Twee op een rij
Kweepeer of peer? Zo zie je het verschil
Cydonia oblonga · Pyrus communis
Een kweepeer herken je aan het ovale, gaafrandige blad met een witviltige onderkant, de grote, lichtroze bloemen die apart in mei bloeien en de goudgele, donzige vruchten; een peer heeft glanzend, kaal blad aan een lange steel, witte bloesem in trosjes in april en gladde peren.
Draai een blad om: grijs- tot witviltig bij de kweepeer, kaal en glanzend bij de peer. De bladrand is gaaf bij de kweepeer, fijn gekarteld bij de peer. De bloemen staan bij de kweepeer apart aan korte twijgen, groot en lichtroze; bij de peer in trosjes, wit met rode helmknoppen. De kweepeer heeft kronkelige takken, de peer steil opgaande.
| Kweepeer | Peer | |
|---|---|---|
| Blad | Verspreid, 5–10 cm, eirond, gaaf; boven donkergroen, onder grijs- tot witviltig. | Verspreid, rond tot eivormig met spitse top, 3–8 cm, fijn gekarteld en glanzend; lange bladsteel. |
| Bloei | Grote, lichtroze bloemen (4–5 cm) apart aan korte twijgen, in mei, na het blad. | Witte bloemen met rode helmknoppen in april, iets vroeger dan de appel. |
| Vrucht | Peer- of appelvormige, goudgele vruchten (8–12 cm) met een donzig laagje en een sterke geur. Rauw hard en wrang, gekookt heerlijk (gelei, kweepeerbrood). | Peren. |
| Schors | Glad, grijsbruin en in plaatjes afschilferend; kronkelige takken. | Donkergrijs, in kleine vierkante blokjes gebarsten. |
| Vorm en hoogte | Fruitboom, 4–7 m | Fruitboom, 4–15 m |
| Standplaats | Volle zon, elke tuingrond, normaal | Volle zon, elke tuingrond, normaal |
| Inheems in België | Nee, aangeplant | Nee, ingeburgerd |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen | Ja, voor bijen en vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend | Niet als giftig bekend |
| Snoeimaanden | December–februari | Juli–augustus en december–maart |
Het beste kenmerk per seizoen
- Lente
- De peer bloeit in april, iets vroeger dan de appel, met witte bloemen in trosjes. De kweepeer bloeit pas in mei, na het blad, met grote, lichtroze bloemen van 4–5 cm.
- Zomer
- De vruchten groeien: donzig en groengeel bij de kweepeer, glad bij de peer. Het blad van de kweepeer is donkergroen met een viltige onderkant.
- Herfst
- De kweepeer draagt goudgele, peer- of appelvormige vruchten van 8–12 cm met een donzig laagje en een sterke geur: rauw hard en wrang, gekookt heerlijk. De peer oogst je van augustus tot oktober, naargelang het ras.
- Winter
- Kijk naar de schors en de vorm: glad, grijsbruin en in plaatjes afschilferend, met kronkelige takken, bij de kweepeer; donkergrijs en in kleine vierkante blokjes gebarsten, met steil opgaande takken, bij de peer.
Waar groeien ze?
Beide staan bij ons vooral in tuinen en boomgaarden. De kweepeer komt uit Zuidwest-Azië en houdt van een warm, zonnig plekje. De peer is na de appel de bekendste fruitboom van onze tuinen.
Welke kies je voor je tuin?
- De kweepeer blijft met 4–7 m klein, bestuift zichzelf en vraagt weinig snoei, maar wil een warme plek om zijn vruchten te laten rijpen. De peer heeft meestal een tweede ras in de buurt nodig voor de bestuiving.
- Beide zijn gevoelig voor bacterievuur: houd de kroon luchtig en zet geen meidoorn, cotoneaster of vuurdoorn vlak naast de boom. Bij de kweepeer ruim je afgevallen blad op tegen bladvlekkenziekte.
Wist je dat? Veel perenbomen in onze tuinen staan op een onderstam van kweepeer: zo blijft de peer klein en draagt hij sneller.
Verder lezen
- Fiche: Kweepeer
- Fiche: Peer
- Kweepeer snoeien: wanneer en hoe
- Peer snoeien: wanneer en hoe
- Determinatietabel: de vraag waar ze uit elkaar gaan

