Witte klaverzuring (Oxalis acetosella)

Foto: André Karwath aka Aka, CC BY-SA 2.5 · bron

Kruidachtige plant · Klaverzuringfamilie (Oxalidaceae)

Witte klaverzuring

Oxalis acetosella

In andere talen: Oxalis petite-oseille (Français) · Wood-sorrel (English)

Komt in België in het wild voor.

Witte klaverzuring is een klein, teer plantje van de bosbodem, met klaverachtige blaadjes en witte, fijn geaderde bloemetjes in april en mei. Ze groeit in oude loof- en naaldbossen, op beschaduwde taluds, langs holle wegen en tussen het mos op boomstronken, op vochtige, humusrijke en wat zure grond. In België is ze vrij algemeen in bosrijke streken; in Vlaanderen geldt ze als een typische plant van oude bossen. Herken haar aan de drie hartvormige blaadjes op een lange steel, die ’s nachts en bij felle zon dichtklappen, en aan de vijf witte kroonblaadjes met lila adertjes. De blaadjes smaken fris zuur, vandaar haar naam.

Let op: De blaadjes smaken zuur door oxaalzuur. In grote hoeveelheden is dat schadelijk, voor mensen en ook voor huisdieren en grazers: eet er hooguit een paar blaadjes van en laat kinderen er niet van snoepen zonder toezicht.

  • Licht

    Halfschaduw of schaduw

    verdraagt weinig zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -30 °C

  • Grootte

    0,1 m

    hoog, 0,3 m breed

  • Bloei

    april–mei

Feiten op een rij
Hoogte0,1 m
Inheems in BelgiëJa
Bloeiapril–mei

Herkennen

Zo herken je hem

Groeivorm
Lage vaste plant van 5–15 cm met een kruipende, vertakte wortelstok; vormt losse tapijten.
Blad
Drietallig, als klaver, met drie omgekeerd hartvormige blaadjes van 1–2 cm op een lange, dunne steel; lichtgroen, onderaan soms paarsig. Ze klappen dicht bij nacht, regen en felle zon.
Bloem
Eén bloem per steeltje, 1–2 cm breed, met vijf witte kroonblaadjes met fijne lila tot paarse adertjes; in april–mei. Later in de zomer volgen soms kleine, gesloten bloemetjes dicht bij de grond, die zichzelf bestuiven.
Vrucht
Een kleine doosvrucht die bij rijpheid openspringt en de zaden wegschiet.
Wortels
Een dunne, kruipende wortelstok met vlezige schubben, net onder de strooisellaag.
Verwarring met
Klavers hebben ovale blaadjes die niet dichtklappen en bloemen in hoofdjes. Gehoornde en stijve klaverzuring zijn tuinonkruiden met gele bloemen, vaak in voegen en zonnige perken.

Bloei: april–mei

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Bloeit in april–mei op de bosbodem, waar in de schaduw weinig andere bloemen te vinden zijn.
  • Groeit waar bijna niets anders wil: in diepe schaduw onder bomen en struiken.
  • Vormt een fijn, groen tapijt dat de bodem bedekt en vochtig houdt.
  • Een kenmerkende plant van oude bossen: waar ze groeit, is de bosbodem vaak al heel lang ongestoord.
  • De blaadjes bewegen: ze klappen dicht bij nacht, regen of felle zon, leuk om met kinderen te bekijken.

Waar staat een witte klaverzuring graag?

  • In het wild: oude loof- en naaldbossen, beschaduwde taluds, holle wegen, mossige boomstronken en beekranden in het bos.
  • In de tuin: halfschaduw tot diepe schaduw, onder bomen of struiken.
  • Vochtige, humusrijke en wat zure grond met bladstrooisel; in de zon verdroogt ze snel.
  • Mooi als bodembedekker in een schaduwtuin, tussen varens, onder hagen of op een mossige stronk.

Mooi samen met

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een witte klaverzuring?

