
Foto: Paul Hermans, CC BY-SA 3.0 · bron
Kruidachtige plant · Papaverfamilie (Papaveraceae)
Gebroken hartje
Lamprocapnos spectabilis
In andere talen: Cœur-de-Marie (Français) · Bleeding heart (English)
Komt van buiten Europa, maar staat hier veel in tuinen en parken.
Het gebroken hartje is een vaste plant uit Noordoost-Azië, waar hij groeit in vochtige, lichte bossen en op beschaduwde hellingen in het noorden van China en in Korea. In België groeit hij niet in het wild, maar sinds de 19de eeuw is hij een geliefde klassieker in schaduwrijke tuinen. Je herkent hem meteen aan de boogvormige stengels met een rij hangende, hartvormige bloemen in roze en wit, als kralen aan een snoer. Hij bloeit van april tot in juni en wordt dan bezocht door hommels. Na de bloei verdwijnt hij vaak al midden in de zomer onder de grond, om het volgende voorjaar weer uit te lopen.
Let op: Alle delen van de plant zijn giftig bij opeten, door de alkaloïden die erin zitten. Houd jonge kinderen, honden, katten en grazende dieren zoals konijnen en paarden er weg van. Het sap kan bij gevoelige mensen de huid irriteren: draag handschoenen bij het snoeien en scheuren.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
0,7 m
hoog, 0,6 m breed
Bloei
april–juni
| Snoeimaanden | juni–juli |
|---|---|
| Hoogte | 0,7 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Bloei | april–juni |
Herkennen
Zo herken je hem
- Groeivorm
- Losse, ronde horst van 60–90 cm hoog en 50–60 cm breed, met sappige, boogvormig overhangende stengels.
- Blad
- Zacht blauwgroen, twee keer drietallig gedeeld in brede, ingesneden slippen; het doet wat denken aan pioenblad.
- Bloem
- Hartvormig, 2–3 cm, hangend in een rij aan gebogen trossen: twee roze buitenste kroonbladen met omgekrulde punten, waaruit een witte ‘druppel’ van de binnenste kroonbladen hangt. Het ras ‘Alba’ is helemaal wit.
- Vrucht/Zaad
- Een smalle, peulachtige doosvrucht van 2–3 cm met glanzend zwarte zaden; in tuinen zet hij niet altijd zaad.
- Wortels
- Dikke, vlezige en brosse wortels: hij houdt niet van verplanten.
- Verwarring met
- Kleine hartjes (Dicentra formosa en verwanten) zijn lager, met fijner ingesneden blad en bloemen in trosjes boven het blad. De inheemse holwortel heeft langwerpige, gespoorde bloemen in rechtopstaande trossen.
Bloei: april–juni · Snoeien: juni–juli
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de mooiste voorjaarsbloeiers voor de halfschaduw, met bloemen die iedereen herkent.
- Hommels bezoeken de bloemen; met hun lange tong kunnen ze bij de nectar diep in de bloem.
- Fris, zacht blauwgroen blad dat de schaduwborder al vroeg in het voorjaar opvrolijkt.
- Lang levend en weinig werk: een goed geplante horst blijft vele jaren op dezelfde plek staan.
- Mooie snijbloem: de gebogen trossen staan sierlijk in een vaas.
- Een klassieker uit grootmoeders tuin die kinderen meteen fascineert.
Waar staat een gebroken hartje graag?
- In het wild: vochtige, lichte loofbossen, bosranden en beschaduwde hellingen in Noord-China en Korea.
- Halfschaduw of lichte schaduw is ideaal, bijvoorbeeld onder hoge bomen of aan de oostkant van het huis. In volle zon verdwijnt hij sneller.
- Humusrijke, vochthoudende maar goed doorlatende grond; zuur tot licht kalkrijk is goed.
- Beschut tegen koude wind en late vorst, die de jonge scheuten kan beschadigen.
- Reken op 60 cm per plant en zet er laat uitlopende vaste planten naast die het gat in de zomer opvullen.
Mooi samen met
- Hosta: Grote bladeren die uitlopen als het gebroken hartje bloeit en in de zomer het gat vullen.
- Varens: Fris, groen blad voor een schaduwborder, ook na de zomerrust van het hartje.
- Kaukasisch vergeet-mij-nietje: Lichtblauwe bloempjes in dezelfde weken en in dezelfde halfschaduw.
- Akelei: Bloeit in mei mee en zaait zich graag uit in de halfschaduw.
- Longkruid: Vroege bloemen en gevlekt blad vooraan in de border.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een gebroken hartje?
- Koop planten bij een kwekerij of tuincentrum; haal nooit planten uit het wild.
- Plant in maart–april of in september–oktober, als de grond niet bevroren of te nat is.
