
Foto: Johann Georg Sturm (Painter: Jacob Sturm), Public domain · bron
Kruidachtige plant · Weegbreefamilie (Plantaginaceae)
Hertshoornweegbree
Plantago coronopus
In andere talen: Plantain corne-de-cerf (Français) · Buck’s-horn plantain (English)
Komt in België in het wild voor.
Hertshoornweegbree is een lage, eenjarige tot tweejarige weegbree, soms een paar jaar levend, met een platte, stervormige rozet van smalle, ingesneden bladeren die op een hertengewei lijken. Van nature groeit hij aan de kust: in de duinen, op dijken, langs zandige paden en aan de rand van schorren. Landinwaarts zie je hem steeds vaker langs wegen die in de winter met zout bestrooid worden, in middenbermen, op parkeerplaatsen en tussen straatstenen. Je herkent hem aan de behaarde, wat vlezige bladeren met smalle zijslippen en aan de vele korte, bruinige bloeiaren op gebogen stelen. Het is geen grote insectenplant, want hij wordt vooral door de wind bestoven, maar het jonge blad is een knapperige, wat zilte bladgroente die je makkelijk zelf zaait.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Winterhard
Volledig winterhard
tot -20 °C
Grootte
0,15 m
hoog, 0,2 m breed
Bloei
mei–september
| Snoeimaanden | juni–augustus |
|---|---|
| Hoogte | 0,15 m |
| Inheems in België | Ja |
| Bloei | mei–september |
Herkennen
Zo herken je hem
- Groeivorm
- Platte, stervormige bladrozet van 5–20 cm doorsnede, met talrijke bloeistengels van 5–20 cm die eerst gebogen liggen en dan opstijgen.
- Blad
- Smal, 2–15 cm lang, meestal veerspletig met een paar smalle zijslippen, als een gewei; soms bijna gaaf. Behaard en wat vlezig, vooral op zilte plekken.
- Bloem
- Dichte, cilindrische aren van 2–6 cm op behaarde, bladloze stelen, met kleine, bruinige bloempjes en lichtgele helmknoppen, van mei tot september.
- Vrucht/Zaad
- Kleine doosvruchtjes die met een dekseltje openspringen, met enkele zaadjes die kleverig worden als ze nat worden.
- Wortels
- Een penwortel, waardoor hij droogte goed verdraagt.
- Verwarring met
- Zeeweegbree heeft vlezige, lijnvormige, gave en meestal kale bladeren zonder zijslippen. Smalle weegbree heeft bredere, lancetvormige bladeren met duidelijke nerven en korte, zwartbruine aren op lange, gegroefde stelen. Hertshoornweegbree: behaarde, smalle bladeren met gewei-achtige slippen in een platte ster.
Bloei: mei–september · Snoeien: juni–augustus
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een echte pionier van zilte, droge en betreden plekken: duinen, dijken, kustpaden en snelwegbermen, waar weinig andere planten het uithouden.
- Een eetbare plant: het jonge blad is knapperig en licht zilt, en wordt in Italië als salade geteeld onder de naam minutina of erba stella.
- Zaadetende vogels zoals vinken en mussen pikken de zaadjes op; de bloemen leveren wat stuifmeel, maar worden vooral door de wind bestoven.
- Een sterke plant voor tussen tegels en klinkers, op een grindpad of in een zilte kusttuin.
- Laag en met platte rozetten: ideaal voor een droog, zonnig plekje waar hogere planten niet passen.
Waar staat een hertshoornweegbree graag?
- In het wild aan de kust: in duinen, op dijken en zeeweringen, langs zandige paden en aan de rand van schorren. Landinwaarts steeds vaker langs gestrooide wegen, in middenbermen en op parkeerplaatsen.
- Volle zon.
- Droge tot matig vochtige, zandige of grindrijke grond. Hij verdraagt zout, betreding en arme grond, maar wordt op rijke grond verdrongen door forsere planten.
- In de tuin in de voegen van een terras, op een grindpad, in een droge rotstuin, in een kusttuin of in de moestuin als bladgroente.
Mooi samen met
- Engels gras: Roze bolletjes boven een lage pol; samen een zilte kustsfeer op droge grond.
- Muurpeper: Geel vetplantje voor dezelfde voegen en grindpaden.
- Zeekool: Een forse kustplant met blauwgrijs blad, mooi in een zandige kusttuin.
- Rucola: In de moestuin: samen een pittig-zilte salade, en ook te zaaien in de nazomer.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een hertshoornweegbree?
