
Foto: NISHIGUCHI,Masahiro (Nisiguti), CC BY-SA 3.0 · bron
Boom · Sapindaceae
Drietandesdoorn
Acer buergerianum
In andere talen: Érable trident (Français) · Trident maple (English)
De drietandesdoorn komt uit het oosten van China en Taiwan en wordt in Japan al eeuwenlang gekweekt. Hij dankt zijn naam aan de kleine, glanzende bladeren met drie lobben die naar voren wijzen, als een drietand. Veel mensen kennen hem als bonsai, maar in de tuin groeit hij uit tot een kleine boom van zo’n 8 m, vaak met een brede, ronde kroon. In de herfst kleurt het blad oranje tot rood, en op oudere bomen bladdert de schors af in kleine plaatjes. Het is een mooie, niet te grote esdoorn voor een warme, beschutte plek.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -20 °C
Grootte
8 m
hoog, 6 m breed
Bloei
april–mei
| Snoeimaanden | juli–augustus |
|---|---|
| Hoogte | 8 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | april–mei |
Herkennen
Hoe herken je een drietandesdoorn?
- Groeivorm
- Kleine boom of grote struik, 6–8 m hoog en tot 6 m breed, met een ronde tot brede kroon; vaak meerstammig.
- Blad
- 4–8 cm, met drie korte, naar voren wijzende lobben; glanzend donkergroen, onderaan bleker. In de herfst oranje, rood of geel.
- Bloem
- Kleine, geelgroene bloempjes in trosjes in april–mei, samen met het jonge blad; weinig opvallend.
- Vrucht
- Gevleugelde dubbele vruchtjes van 2–3 cm met bijna evenwijdige vleugels, die in de herfst als propellertjes naar beneden dwarrelen.
- Schors
- Grijsbruin; op oudere stammen bladdert ze af in kleine plaatjes, met oranjebruine plekken eronder.
Bloei: april–mei · Planten: maart–april en oktober–december · Snoeien: juli–augustus
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een kleine boom die ook in een gewone tuin past, als solitair of meerstammig.
- Glanzend, fijn blad met drie lobben en een oranje tot rode herfstkleur.
- Op oudere bomen een mooie, afbladderende schors, ook in de winter.
- Verdraagt snoei goed en laat zich in vorm houden, ook in een grote pot.
- Een klassieke soort voor wie zelf een bonsai wil kweken.
Waar staat een drietandesdoorn graag?
- Zon tot halfschaduw; een warme, beschutte plek geeft de mooiste herfstkleur en het stevigste hout.
- Humusrijke, goed doorlatende grond: zand, leem of klei, zuur tot neutraal.
- Normaal vochtig: niet te droog en zeker geen natte voeten.
- Beschut tegen koude, drogende oostenwind, die het jonge blad kan verbranden.
- Reken op 5–6 m ruimte; plant hem minstens 3 m van gebouwen.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 8 m hoog, 6 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -20 °C)
Mooi samen met
- Japans bosgras: Sierlijke, overhangende pollen onder de kroon, ook uit Oost-Azië.
- Hosta: Grote bladeren als contrast met het fijne esdoornblad.
- Elfenbloem: Een sterke, lage bodembedekker voor de halfschaduw onder de boom.
- Krokus: Vroege bloei onder de kale takken, voor het blad uitloopt.
- Japanse anemoon: Bloeit in de nazomer en de herfst, net voor de herfstkleur.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een drietandesdoorn?
Planten in maart–april en oktober–december.
- Plant in maart–april of van oktober tot december, als de grond niet bevroren of te nat is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er wat compost door.
- Zet de boom even diep als in de pot: de wortelaanzet mag niet onder de grond verdwijnen.
- Zet een hoogstam vast aan een paal aan de windzijde en bind hem los aan met een boomband.
- Geef meteen een flinke gieter water en hou de grond het eerste jaar vochtig.
- Leg een laag mulch van bladcompost of houtsnippers rond de voet, niet tegen de stam.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar elke week water bij droogte. Daarna alleen in lange droge periodes.
