Welriekende nachtorchis (Platanthera bifolia)

Foto: Hans Hillewaert, CC BY-SA 4.0 · bron

Kruidachtige plant · Orchideeënfamilie (Orchidaceae)

Welriekende nachtorchis

Platanthera bifolia

In andere talen: Platanthère à deux feuilles (Français) · Lesser butterfly-orchid (English)

Komt in België in het wild voor.

De welriekende nachtorchis is een inheemse orchidee met een aar van witte, sterk geurende bloemen en aan de voet meestal twee grote, glanzende bladeren. Hij groeit in schrale, ongemeste hooilanden, op heide, in vochtige tot droge graslanden en in lichte loofbossen, zowel op zure als op kalkrijke grond. In België is hij sterk achteruitgegaan: in Vlaanderen is hij zeer zeldzaam geworden, in Wallonië vind je hem nog plaatselijk in schrale graslanden en bosranden. Je herkent hem aan de lange, smalle, ongedeelde lip, de lange, dunne spoor en de twee stuifmeelklompjes die dicht en evenwijdig naast elkaar in het midden van de bloem staan. ’s Avonds en ’s nachts geurt hij het sterkst en lokt zo nachtvlinders, die met hun lange roltong bij de nectar in de spoor kunnen. Zoals alle wilde orchideeën is hij beschermd: pluk hem niet en graaf hem nooit uit.

Let op: De welriekende nachtorchis is, zoals alle wilde orchideeën in België, beschermd. Pluk hem niet, graaf hem nooit uit en neem geen knollen of zaad mee uit de natuur. Koop alleen planten die aantoonbaar in een kwekerij vermeerderd zijn.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -30 °C

  • Grootte

    0,35 m

    hoog, 0,15 m breed

  • Bloei

    mei–juli

Feiten op een rij
Snoeimaandenaugustus–september
Hoogte0,35 m
Inheems in BelgiëJa
Bloeimei–juli

Herkennen

Zo herken je hem

Groeivorm
Overblijvende orchidee van 20–40 cm, met twee ongedeelde, spoelvormige knollen in de grond.
Blad
Meestal twee grote, elliptische, glanzend groene bladeren vlak bij de grond, bijna tegenover elkaar. Hoger aan de stengel enkele kleine, schubvormige blaadjes.
Bloem
Losse aar van 5–25 witte, soms groenig witte bloemen met een lange, smalle lip van ongeveer 1 cm en een dunne spoor van 1,5–3 cm. Zoete, sterke geur, vooral ’s avonds. Bloei van mei tot juli.
Vrucht/Zaad
Doosvruchten met duizenden stoffijne zaadjes, die met de wind meewaaien en alleen kiemen met de hulp van een bodemschimmel.
Stengel
Rechtop, kaal en wat kantig, met enkele kleine schutbladeren.
Verwarring met
De bergnachtorchis is forser, heeft groenig witte bloemen en een zwakkere geur, en zijn twee stuifmeelklompjes staan onderaan ver uit elkaar en lopen schuin naar elkaar toe. Bij de welriekende nachtorchis staan ze dicht en evenwijdig naast elkaar.

Bloei: mei–juli · Snoeien: augustus–september

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een prachtige, sterk geurende orchidee die ’s avonds en ’s nachts zijn geur verspreidt en zo nachtvlinders lokt, zoals pijlstaarten en uilen.
  • De nectar zit diep in de lange spoor en is alleen bereikbaar voor insecten met een lange tong: een mooi voorbeeld van samenspel tussen bloem en bestuiver.
  • Een aanwijzer van waardevolle, ongemeste en goed beheerde graslanden en heide: waar hij groeit, zit vaak een rijke flora.
  • Wie een schraal hooiland of heideperceel beheert, helpt deze soort door laat te maaien, het maaisel af te voeren en nooit te bemesten.
  • In de tuin vooral iets voor de liefhebber met een geschikte, schrale plek, en alleen met planten die in een kwekerij vermeerderd zijn.

Waar staat een welriekende nachtorchis graag?

  • In het wild in schrale hooilanden, blauwgraslanden, vochtige en droge heide, kalkgraslanden, en in lichte loofbossen en bosranden.
  • Zon tot lichte halfschaduw.
  • Voedselarme, ongestoorde grond, zuur tot kalkrijk en vochtig tot vrij droog, maar nooit bemest.
  • In de tuin alleen kansrijk in een schraal grasland dat al jaren niet bemest is, of in een lichte bosrand waar de bodem niet omgewerkt wordt.

Mooi samen met

  • Tormentil: Gele bloempjes in dezelfde schrale, wat zure graslanden en heide.
  • Blauwe knoop: Bloeit in de nazomer en verlengt het seizoen in hetzelfde schrale grasland.
  • Betonie: Paarse aren in de zomer, geliefd bij hommels.
  • Gewone vleugeltjesbloem: Kleine blauwe bloempjes op dezelfde arme grond.
  • Gevlekte orchis: Een andere orchidee van schrale, vochtige graslanden, ook alleen uit een kwekerij.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een welriekende nachtorchis?

