
Foto: Kurt Stüber [1], CC BY-SA 3.0 · bron
Vaste plant · Gunneraceae
Mammoetblad
Gunnera manicata
In andere talen: Rhubarbe géante (Français) · Giant rhubarb (English)
Het mammoetblad komt uit de vochtige bergbossen en moerassen van Zuidoost-Brazilië. Het is een reusachtige vaste plant met ronde, diep gelobde bladeren die tot twee meter breed worden, op dikke, stekelige bladstelen. In één seizoen groeit hij uit tot ongeveer 2 m hoog en 3 m breed, en in de winter sterft hij weer af tot dikke knoppen aan de grond. In het voorjaar verschijnt aan de voet een kegelvormige, groenbruine bloeiaar, maar je kweekt hem vooral om het blad. Tuiniers kiezen hem als spectaculaire, bijna prehistorische blikvanger aan een vijver of beek.
Let op: Koop zeker Gunnera manicata en niet de verwante Gunnera tinctoria: die staat op de Europese lijst van invasieve exoten en mag in de EU niet verkocht of aangeplant worden. Draag handschoenen tegen de stekels.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Vochtig tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Leem, klei of veen
zuur tot neutraal
Winterhard
tot -10 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
2 m
hoog, 3 m breed
| Snoeimaanden | november |
|---|---|
| Hoogte | 2 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een mammoetblad?
- Groeivorm
- Reusachtige pol van ongeveer 2 m hoog en 3 m breed, die elk voorjaar opnieuw uitloopt uit een dikke wortelstok.
- Blad
- Rond, diep gelobd en ruw, tot twee meter breed, met grove nerven; dof donkergroen.
- Bladsteel
- Dik en vlezig, tot ongeveer 2 m lang en bezet met stevige stekels.
- Bloem
- Een kegelvormige, groenbruine bloeiaar aan de voet van de plant, met duizenden kleine bloempjes; weinig sierwaarde.
- Wortels
- Dikke, kruipende wortelstok met grote, behaarde winterknoppen.
Planten: april–mei · Snoeien: november
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Het grootste blad dat je in een Belgische tuin kunt kweken: tot twee meter breed.
- Een echte blikvanger aan een vijver, een beek of in een natte hoek van een grote tuin.
- Geeft van mei tot de eerste vorst een exotische junglesfeer.
- Gedijt op natte grond, waar veel andere planten wegrotten.
- Zijn grote bladerdak beschaduwt de grond, zodat onkruid weinig kans krijgt.
Waar staat een mammoetblad graag?
- Zon of halfschaduw, op een plek waar de grond altijd nat blijft: een vijver- of beekoever is ideaal.
- Diepe, humusrijke grond: leem, klei of veen, zuur tot neutraal.
- Beschut tegen harde wind, die het grote blad scheurt.
- Reken op minstens 3 m ruimte in het rond: dit is geen plant voor een kleine tuin.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Leem, klei of veen
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Nat
- Grootte
- 2 m hoog, 3 m breed
- Winterhard
- Matig winterhard (tot -10 °C): bescherm hem in strenge winters
Mooi samen met
- Koningsvaren: Houdt van dezelfde zure, natte grond en zet een fijnere bladvorm naast het reuzenblad.
- Rodgersia: Groot, gelobd blad en pluimen in de zomer, op dezelfde natte plek.
- Japanse iris: Brede, platte bloemen in juni–juli aan de vijverrand.
- Moerasspirea: Inheemse plant met geurige, roomwitte pluimen in de zomer.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een mammoetblad?
Planten in april–mei.
- Plant in april–mei, als de grond opwarmt en de strengste nachtvorst voorbij is.
- Graaf een ruim plantgat van minstens 60 cm breed en diep en vul aan met compost of goed verteerde stalmest.
- Zet de plant even diep als in de pot: de knop blijft net boven de grond.
- Houd minstens 3 m afstand tot andere grote planten.
- Geef ruim water en houd de grond de hele zomer nat.
- Mulch met een dikke laag compost of verteerde stalmest om het vocht vast te houden.
Verzorgen
- Water
- De grond mag nooit uitdrogen. Buiten een natuurlijk natte plek moet je in de zomer vaak en veel gieten.
