
Foto: The original uploader was Jeantosti at French Wikipedia., CC BY-SA 3.0 · bron
Kruidachtige plant · Nachtschadefamilie (Solanaceae)
Bilzenkruid
Hyoscyamus niger
In andere talen: Jusquiame noire (Français) · Henbane (English)
Komt in België in het wild voor.
Bilzenkruid is een kleverig behaard, onaangenaam ruikend een- of tweejarig kruid van 30–80 cm uit de nachtschadefamilie, en een van de giftigste planten van onze flora. Het groeit op open, voedselrijke, verstoorde grond: rond boerderijen, op mesthopen, braakland, in ruigtes, op akkerranden en in de duinen, vaak waar konijnen de grond omwoelen. In België is het zeldzaam geworden, en het duikt vaak onverwacht op waar oude grond wordt omgewoeld, omdat het zaad vele jaren kiemkrachtig blijft in de bodem. Je herkent het aan de grijsgroene, grof getande bladeren en de trechtervormige, vuilgele bloemen met een dicht net van paarse adertjes en een donkerpaars hart. Door zijn gif speelt het een grote rol in oude volksverhalen over heksen en toverdranken.
Let op: Zeer giftig: alle delen, vooral het zaad en de wortel, bevatten alkaloïden die al in kleine hoeveelheden een ernstige vergiftiging veroorzaken. Gevaar voor kinderen, honden, katten, paarden, runderen en ander vee. Plant hem nooit waar kinderen spelen of dieren grazen, draag handschoenen, was je handen en wrijf niet in je ogen. Eet nooit van de plant. Bij inslikken meteen een arts of het Antigifcentrum bellen.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog
verdraagt droogte
Winterhard
Volledig winterhard
tot -20 °C
Grootte
0,6 m
hoog, 0,4 m breed
Bloei
juni–september
| Snoeimaanden | augustus–september |
|---|---|
| Hoogte | 0,6 m |
| Inheems in België | Ja |
| Bloei | juni–september |
Herkennen
Zo herken je hem
- Groeivorm
- Rechtopgaand, weinig vertakt kruid van 30–80 cm, een- of tweejarig; tweejarige planten vormen eerst een grote bladrozet.
- Blad
- Grijsgroen, groot en zacht, grof getand tot diep ingesneden, kleverig behaard en onaangenaam ruikend; de stengelbladeren omvatten de stengel.
- Bloem
- Trechtervormig, 2–3 cm, vuil roomgeel met een dicht net van paarse aders en een donkerpaars hart, in eenzijdige aren in de bladoksels, van juni tot september.
- Vrucht/Zaad
- Doosvrucht met een dekseltje, verborgen in de vergrote, urnvormige kelk met vijf stijve punten; bevat honderden kleine, grijsbruine zaden.
- Stengel
- Dik, kleverig en dicht behaard.
- Verwarring met
- Doornappel heeft grote witte trompetbloemen en een stekelige doosvrucht, en is ook zeer giftig. Andere nachtschaden, zoals bitterzoet en zwarte nachtschade, hebben kleine stervormige bloemen. Een jonge bladrozet kan op een eetbaar blad lijken: eet nooit planten die je niet zeker kent.
Bloei: juni–september · Snoeien: augustus–september
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Opvallend getekende bloemen: vuilgeel met een netwerk van paarse adertjes, een echte blikvanger.
- Hommels en andere bijen bezoeken de bloemen voor nectar en stuifmeel.
- Een zeldzame soort van oude erven, duinen en ruigtes: hem tegenkomen is een bijzondere ervaring.
- Historisch interessant: het hoort bij de bekendste gifplanten uit de geschiedenis en de volksverhalen.
- De urnvormige vruchtkelken vormen in het najaar een opvallende, droge structuur.
Waar staat een bilzenkruid graag?
- In het wild: open, voedselrijke en verstoorde grond, zoals erven, mesthopen, ruigtes, braakland, akkerranden, dijken en konijnenrijke duinen.
- Volle zon en warme, open plekken.
- Droge tot matig vochtige, stikstofrijke, zandige of kalkhoudende grond.
- In de tuin: enkel in een afgeschermde hoek van een historische of educatieve kruidentuin, nooit waar kinderen spelen of huisdieren lopen.
Mooi samen met
- Koningskaars: Hoge gele aren op dezelfde warme, droge grond.
- Slangenkruid: Blauwe bloemen voor hommels in een zonnige ruigte.
- Wilde reseda: Lichtgele pluimen, ook een plant van verstoorde, kalkrijke grond.