  1. Koop alleen planten die in een gespecialiseerde kwekerij vermeerderd zijn, nooit planten uit de natuur. Vraag na hoe ze gekweekt zijn.
  2. Plant in september–oktober, als de plant in rust is, op een schrale, ongestoorde plek in zon of lichte halfschaduw.
  3. Zet de knol enkele centimeters diep in de bestaande grond, zonder compost of mest, en druk zacht aan.
  4. Houd de grond het eerste jaar licht vochtig, maar nooit nat, en markeer de plek, zodat je er niet per ongeluk in schoffelt of maait.
  5. Verwacht geen wonderen: orchideeën hebben een bodemschimmel nodig en verdwijnen in tuinen vaak na een paar jaar. Een schraal grasland goed beheren geeft op termijn meer kans.
  6. Graaf nooit orchideeën uit in de natuur en neem er geen knollen of zaad weg: alle wilde orchideeën zijn in België beschermd, en verplante wilde planten gaan bijna altijd dood.

Verzorgen

Water
Alleen bij lange droogte in het voorjaar. Vermijd natte voeten in de winter.
Bemesten
Nooit. Mest en compost zijn funest voor orchideeën en hun bodemschimmel, en ze maken de grassen te sterk.
Maaien
Maai het grasland pas vanaf half augustus, als de zaaddozen open zijn, en voer het maaisel af. Niet maaien van april tot eind juli.
Bodem
Werk de grond rond de plant niet om en schoffel er niet. Trek concurrerende planten voorzichtig met de hand uit.
Rust
Na de zaadzetting verdwijnt de plant bovengronds. Markeer de plek met een stokje, zodat je hem niet beschadigt.

Tip: Heb je een schraal grasland waar al orchideeën groeien? Maai pas vanaf half augustus en voer het maaisel af: zo kunnen ze zich uitzaaien, en help je ze meer dan met nieuwe planten.

Snoeien en maaien

Snoeimaanden: augustus–september.

Wanneer: Vanaf half augustus of in september, na de zaadzetting, samen met het grasland.

Hoe:

  • Maai pas als de zaaddozen bruin en open zijn, zodat het stofzaad kan uitwaaien.
  • Voer het maaisel af, zodat de grond voedselarm blijft.
  • Knip nooit bloeiende stengels af voor een vaas: de plant heeft zijn blad en bloemen nodig om de knol voor volgend jaar te vormen.

Let op: Niet maaien tussen april en eind juli: dan maai je blad en bloemen weg en kan de nieuwe knol zich niet goed ontwikkelen.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaad
In de natuur via stoffijn zaad, dat alleen met een geschikte bodemschimmel kiemt. Het duurt jaren voor een zaailing bloeit. In de tuin lukt zaaien zelden; kwekers vermeerderen orchideeën in het laboratorium.
Knollen
Elk jaar vormt de plant een nieuwe knol voor het volgende seizoen, terwijl de oude afsterft. Een plant splitst zich daardoor maar zelden in twee.

Hoe komt een welriekende nachtorchis de winter door?

Winterhard tot −30 °C.

  • In de winter is er bovengronds niets te zien: de plant overleeft als knol in de grond.
  • Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C.
  • Natte, dichtgeslibde grond in de winter kan de knol doen rotten.

Ziektes en plagen

  • Mest of compost: Verstoort de bodemschimmel en maakt de grassen te sterk. Nooit bemesten, ook niet in de buurt.
  • Te vroeg maaien: Wie voor eind juli maait, verzwakt de plant en voorkomt zaadzetting. Maai pas vanaf half augustus.
  • Slakken: Slakken eten graag van jonge bladeren en bloemknoppen. Raap ze ’s avonds met de hand of leg een ring van grof zand rond de plant.
  • Verdwijnen: In tuinen verdwijnen orchideeën vaak na een paar jaar. Zorg voor schrale, ongestoorde grond en geef de plant tijd; soms komt hij na een jaar rust terug.

Het jaar rond

  • April: De twee bladeren verschijnen. Niet maaien, slakken in de gaten houden.
  • Mei: De bloeistengel groeit. Eerste bloemen eind mei.
  • Juni: Volle bloei. Kom ’s avonds ruiken en kijk naar nachtvlinders.
  • Juli: Einde van de bloei. Zaaddozen rijpen. Niet maaien.
  • Augustus: Vanaf half augustus maaien en maaisel afvoeren.
  • September: Maaien als dat nog niet gebeurd is. Gekweekte knollen planten.
  • Oktober: Planten. Plek markeren.
  • December: Rust onder de grond.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Charles Darwin beschreef in zijn boek over de bestuiving van orchideeën (1862) hoe de stuifmeelklompjes van nachtorchissen aan de kop of de roltong van nachtvlinders blijven kleven.
  • Platanthera betekent ‘brede helmknop’, van het Griekse platys, ‘breed’; bifolia betekent ‘tweebladig’.
  • Orchideeënzaad is zo fijn als stof en bevat bijna geen reservevoedsel: het kan alleen kiemen als een bodemschimmel het voedt.

Meer soorten uit Europa · Alle soorten

Laden…