Wilg (Salix lanata)

Foto: Sten Porse, CC BY-SA 3.0 · bron

Heester · Salicaceae

Wilg

Salix lanata

In andere talen: Saule laineux (Français) · Woolly willow (English)

De wollige wilg is een lage bergwilg uit het hoge noorden: hij komt van nature voor in IJsland, Scandinavië, Noord-Rusland en op enkele berghellingen in Schotland. Het is een langzaam groeiende, bolle struik van ongeveer 1 m hoog en tot 1,5 m breed, met ronde, dik wollig behaarde, zilvergrijze bladeren. In april en mei verschijnen, tegelijk met het blad, grote, rechtopstaande gele katjes die tot de mooiste van alle wilgen behoren en bijen veel nectar en stuifmeel geven. Hij is volledig winterhard, maar houdt van koele, vochtige grond en verdraagt droogte slecht. Dankzij zijn compacte formaat past hij in een rotstuin, een grote bak of de voorkant van een border.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal tot nat

    mag niet uitdrogen

  • Grond

    Zand, leem of klei

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -40 °C

  • Grootte

    1 m

    hoog, 1,5 m breed

  • Bloei

    april–mei

Feiten op een rij
Snoeimaandenmei
Hoogte1 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeiapril–mei

Herkennen

Hoe herken je een wilg?

Groeivorm
Langzaam groeiende, bolle struik van 0,6–1 m hoog en tot 1,5 m breed, met stevige, kromme takken.
Blad
Breed eirond tot rond, 3–6 cm, dik wollig behaard en zilvergrijs; de beharing is aan de onderkant het dichtst.
Bloem
Grote, rechtopstaande katjes in april–mei, tegelijk met het blad; de mannelijke zijn goudgeel, de vrouwelijke groenachtig.
Geslacht
Tweehuizig: mannelijke en vrouwelijke bloemen zitten op verschillende planten. De mannelijke zijn het opvallendst.
Wortels
Vezelig en ondiep: ze hebben koele, gelijkmatig vochtige grond nodig en drogen snel uit.

Bloei: april–mei · Planten: maart–april en oktober–november · Snoeien: mei

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Dik, zilverwollig blad dat het hele seizoen opvalt en rustig oogt.
  • Grote, gele katjes in april–mei: een van de mooiste wilgenbloemen en vroeg voedsel voor bijen.
  • Compact en laag, geschikt voor een rotstuin, een bak of de voorkant van een border.
  • Volledig winterhard, ook in strenge winters en in koude streken.
  • Weinig snoei en weinig onderhoud nodig als de grond vochtig blijft.

Waar staat een wilg graag?

  • Zon tot halfschaduw; in volle zon heeft hij extra vocht nodig, in de halfschaduw blijft hij frisser.
  • Humusrijke, goed doorlatende grond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk.
  • Normaal tot vochtig; houd de grond koel en gelijkmatig vochtig. Hij verdraagt geen droogte.
  • Volledig winterhard en bestand tegen wind; hij lijdt vooral in hete, droge hoekjes.
  • Reken op 1–1,5 m ruimte per plant; in een rotstuin op minstens 1 m.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Niet kieskeurig
Vocht
Normaal of nat
Grootte
1 m hoog, 1,5 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -40 °C)

Mooi samen met

  • Sleutelbloem: Vroege voorjaarsbloeier die in dezelfde koele, vochtige grond groeit.
  • Steenbreek: Kleine rozetten en bloemen in dezelfde rotstuin.
  • Ooievaarsbek: Een stevige, bloeiende bodembedekker met blauwe of roze bloemen.
  • Schapengras: Een fijn, blauwgrijs gras dat past bij het zilvergrijze blad.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een wilg?

Planten in maart–april en oktober–november.

  1. Plant in oktober–november of in maart–april, als de grond niet bevroren of kletsnat is.
  2. Graaf een plantgat dat dubbel zo breed is als de kluit en meng er een paar scheppen compost door.
  3. Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
  4. Houd 1–1,5 m afstand tussen de planten.
  5. Geef meteen een flinke gieter water en houd de grond het eerste jaar steeds vochtig.
  6. Leg een laag mulch van compost, schors of fijn grind rond de voet om de grond koel te houden.

