Schapenzuring (Rumex acetosella)

Foto: Rasbak, CC BY-SA 3.0 · bron

Kruidachtige plant · Duizendknoopfamilie (Polygonaceae)

Schapenzuring

Rumex acetosella

In andere talen: Petite oseille (Français) · Sheep’s sorrel (English)

Komt in België in het wild voor.

Schapenzuring is een kleine, overblijvende zuring met smalle, spiesvormige bladeren die fris zuur smaken, en losse pluimen van piepkleine, roodachtige bloemetjes. Hij groeit op droge, zure en voedselarme zandgrond: op heide, in de duinen, in schrale graslanden, zandige bermen, braakliggende akkers en gazons op zand. In de Kempen en andere zandstreken is hij algemeen, elders minder talrijk. Je herkent hem aan de bladeren met twee zijwaarts gerichte oortjes aan de voet, en aan de planten die in de zomer rood kleuren, zodat hele stukken zandgrond een roestrode gloed krijgen. Hij is een waardplant voor de kleine vuurvlinder en een goede aanwijzer van zure grond, en het jonge blad kun je met mate rauw eten.

Let op: Het blad bevat oxaalzuur, net als spinazie en rabarber. Eet het alleen met mate en geef het niet in grote hoeveelheden aan kleine kinderen. Ook voor grazende dieren zoals schapen en paarden kan het in grote hoeveelheden schadelijk zijn: zorg dat het niet de hoofdmoot van hun voer wordt.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Droog

    verdraagt droogte

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -30 °C

  • Grootte

    0,25 m

    hoog, 0,3 m breed

  • Bloei

    mei–augustus

Feiten op een rij
Snoeimaandenseptember
Hoogte0,25 m
Inheems in BelgiëJa
Bloeimei–augustus

Herkennen

Zo herken je hem

Groeivorm
Overblijvende plant van 10–40 cm, met dunne, rechtopstaande stengels en een netwerk van kruipende wortels waaruit steeds nieuwe scheuten opkomen.
Blad
Smal, 2–6 cm lang en spiesvormig: aan de voet twee smalle, zijwaarts of iets naar voren gerichte oortjes, soms ook lijnvormig zonder oortjes. Zuur van smaak en vaak roodachtig aangelopen.
Bloem
Tweehuizig: er zijn aparte mannelijke en vrouwelijke planten. Piepkleine groene tot rode bloempjes in losse, smalle pluimen, van mei tot augustus; de mannelijke zijn geler, de vrouwelijke roder.
Vrucht/Zaad
Kleine, glanzend bruine, driekantige nootjes van 1–1,5 mm, ingesloten door de bloemdekbladen.
Wortels
Ondiepe, kruipende wortels met knoppen, waaruit nieuwe planten groeien.
Verwarring met
Veldzuring is veel groter, met pijlvormig blad waarvan de oortjes naar beneden wijzen, en groeit in vochtigere, rijkere graslanden. Ridderzuring en krulzuring zijn forse planten met grote, brede bladeren. Schapenzuring: klein, met smalle bladeren en zijwaarts gerichte oortjes.

Bloei: mei–augustus · Snoeien: september

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Waardplant voor de rupsen van de kleine vuurvlinder, een van onze mooiste kleine dagvlinders.
  • Zaadetende vogels zoals vinken, mussen en kneuen eten de zaadjes.
  • Hij wordt door de wind bestoven en is voor bijen nauwelijks van belang: zijn waarde zit in het blad en het zaad.
  • Een aanwijzer van zure, voedselarme zandgrond: waar hij welig tiert, is de grond arm en zuur.
  • Het jonge blad smaakt fris zuur en werd vroeger, net als veldzuring, als smaakmaker in salades en sauzen gebruikt.
  • In de zomer geeft hij een rode gloed aan zandige graslanden en heideranden.

Waar staat een schapenzuring graag?

  • In het wild op heide, in duinen, schrale graslanden, zandige bermen, braakliggende akkers en op zandige paden.
  • Volle zon.
  • Droge, zure, voedselarme zandgrond. Hij mijdt kalkrijke grond en wordt op rijke grond verdrongen door gras.
  • In de tuin in een heidetuin, een schraal grasland op zand, een droge rand of op een zandig talud.

Mooi samen met

  • Struikhei: Groeit op dezelfde zure zandgrond en bloeit later, in augustus–september.
  • Zandblauwtje: Hemelsblauwe bolletjes tussen de rode pluimen.
  • Muizenoor: Citroengele hoofdjes op dezelfde droge, arme grond.
  • Buntgras: Een grijsgroen pollengras van stuifzand, samen een echt Kempens landschap.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een schapenzuring?