- Meng een paar scheppen bladcompost of goed verteerde compost door de plantgrond.
- Zet de plant met de knoppen 2–3 cm onder de grond en ga voorzichtig om met de brosse wortels.
- Geef meteen flink water en leg een laag bladcompost rond de voet.
- Zet een stokje of label bij de plant: in de zomer verdwijnt hij, en zo graaf je hem niet per ongeluk uit.
Verzorgen
- Water
- Houd de grond in het voorjaar vochtig: in droge grond wordt het blad al in juni geel en verdwijnt de plant vroeg.
- Bemesten
- In maart een laag compost of bladcompost rond de plant is voldoende.
- Mulchen
- Een laag bladcompost houdt de grond koel en vochtig, zoals de bosbodem waar hij vandaan komt.
- Zomerrust
- Geel wordend blad in juli is normaal: de plant gaat in rust. Knip het weg en laat de buren het gat vullen.
- Niet verplanten
- Laat een gevestigde plant liefst staan: de brosse wortels breken makkelijk en hij heeft tijd nodig om te herstellen.
Tip: Plant hem tussen hosta’s of varens: die lopen later uit en verbergen het lege plekje wanneer het gebroken hartje in de zomer in rust gaat.
Snoeien en maaien
Snoeimaanden: juni–juli.
Wanneer: Uitgebloeide trossen in juni; het vergeelde blad in juli, als de plant in rust gaat.
Hoe:
- Knip uitgebloeide trossen af tot bij het blad, tenzij je zaad wilt oogsten.
- Laat het blad staan zolang het groen is: het voedt de wortels voor de bloei van volgend jaar.
- Knip vergeelde stengels en bladeren in juli tot net boven de grond af.
- Leg het snoeisel als mulch onder de struiken of op de composthoop.
Let op: Draag handschoenen: het sap kan de huid irriteren.
Vermeerderen
- Scheuren
- In maart of in september–oktober: graaf de horst voorzichtig op en verdeel hem met een scherp mes in stukken met elk een paar knoppen en wortels. Meteen terugplanten.
- Wortelstekken
- Leg in de late winter stukken dikke wortel van 5–8 cm horizontaal in een pot met zanderige stekgrond; in het voorjaar lopen ze uit.
- Zaad
- Zaai vers zaad in de zomer of herfst in een pot buiten: het heeft een koude periode nodig om te kiemen. Zaailingen bloeien na 2–3 jaar.
Hoe komt een gebroken hartje de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- De plant overwintert onder de grond als dikke wortelstok met knoppen; boven de grond is niets te zien.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −25 °C.
- De jonge, rode scheuten verschijnen in maart en zijn gevoelig voor late nachtvorst: dek ze bij vorst af met vliesdoek.
- Een laag bladcompost in de herfst beschermt de wortels en voedt de bodem.
Ziektes en plagen
- Late vorst: Bevroren scheuten worden zwart en slap. Dek ze af als er nachtvorst voorspeld wordt; de plant loopt meestal opnieuw uit.
- Slakken: Eten de jonge scheuten in maart–april. Raap ze ’s avonds en geef egels en loopkevers een plek.
- Vroeg geel blad: Teken van droogte of te veel zon. Geef water, mulch en verplant hem eventueel in de herfst naar een schaduwrijkere plek.
- Wortelrot: In natte, zware grond rotten de vlezige wortels. Plant op een goed doorlatende plek en verbeter klei met compost.
- Bladluis: Op jonge scheuten in het voorjaar. Meestal ruimen lieveheersbeestjes ze op; anders afspuiten met water.
Het jaar rond
- Februari: Wortelstekken nemen.
- Maart: Scheuten verschijnen. Compost geven. Afdekken bij late nachtvorst.
- April: Begin van de bloei. Letten op slakken.
- Mei: Volle bloei. Bloemen snijden voor de vaas.
- Juni: Laatste bloemen. Uitgebloeide trossen afknippen. Water geven bij droogte.
- Juli: Het blad vergeelt: afknippen tot net boven de grond.
- Augustus: Rust. Hosta’s en varens vullen het gat op.
- September: Planten of scheuren.
- Oktober: Planten. Bladcompost rond de plek strooien.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Draai een bloem ondersteboven en trek de roze kroonbladen voorzichtig uit elkaar: dan zie je een ‘dametje in bad’, een oud kinderspelletje en ook de Engelse bijnaam ‘lady in the bath’.
- Plantenjager Robert Fortune bracht de plant in 1846 uit China naar Engeland, waarna hij snel populair werd in Europese tuinen.
- Hij heette lang Dicentra spectabilis; nu staat hij in het geslacht Lamprocapnos, en net als de holwortel hoort hij bij de papaverfamilie.