Verzorgen

Water
Houd de grond gelijkmatig vochtig, vooral in de zomer en het eerste jaar. Hij verdraagt geen droogte; in een pot dagelijks controleren bij warm weer.
Bemesten
Weinig nodig. Een beetje compost of organische mest in het voorjaar volstaat.
Mulchen
Een laag compost, schors of grind houdt de wortels koel en de grond vochtig.
Uitgebloeide katjes
Laat ze staan of knip ze na de bloei af om de struik compact en netjes te houden.
Pot
Gebruik een grote, brede pot met afvoergaten en een humusrijke, goed doorlatende potgrond.

Tip: Zet hem op een koele, vochtige plek en leg een laag mulch rond de voet. Droogte is zijn grootste vijand, hoe winterhard hij ook is.

Wanneer snoei je een wilg?

Snoeimaanden: mei.

Wanneer: Direct na de bloei, in mei. Verder is nauwelijks snoei nodig.

Hoe:

  • Knip lange, uitstekende of dode takken terug tot een zijtak of knop.
  • Houd hem compact door de takken na de bloei met een derde in te korten.
  • Haal dood hout helemaal weg.
  • Snoei niet in de winter: je knipt dan de katjes van het volgende voorjaar weg.

Let op: Knip niet in oud, kaal hout: daaruit loopt hij slecht uit. Blijf bij de jonge, bladdragende takken.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Houtstekken
In november–februari stekken van 10–15 cm van gerijpte takken, de helft in vochtige grond. Wilgenstekken wortelen meestal makkelijk.
Halfverhoute stekken
In juli–augustus stekken van 8–10 cm van halfverhoute scheuten in stekgrond met zand, onder plastic of in een koude bak.
Zaaien
Het zaad is maar enkele dagen kiemkrachtig; zaai het meteen na het rijpen. Dit is lastiger dan stekken.

Hoe komt een wilg de winter door?

Winterhard tot −40 °C.

  • Volledig winterhard, tot ongeveer −40 °C: in Belgische winters is geen bescherming nodig.
  • In een pot: zet de pot tegen een muur of in de buurt van het huis en wikkel hem in jute, zodat de wortels niet bevriezen.
  • Zorg dat de pot ’s winters niet in water staat, want natte wortels rotten.

Ziektes en plagen

  • Verdorrende bladranden: Teken van droogte of hitte: geef ruim water, mulch de grond en zet hem op een koelere plek.
  • Bladluis: Kolonies op jonge scheuten in het voorjaar. Spuit ze af met water of laat lieveheersbeestjes en zweefvliegen hun werk doen.
  • Roest: Oranje puistjes onder de bladeren in de zomer. Ruim aangetaste bladeren op en zorg voor lucht tussen de planten.
  • Wortelrot: In te natte grond, vooral in de winter. Plant hem hoger of verbeter de afvoer met grof zand.

Het jaar rond

  • Maart: Planten. Mulch aanbrengen.
  • April: Bloei: gele katjes voor bijen. Planten.
  • Mei: Snoeien na de bloei. Water geven.
  • Juni: Water geven bij droogte.
  • Juli: Regelmatig water geven, vooral in potten. Halfverhoute stekken nemen.
  • Augustus: Halfverhoute stekken nemen. Op droogte letten.
  • Oktober: Planten. Het blad kleurt.
  • November: Planten. Houtstekken nemen.
  • December: Rust. Pot beschermen tegen vorst.

Gebruiken

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De soortnaam lanata is Latijn voor ‘wollig’, naar de dikke beharing van het blad.
  • In het wild is hij een zeldzame bergplant in Schotland, waar hij op enkele rotsachtige hellingen groeit.
  • De dichte, witte beharing geeft het blad zijn zilveren look, maar is ook een aanpassing aan koude, winderige standplaatsen.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…