Geel vingerhoedskruid (Digitalis lutea)

Foto: H. Zell, CC BY-SA 3.0 · bron

Vaste plant · Plantaginaceae

Geel vingerhoedskruid

Digitalis lutea

In andere talen: Digitale jaune (Français) · Straw foxglove (English)

Het geel vingerhoedskruid komt uit West- en Midden-Europa en het noordwesten van Afrika, waar het groeit in lichte bossen, op bosranden en op stenige hellingen, vaak op kalkrijke grond. Het is een slanke, echte vaste plant van 60–70 cm met een rozet van glanzend donkergroen, smal blad. In juni en juli verschijnen slanke aren met tientallen kleine, smalle, bleekgele klokjes, allemaal aan één kant van de stengel. Hij is fijner en bescheidener dan het gewone vingerhoedskruid, maar leeft langer en verdraagt meer droogte en kalk. Hommels kruipen graag in de buisvormige bloemen.

Let op: Alle delen van de plant zijn zeer giftig, ook in kleine hoeveelheden: blad, bloemen, zaad en sap. Gevaarlijk voor kinderen, katten, honden en grazende dieren zoals paarden, schapen en koeien. Niet planten bij een speelplek, een moestuin of een weide. Draag handschoenen en was je handen na het werken met de plant.

  • Licht

    Halfschaduw of schaduw

    verdraagt weinig zon

  • Vocht

    Droog tot normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -35 °C

  • Grootte

    0,7 m

    hoog, 0,3 m breed

  • Bloei

    juni–juli

Feiten op een rij
Snoeimaandenmaart en juli–augustus
Hoogte0,7 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren
Bloeijuni–juli

Herkennen

Hoe herken je een geel vingerhoedskruid?

Groeivorm
Slanke pol van bladrozetten met rechtopgaande bloemaren van 60–70 cm; ongeveer 30 cm breed.
Blad
Smal lancetvormig, glanzend donkergroen en kaal, met een fijn getande rand; vooral in een rozet aan de voet.
Bloem
Smalle, buisvormige klokjes van 1,5–2,5 cm, bleekgeel tot crèmegeel, dicht op elkaar aan één kant van de aar. In juni en juli.
Vrucht
Kleine doosvruchtjes met heel fijn zaad, rijp in augustus.
Wortels
Een fijn, vertakt wortelgestel; de pol breidt zich langzaam uit met nieuwe rozetten.

Bloei: juni–juli · Zaaien: maart–april · Planten: maart–april en september–oktober · Snoeien: maart en juli–augustus

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een echte vaste plant die jaren meegaat, anders dan het tweejarige gewone vingerhoedskruid.
  • Slanke, verticale aren die rust en structuur geven in een schaduwborder of bosrand.
  • Hommels en andere bijen bezoeken de bloemen.
  • Verdraagt droge schaduw onder bomen en kalkrijke grond beter dan veel andere vingerhoedskruiden.
  • Het glanzende bladrozet blijft in zachte winters groen.

Waar staat een geel vingerhoedskruid graag?

  • Halfschaduw of lichte schaduw onder bomen; in volle zon kan het blad verbranden als de grond droog is.
  • Zand-, leem- of kleigrond, zuur tot kalkrijk, als ze goed draineert.
  • Droog tot normaal vochtig; hij verdraagt meer droogte dan het gewone vingerhoedskruid.
  • Zet de planten 25–30 cm uit elkaar, in een groep van vijf of meer voor het mooiste effect.
  • Plant hem niet in de buurt van een speelplek of moestuin, want de hele plant is zeer giftig.
Licht
Halfschaduw en schaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Niet kieskeurig
Vocht
Droog of normaal
Grootte
0,7 m hoog, 0,3 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -35 °C)

Mooi samen met

  • Varens: Groen, fijn blad in dezelfde schaduw, rond de slanke aren.
  • Hosta: Grote bladeren die mooi contrasteren met de smalle aren.
  • Ooievaarsbek: Blauwe of roze bloemen aan de voet, ook in droge schaduw.
  • Grote veldbies: Fijne, grasachtige pollen voor een natuurlijke bosrand.
  • Ruig klokje: Nog een bosrandplant, met blauwe klokken in de zomer.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een geel vingerhoedskruid?

Planten in maart–april en september–oktober.