- Bemesten
- In het voorjaar wat compost rond de voet volstaat; te veel mest geeft zacht hout en minder herfstkleur.
- Mulchen
- Een laag bladcompost in het voorjaar houdt de wortels koel en vochtig.
- In een pot
- In een grote pot met goed doorlatende potgrond kan hij jaren mooi blijven. Geef in de zomer regelmatig water en verpot om de twee à drie jaar in maart.
- Vorm
- Wil je een meerstammige boom, laat dan van jongs af aan drie à vijf stammen staan.
Tip: Geef hem een warme, beschutte plek en snoei alleen in de zomer: dan krijgt hij stevig hout, een mooie kroon en een felle herfstkleur.
Wanneer snoei je een drietandesdoorn?
Snoeimaanden: juli–augustus.
Wanneer: Snoei alleen als het nodig is, in juli–augustus, als de boom in vol blad staat.
Hoe:
- Haal dode, zieke en kruisende takken weg, net buiten de takkraag.
- Knip waterloten en wilde scheuten aan de stamvoet weg.
- Hou de snoeiwonden klein: liever een paar takken weghalen dan de hele kroon inkorten.
- In een pot of als bonsai kun je de nieuwe scheuten in de zomer terugknippen tot een of twee bladparen.
Let op: Snoei niet van januari tot mei: dan staat de sapstroom op gang en ‘bloeden’ esdoorns hevig uit de wonden.
Vermeerderen
- Zachte stekken
- In juni: stekken van 10 cm van jonge scheuten, onderste bladeren weg, in vochtige stekgrond onder plastic. Ze wortelen vrij makkelijk.
- Zaad
- Zaai rijp zaad in de herfst in een pot en zet die buiten in de kou; de zaailingen kiemen in het voorjaar.
- Afleggen
- Een lage tak in het voorjaar insnijden, in de grond vastpinnen en na een jaar loskoppelen.
Hoe komt een drietandesdoorn de winter door?
Winterhard tot −20 °C.
- Winterhard tot ongeveer −20 °C: in België overleeft hij gewone winters zonder bescherming.
- Jonge bomen en bomen op een koude, open plek beschut je best tegen harde oostenwind.
- In een pot: zet hem tegen een muur, wikkel de pot in jute of noppenfolie en zet hem op potvoetjes.
- Late nachtvorst kan het jonge blad bruin kleuren; de boom loopt daarna meestal opnieuw uit.
Ziektes en plagen
- Verwelkingsziekte: Takken verwelken plots in de zomer, met bruine strepen in het hout. Knip aangetaste takken ruim weg tot in gezond hout en ontsmet je snoeischaar; er bestaat geen genezing.
- Bladluis: Kleverig jong blad in mei–juni. Meestal ruimen lieveheersbeestjes en sluipwespen ze op; anders afspuiten met water.
- Bladverbranding: Bruine bladranden door koude wind in het voorjaar of door hitte en droogte. Kies een beschutte plek en geef water bij droogte.
- Meniezwam: Kleine roze-oranje bolletjes op dode takjes. Knip dood hout weg tot in gezond hout.
Het jaar rond
- Maart: Planten. Compost rond de voet geven. Potbomen verpotten.
- April: Planten. Kleine geelgroene bloempjes met het jonge blad.
- Mei: Bloei. Letten op bladluis.
- Juni: Zachte stekken nemen. Water geven bij droogte.
- Juli: Snoeien als het nodig is. Water geven bij droogte.
- Augustus: Laatste snoei. Potbomen regelmatig water geven.
- Oktober: Herfstkleur oranje tot rood. Planten. Rijp zaad zaaien.
- November: Planten. Potbomen beschut zetten.
- December: Planten bij vorstvrij weer. Pot inpakken.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De soortnaam eert Heinrich Bürger, die in de 19e eeuw samen met Philipp Franz von Siebold planten verzamelde in Japan.
- Het is een van de populairste soorten voor bonsai: de stam wordt snel dik en de wortels groeien makkelijk over een steen heen.
- Het dubbele, gevleugelde vruchtje draait als een propeller naar beneden, zodat de wind het zaad een eindje van de boom brengt.