Groot sneeuwklokje (Galanthus elwesii)

Foto: Meneerke bloem, CC BY-SA 3.0 · bron

Bol- of knolgewas · Amaryllidaceae

Groot sneeuwklokje

Galanthus elwesii

In andere talen: Perce-neige d’Elwes (Français) · Giant snowdrop (English)

Het groot sneeuwklokje komt uit het westen van Turkije en de Balkan. Het lijkt op het gewone sneeuwklokje, maar is in alles wat groter: bredere, blauwgrijze bladeren, stengels tot 20 cm en grote, hangende witte bloemen. De binnenste blaadjes dragen groene vlekken, vaak zowel aan de top als aan de basis. Hij bloeit van januari tot maart, als er in de tuin bijna niets anders bloeit. Omdat hij meer zon en droogte verdraagt dan het gewone sneeuwklokje, past hij ook in een zonnige border of rotstuin.

Let op: Alle delen, vooral de bol, zijn giftig bij inslikken. Bewaar droge bollen buiten het bereik van kinderen en huisdieren en verwar ze niet met kleine uitjes.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    neutraal tot kalkrijk

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -25 °C

  • Grootte

    0,2 m

    hoog, 0,08 m breed

  • Bloei

    januari–maart

Feiten op een rij
Hoogte0,2 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren
Bloeijanuari–maart

Herkennen

Hoe herken je een groot sneeuwklokje?

Groeivorm
Pollen van 15–20 cm hoog; elke bol maakt twee bladeren en één bloemstengel.
Blad
Breed, blauwgrijs en wat gegroefd; aan de voet is het ene blad om het andere gewikkeld.
Bloem
Hangende witte klokjes met drie lange buitenste blaadjes en drie korte binnenste, van januari tot maart.
Tekening
De binnenste blaadjes hebben een groene vlek aan de top en vaak een tweede aan de basis; soms vloeien ze samen tot één grote vlek.
Bol
Kleine, witte, eironde bol. Hij droogt snel uit en slaat dan slecht aan.

Bloei: januari–maart · Planten: maart en september–oktober

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een van de eerste bloemen van het jaar, al vanaf januari.
  • Grote, opvallende bloemen die je ook van wat verder ziet.
  • Op zachte winterdagen een welkome bron van stuifmeel en nectar voor de eerste bijen.
  • Verdraagt meer zon en droogte dan het gewone sneeuwklokje.
  • Breidt zich langzaam uit tot mooie pollen, onder heesters of in gras.

Waar staat een groot sneeuwklokje graag?

  • Zon of halfschaduw; onder bladverliezende heesters en bomen krijgt hij licht wanneer hij het nodig heeft.
  • Humusrijke, goed doorlatende grond: zand, leem of klei, neutraal tot kalkrijk.
  • Normaal vochtig; in de zomer verdraagt hij meer droogte dan het gewone sneeuwklokje.
  • Plant 5–10 cm uit elkaar, in groepjes van tien of meer voor een natuurlijk effect.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Neutraal of kalkrijk
Vocht
Normaal
Grootte
0,2 m hoog, 0,08 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -25 °C)

Mooi samen met

  • Winterakoniet: Gele bloemetjes in dezelfde weken, samen een vrolijk wintertapijt.
  • Kerstroos: Grote witte bloemen in dezelfde halfschaduw.
  • Krokus: Vroege krokussen in paars en geel naast de witte klokjes.
  • Varens: Het verse varenblad neemt de plek over als het sneeuwklokje intrekt.
  • Toverhazelaar: Geurende winterbloei boven een tapijt van sneeuwklokjes.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een groot sneeuwklokje?

Planten in maart en september–oktober.

  1. Plant liefst ‘in het groen’: in maart, net na de bloei, als het blad nog groen is.
  2. Of plant droge bollen meteen na aankoop in september–oktober; hoe langer ze liggen, hoe slechter ze aanslaan.
  3. Plant droge bollen 5–8 cm diep. Bij planten in het groen zet je de plant even diep als hij stond: dat zie je aan het witte stuk stengel.
  4. Hou 5–10 cm tussen de bollen of de kleine pollen.
  5. Giet aan en strooi wat bladcompost over de plek.