  1. Meestal komt hij vanzelf op zure zandgrond. Wil je hem bewust een plek geven, koop dan zaad of planten van inheemse herkomst bij een kwekerij voor inheemse planten.
  2. Zaai in maart–april of in september op arme, losgemaakte zandgrond. Druk het zaad aan en bedek het nauwelijks.
  3. Plant op 20–30 cm afstand; met zijn kruipende wortels vult hij de ruimte zelf op.
  4. Geef na het zaaien of planten water tot hij aangeslagen is; daarna is water geven niet nodig.
  5. Zet hem niet in de moestuin of een border op zandgrond, maar in een afgebakende heide- of graslandhoek: hij verspreidt zich met wortelscheuten.
  6. Graaf nooit planten uit in de natuur, ook niet op de heide.

Verzorgen

Water
Niet nodig, behalve bij het aanslaan.
Bemesten
Niet doen: op rijke grond verdwijnt hij onder het gras.
Oogsten
Pluk in april–juni wat jong blad, met mate, voor een salade of als frisse smaakmaker. Spoel het goed.
Maaien
In een schraal grasland één keer per jaar maaien, in september, en het maaisel afvoeren.
Woekeren
In de moestuin of een border op zand kan hij lastig zijn, want elk achtergebleven stukje wortel loopt opnieuw uit. Steek hem met een riek uit, haal alle wortels weg en herhaal dat geregeld.
Bodem
Wil je minder schapenzuring in je gazon, verbeter de grond dan met compost: op minder zure, rijkere grond neemt het gras het over.

Tip: Heb je droge zandgrond? Laat in een zonnige hoek schapenzuring staan in plaats van te wieden: de kans is groot dat je in de zomer de kleine vuurvlinder op bezoek krijgt.

Snoeien en maaien

Snoeimaanden: september.

Wanneer: In september maaien in een schraal grasland of heiderand. Wil je minder zaailingen, knip de bloeistengels dan in de zomer af voor het zaad rijp is.

Hoe:

  • Maai en voer het maaisel af, zodat de grond schraal blijft.
  • Wil je dat hij zich minder uitzaait, knip de bloeistengels dan af voor het zaad rijp is.
  • Laat in een hoek een deel staan: de rupsen van de kleine vuurvlinder leven op het blad en vogels eten het zaad.
  • In de moestuin wied je hem beter uit dan hem te maaien: maaien laat de wortels ongemoeid.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Wortelscheuten
Hij verspreidt zich vooral met kruipende wortels. Steek in het voorjaar een stuk met wortels af en plant het elders.
Zaad
Zaai in het voorjaar of in september. Het zaad blijft lang kiemkrachtig in de grond.

Hoe komt een schapenzuring de winter door?

Winterhard tot −30 °C.

  • Schapenzuring overwintert met kleine bladrozetjes, die in de kou vaak rood aanlopen.
  • Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C.
  • Droge, rode bloeistengels blijven soms tot in de winter staan en geven nog wat zaad voor vogels.

Ziektes en plagen

  • Woekeren in de moestuin: De kruipende wortels lopen telkens opnieuw uit. Steek ze uit met een riek, mulch de bedden en verbeter de grond met compost.
  • In het gazon: Een teken van zure, arme zandgrond. Werk compost in en geef eventueel wat kalk als de grond erg zuur is; dan krijgt het gras de overhand.
  • Bladvlekken: Rode of bruine vlekjes op het blad zijn meestal onschuldig en horen bij de plant in droge zomers.
  • Te veel eten: Het blad bevat oxaalzuur. Eet het alleen met mate en zorg dat grazende dieren er niet massaal van eten.

Het jaar rond

  • Maart: Nieuwe rozetjes lopen uit. Uitsteken waar hij niet gewenst is.
  • April: Jong blad plukken. Zaaien op zandgrond.
  • Mei: Begin van de bloei. Blad plukken.
  • Juni: Volle bloei, met een rode gloed. De kleine vuurvlinder legt eitjes.
  • Juli: Zaad rijpt. Bloeistengels afknippen als je minder zaailingen wilt.
  • Augustus: Laatste bloei. Rupsen van de kleine vuurvlinder op het blad.
  • September: Maaien en maaisel afvoeren. Zaaien of planten.
  • Oktober: Uitsteken in de moestuin.
  • December: Rozetjes overwinteren.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De zure smaak komt van oxaalzuur; het woord zuring is verwant aan ‘zuur’.
  • Schapenzuring is tweehuizig: mannelijke en vrouwelijke bloemen zitten op aparte planten. De vrouwelijke planten kleuren in de zomer het sterkst rood.
  • Vanuit Europa is hij met de mens meegereisd naar onder meer Noord-Amerika, Australië en Nieuw-Zeeland, waar hij een lastig onkruid van zure grond is.

Meer soorten uit Europa · Alle soorten

Laden…