- Bemesten
- In april een dikke laag goed verteerde stalmest of compost rond de plant: het is een grote eter.
- Mulchen
- Een dikke mulchlaag houdt de grond koel en vochtig.
- Winterbescherming
- Plooi in de herfst de afgestorven bladeren over het hart en dek af met stro tegen de vorst.
- Voorjaar
- Haal de bescherming in april weg en houd wat vlies klaar om het jonge blad bij late nachtvorst af te dekken.
Tip: Geef hem een plek aan de vijverrand, waar de grond vanzelf nat blijft. Vergeet in november de winterbescherming met zijn eigen bladeren en stro niet.
Wanneer snoei je een mammoetblad?
Snoeimaanden: november.
Wanneer: Hij wordt niet echt gesnoeid. In november, na de eerste vorst, snijd je de afgestorven bladeren af om er het hart mee te beschermen.
Hoe:
- Snijd de bladeren na de eerste nachtvorst af aan de voet.
- Plooi ze ondersteboven over de knoppen, als een dak, en dek af met stro of droge bladeren.
- Ruim in april de resten van de oude bladeren op als de nieuwe knoppen uitlopen.
- Gescheurde of verdorde bladeren mag je in de zomer gewoon wegknippen.
Let op: Draag stevige handschoenen en lange mouwen: de bladstelen en de onderkant van het blad zitten vol stekels.
Vermeerderen
- Voetstekken
- In april een jonge knop met een stuk wortelstok van de rand van de plant afsnijden. In een grote pot met vochtige compost laten aanslaan en pas het jaar erna uitplanten.
- Zaaien
- Vers zaad in het voorjaar op vochtige zaaigrond zaaien, binnen op een warme, lichte plek. De zaailingen groeien traag en zijn de eerste winters gevoelig.
Hoe komt een mammoetblad de winter door?
Winterhard tot −10 °C: beschermen in strenge winters.
- Matig winterhard, tot ongeveer −10 °C, en in België enkel met bescherming: het blad bevriest bij de eerste vorst.
- Plooi de afgestorven bladeren over het hart en dek af met een dikke laag stro of droge bladeren.
- In strenge winters extra afdekken met jute of vlies, zodat de knoppen niet bevriezen.
- Haal de bescherming in april voorzichtig weg en dek het jonge blad af bij late nachtvorst.
Ziektes en plagen
- Bevroren knoppen: Na een strenge winter loopt de plant niet of zwak uit. Dek elke herfst goed af en haal de bescherming niet te vroeg weg.
- Bruine bladranden: Teken van droogte of te veel zon op een droge plek. Meer water geven en dik mulchen.
- Gescheurd blad: Door wind. Kies een beschutte plek; beschadigd blad mag je wegknippen.
- Slakken: Vreten aan het jonge, zachte blad in het voorjaar. Rapen of een bierval zetten.
Het jaar rond
- Maart: Bescherming laten liggen. Bij zacht weer controleren of de knoppen niet rotten.
- April: Bescherming weghalen. Stalmest of compost geven. Planten.
- Mei: Planten. Jong blad beschermen tegen late nachtvorst en slakken.
- Juni: Het blad groeit snel. Veel water geven.
- Juli: Water geven bij droogte. Mulch aanvullen.
- Augustus: Volle bladgroei. Water geven bij droogte.
- September: Laatste groei. Water geven bij droogte.
- Oktober: Stro of droge bladeren klaarleggen voor de winterbescherming.
- November: Na de eerste vorst de bladeren afsnijden en over het hart plooien. Afdekken met stro.
- December: Bescherming nakijken na storm of zware sneeuw.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In kliertjes aan de voet van de bladstelen leven blauwwieren (cyanobacteriën) die stikstof uit de lucht vastleggen; de plant haalt daar een deel van zijn voeding uit.
- Ondanks de naam is hij geen familie van rabarber: het geslacht vormt een eigen plantenfamilie, de Gunneraceae.
- Het geslacht is genoemd naar Johan Ernst Gunnerus, een Noorse bisschop en botanicus uit de 18de eeuw.