  1. Plant in maart–april of in september–oktober.
  2. Maak de grond los en meng er wat bladcompost door; op zware klei ook wat grof zand.
  3. Zet de plant even diep als in de pot: het hart van het rozet moet boven de grond blijven.
  4. Hou 25–30 cm afstand tussen de planten.
  5. Geef meteen water en de eerste weken bij droogte.
  6. Een dunne mulch van bladcompost houdt de grond koel, maar leg ze niet over het rozet.

Verzorgen

Water
Na het aanslaan zelden nodig; alleen bij lange droogte, vooral onder bomen waar de grond snel uitdroogt.
Bemesten
Niet nodig; een dun laagje bladcompost in maart volstaat.
Uitgebloeide bloemen
Knip uitgebloeide aren weg: vaak volgen er dan nog kleinere zijaren.
Zaailingen
Hij zaait zich matig uit. Laat een paar zaailingen staan om oudere planten te vervangen.
Handschoenen
Draag handschoenen bij het snoeien en planten, en was daarna je handen.

Tip: Zet hem in een groep in de lichte schaduw onder bomen, waar de grond niet te nat is. Knip na de bloei de hoofdaar af voor nieuwe zijaren, maar plant hem nooit waar kinderen spelen.

Wanneer snoei je een geel vingerhoedskruid?

Snoeimaanden: maart en juli–augustus.

Wanneer: Na de bloei, in juli–augustus, knip je de uitgebloeide aren af. In maart ruim je oude stengels en dode bladeren op.

Hoe:

  • Knip de hoofdaar af net boven het blad zodra de meeste bloemen uitgebloeid zijn; zijaren bloeien dan nog door.
  • Laat een of twee aren staan als je zaad wil oogsten of zaailingen wil.
  • Laat het bladrozet staan: daaruit groeit volgend jaar de nieuwe bloei.
  • In maart verwijder je oude, dode bladeren aan de voet.

Let op: Draag altijd handschoenen: alle delen, ook het sap, zijn zeer giftig.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaaien
Zaai in maart–april binnen of in een pot buiten, op vochtige zaaigrond. Het zaad is heel fijn en kiemt in het licht: niet afdekken, enkel licht aandrukken. Uitplanten in de herfst; bloei meestal het tweede jaar.
Delen
In maart–april of in september een oudere pol met meerdere rozetten opgraven en in stukken delen, elk met wortels.

Hoe komt een geel vingerhoedskruid de winter door?

Winterhard tot −35 °C.

  • Zeer winterhard, tot ongeveer −35 °C: in België geen bescherming nodig.
  • Het bladrozet blijft in zachte winters groen; laat het staan.
  • In natte, zware grond kan het hart in de winter rotten: zorg voor goede drainage.

Ziektes en plagen

  • Slakken: Vreten aan jonge rozetten in het voorjaar. ’s Avonds rapen.
  • Bladluis: Op de jonge aren. Afspuiten met water; lieveheersbeestjes helpen.
  • Bladvlekken: Bruine vlekken op het blad bij vochtig weer. Aangetaste bladeren wegknippen en luchtig planten.
  • Wegrotten: Het rozet rot in de winter weg in natte grond. Plant op een beter drainerende plek en laat zaailingen staan als reserve.

Het jaar rond

  • Maart: Dode bladeren opruimen. Planten. Binnen zaaien.
  • April: Zaaien. Planten. Letten op slakken.
  • Juni: Begin van de bloei. Hommels in de bloemen.
  • Juli: Volle bloei. Uitgebloeide aren knippen.
  • Augustus: Zijaren bloeien. Zaad oogsten.
  • September: Planten of delen. Zaailingen uitplanten.
  • Oktober: Planten. Bladrozet laten staan.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Niet eetbaar. Alle delen van vingerhoedskruid zijn giftig: de stoffen erin werken sterk op het hart. De bladrozetten worden in het voorjaar verward met die van smeerwortel of bernagie; vingerhoedskruid heeft zachte, fijn behaarde bladeren zonder stekelige haren en zonder komkommergeur. Pluk dus geen kruiden voor thee in de buurt van vingerhoedskruid als je niet zeker bent. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Digitalis komt van het Latijnse digitus, vinger: de bloemen passen als een vingerhoed om een vingertop.
  • Anders dan het gewone vingerhoedskruid is het geel vingerhoedskruid een echte vaste plant die jaren meegaat.
  • Alle bloemen hangen aan één kant van de aar, zodat de aar van opzij gezien op een slanke vlag lijkt.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…