- Koop zaad bij een zadenhandel, waar het vaak als minutina of erba stella verkocht wordt, of zaad van inheemse herkomst bij een kwekerij voor inheemse planten.
- Zaai als bladgroente in maart–mei of in augustus–september, in rijen op 20–25 cm, en bedek het zaad nauwelijks.
- Dun de zaailingen uit tot 10–15 cm in de rij.
- Houd de grond vochtig tot het zaad gekiemd is. Daarna geef je alleen bij droogte water; in de moestuin wat vaker, dan blijft het blad mals.
- Voor tussen tegels of op grind: strooi het zaad in september–oktober of maart–april in de voegen en laat het verder zijn gang gaan.
- Haal nooit planten of zaad weg uit duinen of andere natuurgebieden.
Verzorgen
- Water
- In de moestuin bij droogte water geven, dan blijft het blad mals. In voegen en op grind is het niet nodig.
- Bemesten
- Niet nodig. In de moestuin volstaat gewone, niet te rijke grond; op arme grond blijft hij compact.
- Oogsten
- Pluk vanaf 6–8 weken na het zaaien de buitenste bladeren, of snijd de hele rozet af boven het hart: hij loopt dan opnieuw uit.
- Bloeistengels
- Knip bloeistengels weg als je blad wilt oogsten: zodra de plant bloeit, wordt het blad taaier.
- Zaad laten vallen
- Laat een paar planten zaad vormen: hij zaait zich uit in voegen en op kale plekken.
Tip: Zaai hertshoornweegbree in de nazomer: dan heb je de hele winter en het vroege voorjaar vers, knapperig blad, wanneer er in de moestuin weinig anders te oogsten valt.
Snoeien en maaien
Snoeimaanden: juni–augustus.
Wanneer: Van juni tot augustus de bloeistengels wegknippen bij planten voor de keuken. Bij planten in voegen of in een wilde hoek hoef je niets te doen.
Hoe:
- Knip de aren met steel en al bij de rozet weg zodra ze verschijnen.
- Laat tussen tegels of in een wilde hoek de aren staan, zodat vogels de zaadjes kunnen eten en de plant zich uitzaait.
- Trek uitgebloeide, verdroogde planten in de herfst uit en leg ze op de composthoop.
Vermeerderen
- Zaad
- Zaai in het voorjaar of in de nazomer. Het zaad kiemt vlot en je kunt al na een paar weken jong blad plukken.
- Zelf uitzaaien
- Laat zaad rijpen: de zaadjes worden kleverig als ze nat worden en kunnen aan schoenen en banden blijven hangen. Zo verspreidt hij zich langs paden en wegen.
Hoe komt een hertshoornweegbree de winter door?
Winterhard tot −20 °C.
- Rozetten uit een zaai in de nazomer overwinteren meestal goed en geven in het vroege voorjaar al blad.
- Na de bloei en de zaadzetting sterven de meeste planten af; sommige leven een paar jaar.
- Winterhard tot ongeveer −20 °C, zeker op droge, goed doorlatende grond.
Ziektes en plagen
- Taai blad: Na de bloei of bij droogte wordt het blad taai. Knip bloeistengels weg, geef water en zaai elke paar maanden opnieuw.
- Slakken: Jonge zaailingen in de moestuin worden soms aangevreten. Zaai wat ruimer en houd de randen open en droog.
- Verdrongen worden: In een gazon of border wordt hij overgroeid door forsere planten. Hij heeft open, kale grond nodig.
- Zand in het blad: De rozetten liggen plat op de grond. Spoel het blad goed voor je het gebruikt.
Het jaar rond
- Maart: Eerste zaai als bladgroente. Overwinterde rozetten geven blad.
- April: Zaaien en uitdunnen. Oogsten van overwinterde planten.
- Mei: Oogsten. Begin van de bloei.
- Juni: Bloei. Bloeistengels wegknippen bij planten voor de keuken.
- Juli: Bloei in voegen en bermen. Bloeistengels weg in de moestuin, water bij droogte.
- Augustus: Zaaien voor herfst en winter. Laatste bloeistengels wegknippen.
- September: Laatste zaai. Oogsten.
- Oktober: Uitgebloeide planten opruimen. Zaaien in voegen.
- December: Rozetten overwinteren.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De naam coronopus komt van het Griekse korōnē, ‘kraai’, en pous, ‘voet’: het ingesneden blad doet denken aan een kraaienpoot.
- Langs autosnelwegen trekt hij landinwaarts: het strooizout maakt de bermen zilt, en daar kan deze kustplant beter tegen dan de meeste andere planten.
- In Italië heet hij erba stella, ‘sterkruid’, naar de stervormige rozet.