Verzorgen

Water
In de tuin niet nodig; alleen na planten in het groen aangieten bij droog weer.
Bemesten
Niet nodig. Een laagje bladcompost in de herfst houdt de grond luchtig en voedzaam.
Blad
Laat het blad na de bloei vanzelf geel worden; maai of hark pas als het helemaal afgestorven is.
Rust
Laat de plek in de zomer met rust en spit er niet: de bollen zitten ondiep.

Tip: Plant een groepje vlak bij een raam of de voordeur: zo zie je in januari de eerste bloemen, ook als je de tuin niet in gaat.

Wanneer snoei je een groot sneeuwklokje?

Wanneer: Snoeien is niet nodig. Laat het blad na de bloei, van maart tot mei, vanzelf afsterven.

Hoe:

  • Knip niets weg zolang het blad groen is: zo laadt de bol zich op voor volgend jaar.
  • Wil je dat hij zich uitzaait, laat dan ook de uitgebloeide bloemen staan.
  • Haal afgestorven blad in mei–juni weg als het je stoort.

Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Delen
Graaf dichte pollen in maart op, net na de bloei. Trek ze voorzichtig in kleinere groepjes uit elkaar en plant ze meteen even diep terug.
Zaad
Hij zaait zich vanzelf uit; mieren helpen de zaden te verspreiden. Zaailingen bloeien na drie à vier jaar.

Hoe komt een groot sneeuwklokje de winter door?

Winterhard tot −25 °C.

  • Volledig winterhard, tot ongeveer −25 °C; bescherming is niet nodig.
  • Bij strenge vorst zakken bloemen en blad slap neer, maar ze richten zich weer op als het dooit.
  • In een pot: zet hem buiten en laat de grond in de zomer niet volledig uitdrogen. Na de bloei kan je hem in de border uitplanten.

Ziektes en plagen

  • Bollen komen niet op: Uitgedroogde bollen die te lang bewaard zijn. Koop ze vers in september of plant in het groen.
  • Grauwe schimmel: Grijs, pluizig schimmelpluis op blad en bloemen en rottende bollen, vooral bij zacht en vochtig weer. Graaf aangetaste planten op en gooi ze weg, niet op de composthoop.
  • Narcisvlieg: Maden vreten de bol van binnenuit leeg en de plant kwijnt weg. Graaf zachte bollen op en vernietig ze.
  • Weinig bloemen: Te dichte pollen of een te donkere plek. Deel de pollen na de bloei.

Het jaar rond

  • Januari: Eerste bloemen. Niets doen, gewoon genieten.
  • Februari: Volle bloei. Bijen op zachte dagen.
  • Maart: Einde bloei. Planten en delen in het groen.
  • April: Blad laten staan.
  • Mei: Het blad sterft af; pas daarna maaien.
  • September: Droge bollen kopen en meteen planten.
  • Oktober: Laatste droge bollen planten. Bladcompost strooien.
  • December: De eerste neuzen komen boven de grond.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Niet eetbaar. De bolletjes van sneeuwklokjes en lenteklokjes zijn giftig en lijken op kleine uitjes: bewaar ze nooit bij de groenten. Ze geven braken en diarree, ook bij honden en katten. Draag handschoenen als je veel bollen verplant: het sap kan de huid irriteren. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Hij is genoemd naar de Engelse plantenverzamelaar Henry John Elwes, die hem in de 19de eeuw vanuit Turkije in Engelse tuinen introduceerde.
  • Galanthus betekent melkbloem, van het Griekse gala, melk, en anthos, bloem.
  • Alle sneeuwklokjes staan op de CITES-lijst, die de internationale handel in bedreigde planten regelt. Koop daarom gekweekte bollen.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…