
Foto: Photo by Flickr user hortulus; heavily cropped by Hesperian, so don't blame hortulus for the poor fr, CC BY 2.0 · bron
Siergras · Poaceae
Anemanthele lessoniana
In andere talen: Pheasant's tail grass (English)
Anemanthele lessoniana is een groenblijvend siergras dat van nature alleen in Nieuw-Zeeland voorkomt, waar het groeit in lichte bossen en aan bosranden. Het vormt een losse, sierlijk overhangende pol van smalle bladeren, ongeveer 80 cm hoog en 1 m breed. Het blad is in de zomer groen met een bronzen gloed en kleurt in de herfst en de winter oranje, koper en rood. Van juli tot september hangen er ijle, roodbruine pluimen boven en tussen het blad, die bij elk zuchtje wind bewegen. Je vindt hem ook nog vaak onder de oude naam Stipa arundinacea; in het Engels heet hij pheasant’s tail grass, fazantenstaartgras.
Let op: Op een gunstige plek zaait hij zich flink uit. Wied ongewenste zaailingen als ze nog klein zijn of knip de pluimen af voor het zaad rijp is.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
tot -12 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
0,8 m
hoog, 1 m breed
Bloei
juli–september
| Snoeimaanden | maart–april |
|---|---|
| Hoogte | 0,8 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–september |
Herkennen
Hoe herken je een Anemanthele lessoniana?
- Groeivorm
- Losse, overhangende pol van ongeveer 80 cm hoog en 1 m breed; de bladeren buigen als een fontein naar buiten.
- Blad
- Smal, lijnvormig en glanzend; in de zomer groen met bronzen tinten, in herfst en winter oranje, koper en rood, vooral in de zon.
- Bloem
- Ijle, fijn vertakte pluimen van juli tot september, roodbruin tot paarsachtig, die over het blad heen hangen.
- Zaad
- Kleine zaadjes die in de herfst rijpen; op een geschikte plek zaait hij zich gemakkelijk uit.
- Wortels
- Een vezelige pol zonder uitlopers: hij breidt zich niet uit met wortelstokken.
Bloei: juli–september · Planten: april–mei · Snoeien: maart–april
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Groenblijvend: het hele jaar een sierlijke pol, met de mooiste kleuren in de herfst en de winter.
- Het oranje en koperrode winterblad brengt warmte in de tuin als de meeste vaste planten verdwenen zijn.
- De luchtige, overhangende pluimen geven van juli tot in de herfst beweging aan een border.
- Groeit in zon en halfschaduw, op zand, leem en klei: een makkelijke en veelzijdige plant.
- Weinig werk: niet terugknippen, enkel af en toe de dode bladeren uitkammen.
- Mooi in een grote pot, op een talud of als losse groep tussen heesters.
Waar staat een Anemanthele lessoniana graag?
- Zon of halfschaduw; in de zon kleurt het blad het mooist oranje, in halfschaduw blijft het langer groen.
- Gewone, goed doorlatende tuingrond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk.
- Normaal vochtig: niet te droog in de zomer, maar ook geen natte voeten in de winter.
- Een beschutte plek helpt hem door strenge winters; vermijd een koude, natte laagte.
- Reken op 0,8–1 m tussen de planten, want de pol wordt breder dan hij hoog is.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,8 m hoog, 1 m breed
- Winterhard
- Matig winterhard (tot -12 °C): bescherm hem in strenge winters
Mooi samen met
- Zonnekruid: Oranje en rode bloemen in de nazomer die de kleur van het blad herhalen.
- Hemelsleutel: Brede, vlezige bladeren en roze bloemschermen in de herfst als contrast met het fijne gras.
- Purperklokje: Donker of limoengroen blad aan de voet, ook in halfschaduw.
- Wolfsmelk: Groenblijvende soorten zorgen samen met het gras voor structuur in de winter.
- Herfstaster: Paarse en blauwe bloemen naast het oranje kleurende blad in oktober.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Anemanthele lessoniana?
Planten in april–mei.
- Plant in april of mei, als de grond opgewarmd is: zo kan hij goed wortelen voor de winter komt.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en maak de bodem los.
- Werk in zware klei wat grof zand of grind en compost in, zodat het water in de winter weg kan.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan; laat 0,8–1 m tussen de planten.