- Moederkruid: Een andere oude kruidentuinplant met witte, madeliefachtige bloemetjes.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een bilzenkruid?
- Vraag je eerst af of je hem echt wilt: zet hem nooit in een tuin met jonge kinderen of huisdieren, of naast een weide met grazers.
- Koop zaad bij een zaadhandel voor wilde of historische planten; graaf nooit planten uit in het wild.
- Zaai in september–oktober of in maart–april op een open, zonnige plek en bedek het zaad maar heel licht.
- Dun de zaailingen uit tot 40–50 cm en draag daarbij handschoenen.
- Zet een duidelijk label of een lage afsluiting rond de plek, zodat niemand ervan eet of zaad verzamelt.
- Geef alleen water tot de kieming; daarna is water niet nodig.
Verzorgen
- Water
- Niet nodig; hij houdt van droge, warme plekken.
- Bemesten
- Niet nodig.
- Handschoenen
- Draag altijd handschoenen als je de plant aanraakt, was daarna je handen en wrijf niet in je ogen.
- Zaad laten vallen
- Het zaad blijft vele jaren kiemkrachtig in de grond. Knip de vruchten weg voor ze rijp zijn als je niet wilt dat hij zich uitzaait.
- Opruimen
- Gooi afgestorven planten met vruchten in de groene container of bij het restafval, niet op de eigen composthoop.
Tip: Wil je bilzenkruid tonen in een educatieve kruidentuin, zet het dan achter een lage afsluiting met een duidelijk bordje ‘giftig’.
Snoeien en maaien
Snoeimaanden: augustus–september.
Wanneer: In augustus–september, voor de vruchten rijp zijn.
Hoe:
- Draag handschoenen en lange mouwen.
- Knip de stengels met vruchtkelken af voor ze bruin worden, als je geen zaailingen wilt.
- Laat je één plant afrijpen voor zaad, knip die dan op tijd af en bewaar het zaad buiten bereik van kinderen.
- Voer het snoeisel af in de groene container of bij het restafval, niet op de eigen composthoop.
Let op: Was na het werk grondig je handen en wrijf niet in je ogen: alle delen van de plant zijn giftig.
Vermeerderen
- Zaad
- Rijpt vanaf augustus in de urnvormige kelken. Zaai in de herfst of het voorjaar; het kiemt onregelmatig, soms pas na een jaar of later.
Hoe komt een bilzenkruid de winter door?
Winterhard tot −20 °C.
- Eenjarige planten sterven in de herfst af; de droge stengels met urnvormige vruchtkelken blijven staan.
- Tweejarige planten overwinteren als bladrozet en bloeien het volgende jaar.
- De rozetten zijn winterhard tot ongeveer −20 °C.
- Het zaad overleeft vele jaren in de grond en kiemt vaak pas als de grond wordt omgewoeld.
Ziektes en plagen
- Vergiftiging: Het grootste risico. Zet hem buiten bereik van kinderen en dieren, label de plant en draag handschoenen.
- Ongewenst opduiken: Kan jaren later opnieuw opkomen. Trek onbekende zaailingen met handschoenen uit, voor ze bloeien.
- Aardvlooien: Kleine springende kevertjes vreten gaatjes in het blad. Meestal niet ernstig; laat het gewoon gebeuren.
- Verdwijnen: Op een plek die niet meer verstoord wordt, verdwijnt hij na enkele jaren. Woel de grond af en toe licht om.
Het jaar rond
- Maart: Zaaien op een open, zonnige plek, met handschoenen.
- April: Zaailingen uitdunnen tot 40–50 cm.
- Mei: Tweejarige rozetten schieten door.
- Juni: Eerste bloemen met paarse adertjes.
- Juli: Volle bloei; hommels bezoeken de bloemen.
- Augustus: Vruchtkelken zwellen; afknippen als je geen zaad wilt.
- September: Laatste bloemen. Zaaien voor tweejarige planten.
- Oktober: Afgestorven planten met handschoenen opruimen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Hyoscyamus komt van het Griekse hys, varken, en kyamos, boon: ‘varkensboon’. De Engelse naam henbane betekent ‘dood van de kip’ en wijst op het gif.
- In oude volksverhalen hoort bilzenkruid bij de ingrediënten van zogenaamde heksenzalven en toverdranken.
- Het zaad kan heel lang in de grond overleven: bilzenkruid verschijnt soms plots waar oude grond wordt omgewoeld, bijvoorbeeld bij bouwwerken of opgravingen.