgroen blad met een lichte appelgeur, mooi in combinatie met andere struiken.
  • Eetbare bottels voor jam, siroop of thee, mits je de zaadjes en haartjes verwijdert.
  • Sterk en winterhard, met weinig snoei en weinig ziekten, ideaal voor een natuurlijke tuin of vogelhaag.

Waar staat een appelroos graag?

  • Zon tot halfschaduw; in de zon bloeit hij rijker en zetten er meer bottels aan.
  • Gewone, goed doorlatende tuingrond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk.
  • Normaal tot droog; hij verdraagt droogte beter dan veel andere rozen, maar niet langdurig natte voeten.
  • Winterhard en robuust, ook op een winderige plek.
  • Reken op 1,5 m ruimte per plant; voor een natuurlijke haag zet je ze op 1 m van elkaar.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Niet kieskeurig
Vocht
Droog of normaal
Grootte
2 m hoog, 1,5 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -30 °C)

Mooi samen met

  • Lavendel: Grijsblauwe bloei en geur in dezelfde zon, vooral mooi als rand vooraan.
  • Ooievaarsbek: Een stevige bodembedekker met blauwe of roze bloemen onder de struik.
  • Kattenkruid: Een lange, blauwe bloeiperiode die vlinders en bijen trekt.
  • Meidoorn: Samen in een gemengde, natuurlijke haag met bessen voor vogels.
  • Salie: Grijsgroen blad en blauwe bloemen die de roze roos mooi aanvullen.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een appelroos?

Planten in maart–april en oktober–november.

  1. Plant in oktober–november of in maart–april, op een dag zonder vorst. Wortelechte planten zonder kluit kun je ook in de winter planten.
  2. Graaf een plantgat dat dubbel zo breed is als de wortels en maak de bodem los.
  3. Zet de plant even diep als in de pot of kwekerij en vul aan met de eigen grond, met eventueel een beetje compost.
  4. Houd 1–1,5 m afstand tussen de planten, bij een haag 1 m.
  5. Geef meteen een flinke gieter water en druk de grond goed aan.
  6. Leg een laag mulch van compost of schors rond de voet, maar niet tegen de stam.

Verzorgen

Water
Het eerste jaar bij droogte wekelijks flink water geven. Daarna redt hij zich, behalve in lange droge zomers.
Bemesten
Weinig nodig. Een schep compost in het voorjaar volstaat; te veel stikstof geeft zacht blad en meer ziekte.
Mulchen
Een laag compost of schors in maart houdt de grond vochtig en onkruidvrij.
Bottels oogsten
Pluk de bottels als ze helder rood en nog stevig zijn, in september–oktober. Halveer ze en haal zaadjes en haartjes weg voor jam of thee.
Uitlopers
Steek ongewenste uitlopers in het voorjaar of de herfst af, samen met een stukje wortel.

Tip: Wacht met plukken tot de bottels helder rood zijn en nog stevig aanvoelen. Haal de zaadjes en haartjes er altijd uit voor je ze kookt.

Wanneer snoei je een appelroos?

Snoeimaanden: februari–maart.

Wanneer: In februari–maart, voor de struik uitloopt. Er is weinig snoei nodig.

Hoe:

  • Haal dode, beschadigde en kruisende takken helemaal weg.
  • Neem om de 2–3 jaar een kwart van de oudste takken aan de voet weg, om de struik te verjongen.
  • Kort te lange of uitstekende scheuten in tot een stevige zijtak.
  • Steek ongewenste uitlopers af met een spade.

Let op: Snoei niet alle takken hard terug: de bloemen en bottels zitten aan zijtakken van oud hout, dus je verliest ze.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaaien
Verzamel zaad in de herfst, laat de bottels rotten of haal de zaden eruit, en zaai ze vers in oktober–november buiten. Het zaad heeft een koude periode nodig en kiemt traag, soms pas na twee winters.
Afsteken
In oktober of maart een uitloper met wortels van de moederplant afsteken en meteen op een nieuwe plek zetten.
Houtstekken
In oktober–november stekken van 20–25 cm van gerijpt hout, de helft in de grond. Het slagingspercentage is wisselend.

Hoe komt een appelroos de winter door?

Winterhard tot −30 °C.

  • Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C: in Belgische winters is geen bescherming nodig.
  • Laat de bottels aan de struik hangen, ze zijn winterkost voor vogels.
  • In een pot is hij minder geschikt, want hij heeft een diepe wortelkluit nodig; plant hem liever in de volle grond.

Ziektes en plagen

  • Meeldauw: Wit poeder op blad en scheuten, vooral in droge, windstille periodes. Zorg voor lucht in de struik, snoei dun en geef water bij droogte.
  • Roest: Oranje puistjes onder de bladeren in de zomer. Haal aangetaste bladeren weg en gooi ze bij het restafval.
  • Sterroetdauw: Zwarte vlekken met uitgerafelde randen op het blad. Ruim dode bladeren in de herfst op en snoei dun voor meer lucht.
  • Bladluis: Kolonies op jonge scheuten in mei–juni. Spuit ze af met water of laat lieveheersbeestjes en zweefvliegen hun werk doen.

Het jaar rond

  • Februari: Snoeien: dode takken en een kwart van de oude takken weg.
  • Maart: Planten. Snoeien afronden. Mulch aanbrengen.
  • April: Planten. Uitlopers afsteken. Compost geven.
  • Mei: Op bladluis letten. Water geven bij droogte.
  • Juni: Bloei. Bijen en hommels in de tuin.
  • Augustus: De bottels kleuren oranje tot rood.
  • September: Bottels oogsten voor jam of thee.
  • Oktober: Planten. Bottels voor vogels laten hangen. Zaad zaaien.
  • November: Planten. Dode bladeren opruimen.
  • December: Rust. De bottels sieren de tuin.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Vruchten (augustus–september)
De appelroos draagt in augustus en september grote, ronde, dieprode en wat stekelige rozenbottels, tot 3 cm. Ze zijn vleziger dan die van de hondsroos en daarom ideaal voor confituur, soep en siroop. Pluk ze als ze dieprood zijn en net zacht beginnen te worden.
Bewaring
Verse bottels blijven een week goed in de koelkast. Ontpit en gehalveerd kan je ze invriezen of drogen voor thee.

Let op: Binnenin zitten pitjes met fijne haartjes die jeuk en irritatie van mond en darmen geven (het bekende jeukpoeder): verwijder ze altijd zorgvuldig, of zeef het moes door een fijne doek. Draag handschoenen bij het plukken en schoonmaken: de bottels en takken zijn stekelig.

Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.

Recepten

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Vogels
Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De rozenbottel is eigenlijk een schijnvrucht: de echte vruchtjes zijn de harige zaadjes in het binnenste.
  • Een oude wetenschappelijke naam, Rosa pomifera, betekent ‘appeldragende roos’, naar de grote, ronde bottels.
  • De haartjes in de bottel werden vroeger door kinderen als jeukpoeder gebruikt.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…