- Geef meteen ruim water en de eerste zomer bij droogte elke week.
Verzorgen
- Water
- Na de eerste zomer heeft hij weinig nodig; geef enkel water bij lange droogte. In een pot geef je regelmatig water.
- Bemesten
- Niet nodig in gewone tuingrond. In een pot in april een beetje organische mest of compost.
- Opruimen
- Kam in maart–april de dode bladeren met je vingers (draag handschoenen) of met een kleine hark uit de pol.
- Uitgebloeide pluimen
- Laat ze staan: ze blijven lang mooi. Haal ze in het voorjaar samen met de dode bladeren weg.
- Zaailingen
- Hij zaait zich uit; houd de zaailingen die je wilt en wied de rest als ze nog klein zijn.
Tip: Plant hem in de zon als je de mooiste oranje winterkleur wilt, en knip hem nooit terug: kam in het voorjaar enkel de dode bladeren uit.
Wanneer snoei je een Anemanthele lessoniana?
Snoeimaanden: maart–april.
Wanneer: Hij wordt niet teruggeknipt. In maart–april kam je enkel de dode bladeren uit de pol.
Hoe:
- Trek met gehandschoende handen of een kleine hark door de pol om losse, dode bladeren te verwijderen.
- Knip oude, uitgebloeide pluimen af als ze er niet meer mooi uitzien.
- Knip een groenblijvend gras nooit kort: hij herstelt daar slecht van en kan zelfs afsterven.
Let op: Het oranje winterblad is niet dood: laat het staan, het is net de sierwaarde van de plant.
Vermeerderen
- Zaailingen
- De makkelijkste manier: graaf in het voorjaar jonge zaailingen met een kluitje uit en zet ze in een pot of op hun nieuwe plek.
- Zaaien
- Zaai rijp zaad in het voorjaar in potjes met zaaigrond; dek het nauwelijks af en houd het vochtig.
- Scheuren
- Steek in april–mei een oudere pol met een spade in stukken; geef de delen goed water tot ze weer groeien.
Hoe komt een Anemanthele lessoniana de winter door?
Winterhard tot −12 °C: beschermen in strenge winters.
- Winterhard tot ongeveer −12 °C: in de meeste Belgische winters geen probleem, maar in een strenge winter kan hij schade oplopen.
- Natte grond in de winter is gevaarlijker dan vorst: zorg voor een goed doorlatende bodem.
- Laat de pol en de pluimen staan; ze beschermen het hart van de plant en zijn mooi met rijp erop.
- In een pot: zet hem bij strenge vorst tegen een muur en wikkel de pot in jute of noppenfolie.
Ziektes en plagen
- Wortelrot: De pol wordt bruin en slap na een natte winter. Plant op doorlatende grond en verbeter zware klei met grind.
- Bruine, dode bladeren: Normaal bij een groenblijvend gras. Kam ze in het voorjaar uit; knip de plant niet kort.
- Te veel zaailingen: Op een gunstige plek zaait hij zich ruim uit. Wied de kiemplanten jong of knip de pluimen af voor het zaad rijp is.
- Vorstschade: Na een strenge winter zie je veel bruin blad. Wacht tot mei: vaak loopt hij vanuit het hart weer uit.
Het jaar rond
- Januari: Winterkleur oranje en rood. Pot beschermen bij strenge vorst.
- Februari: Laten staan. Niet snoeien.
- Maart: Dode bladeren uitkammen. Zaailingen opzoeken.
- April: Planten of scheuren. Laatste dode bladeren verwijderen.
- Mei: Planten. Water geven na het planten.
- Juli: Eerste pluimen. Water geven bij lange droogte.
- Augustus: Bloei. Potten regelmatig water geven.
- September: Bloei. Het zaad rijpt.
- Oktober: Het blad begint oranje te kleuren.
- December: Winterkleur. De pol laten staan.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Anemanthele is de enige soort in zijn geslacht. De naam komt van het Griekse anemos (wind) en anthele (pluim).
- Hij komt van nature alleen in Nieuw-Zeeland voor en werd lang ingedeeld bij de vedergrassen (Stipa).
- De Engelse naam pheasant’s tail grass verwijst naar het gebogen, oranjebruine blad, dat doet denken aan de staartveren van een fazant.