  1. Koop planten in pot bij een kwekerij voor inheemse planten, of vraag een stukje wortelstok aan iemand die ze in de tuin heeft.
  2. Plant in maart–april of in september–oktober, ondiep, net onder de strooisellaag.
  3. Zet de planten op 15–20 cm afstand; ze groeien langzaam uit tot een tapijt.
  4. Meng wat bladcompost door de grond en dek af met een laagje bladeren.
  5. Hou de grond het eerste jaar vochtig, vooral in een droog voorjaar.
  6. Graaf nooit planten uit in het bos: de wortelstokken zijn kwetsbaar en een bosbodem herstelt maar langzaam.

Verzorgen

Water
Bij langdurige droogte water geven; in een vochtige schaduwhoek is het verder niet nodig.
Bemesten
Niet nodig. Afgevallen blad is haar natuurlijke voeding.
Bladstrooisel
Laat de herfstbladeren liggen: ze beschermen de wortelstokken en houden de grond vochtig.
Schoffelen
Hark en schoffel niet tussen de planten: de wortelstokken liggen vlak onder het oppervlak.
Concurrentie
Hou bramen en woekerende grassen weg, want daar kan ze niet tegenop.

Tip: Laat de herfstbladeren liggen waar witte klaverzuring groeit: zo boots je de bosbodem na en breidt het tapijt zich vanzelf uit.

Snoeien en maaien

Wanneer: Niet nodig. Ze hoeft niet geknipt of gemaaid te worden.

Hoe:

  • Laat het blad gewoon staan; in zachte winters blijft het deels groen.
  • Laat afgevallen bladeren van bomen en struiken liggen als natuurlijke mulch.
  • Haal alleen takken of dikke lagen grof blad weg die het tapijt helemaal bedekken.

Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Scheuren
In maart of september een stuk van het tapijt met wortelstok afsteken en elders ondiep planten.
Zaad
Vers zaad in de zomer of herfst zaaien op vochtige, humusrijke grond in de schaduw, nauwelijks bedekt.

Hoe komt een witte klaverzuring de winter door?

Winterhard tot −30 °C.

  • In zachte winters blijven de blaadjes deels groen; bij strenge vorst sterven ze af en in het voorjaar lopen ze weer uit.
  • De wortelstok overwintert onder het bladstrooisel en is zeer winterhard.
  • Het lage tapijt en het strooisel erboven bieden beschutting aan kleine bodemdieren.

Ziektes en plagen

  • Verdroging: In de zon of bij droogte vergelen en verdorren de blaadjes. Kies een schaduwrijke, vochtige plek en laat bladstrooisel liggen.
  • Slakken: Vreten soms aan de jonge blaadjes in het voorjaar; meestal valt de schade mee.
  • Overwoekering: Bramen, klimop of hoge grassen kunnen het tapijt verstikken. Hou ze kort rond de plek.
  • Verwarring met onkruid: De gele klaverzuringen uit voegen en perken woekeren in tuinen. Witte klaverzuring is geen probleemplant: ze blijft in de schaduw en breidt zich traag uit.

Het jaar rond

  • Maart: Planten of scheuren. Nieuwe blaadjes lopen uit.
  • April: Begin van de bloei. De blaadjes klappen dicht bij nacht en regen.
  • Mei: Volle bloei. Bladstrooisel laten liggen.
  • Juni: Gesloten bloemetjes dicht bij de grond. Water geven bij droogte.
  • Juli: Zaaddozen schieten het zaad weg. Water geven bij droogte.
  • September: Planten of scheuren. Vers zaad zaaien.
  • Oktober: Herfstbladeren laten liggen als mulch.
  • December: Rust onder het bladstrooisel.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Oxalis komt van het Griekse oxys, zuur. Oxaalzuur is zelfs naar dit plantengeslacht genoemd.
  • Oude volksnamen zijn koekoeksbrood en alleluia: ze bloeit rond Pasen en wanneer de koekoek terugkomt.
  • Ze wordt soms genoemd als de oorspronkelijke ‘shamrock’ van Sint-Patrick in Ierland, al gaat het daar meestal om een klaver.

Meer soorten uit Europa · Alle soorten

Laden…