
Foto: TodorBozhinov, CC BY-SA 4.0 · bron
Boom · Fagaceae
Hongaarse eik
Quercus frainetto
In andere talen: Chêne de Hongrie (Français) · Hungarian oak (English)
De Hongaarse eik komt uit Zuidoost-Europa: van Zuid-Italië over de Balkan tot in het uiterste noordwesten van Turkije. Het is een snelgroeiende, bladverliezende eik met een brede, ronde kroon en een hoogte tot 25 m. Opvallend zijn de grote, diep ingesneden bladeren van tot ongeveer 20 cm lang, die veel groter zijn dan die van onze zomereik. Hij verdraagt droogte en kalk beter dan veel andere eiken en past daardoor ook op warme, droge plekken. Een mooie solitair of laanboom voor een ruime tuin of park.
Let op: Eikenprocessierups komt in Vlaanderen op eiken voor. De brandharen van de rupsen veroorzaken sterke huidirritatie: raak nesten niet aan en laat ze verwijderen door een erkend bedrijf. Houd ook rekening met de afmetingen: een eik past niet in een kleine tuin.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
25 m
hoog, 15 m breed
Bloei
mei
| Snoeimaanden | december–februari |
|---|---|
| Hoogte | 25 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | mei |
Herkennen
Hoe herken je een Hongaarse eik?
- Groeivorm
- Brede, afgeronde kroon op een korte, dikke stam; tot 25 m hoog en ongeveer 15 m breed.
- Blad
- Verkeerd eirond, 10–20 cm lang, met 6–9 paar diepe, ronde lobben; bovenop donkergroen, onderaan fijn grijs behaard.
- Bloem
- Gelige, hangende katjes in mei, samen met het blad. Windbestuiving.
- Vrucht
- Eikels van 2–3 cm in een napje met spitse schubben; ze rijpen in één jaar, in september–oktober.
- Schors
- Grijs en diep gegroefd bij oudere bomen.
Bloei: mei · Planten: maart–april en oktober–december · Snoeien: december–februari
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Opvallend groot, diep ingesneden blad dat een zware, sierlijke kroon vormt.
- Groeit snel voor een eik en wordt een imposante schaduwboom.
- Verdraagt droogte en kalkrijke grond, ook als andere eiken het moeilijk krijgen.
- De eikels zijn voedsel voor vogels en kleine zoogdieren, de kroon is een thuis voor insecten.
- Als solitair of in een laan een blikvanger die generaties meegaat.
Waar staat een Hongaarse eik graag?
- Volle zon: hij houdt van warme, zonnige plekken.
- Zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk. Kalk is geen probleem.
- Droog tot normaal vochtig. Eenmaal ingeworteld is hij goed bestand tegen droogte, maar hij mijdt langdurig natte grond.
- Geef hem 12–15 m ruimte, ver van gebouwen, leidingen en erfgrenzen.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 25 m hoog, 15 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Krokus: Verwildert in het gras onder de boom en bloeit in februari–maart voor het blad uitkomt.
- Wilde narcis: Een bol die onder bladverliezende bomen mooi verwildert.
- Rotsooievaarsbek: Bodembedekker die droge schaduw onder de kroon verdraagt.
- Hulst: Groenblijvend onderhout als decor in de winter.
- Mannetjesvaren: Robuuste varen voor droge schaduw.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Hongaarse eik?
Planten in maart–april en oktober–december.
- Plant in maart–april of van oktober tot december, als de grond niet bevroren of te nat is.
- Kies een jonge boom van 2–3 m: eiken hebben een lange penwortel en slaan het best aan als ze jong zijn.
- Graaf een plantgat twee tot drie keer zo breed als de kluit, maar niet dieper. Maak de wanden los.
- Plant even diep als in de kwekerij en vul aan met de eigen grond, zonder verse mest. Bij een hoogstam zet je een paal en bind je losjes.
- Geef meteen 20–30 liter water.
- Leg een mulchcirkel van ongeveer 1 m breed van houtsnippers of bladcompost, zonder tegen de stam aan. In een laan plant je op 12–15 m van elkaar.
Verzorgen
- Water
- De eerste 2–3 zomers bij droogte wekelijks 20–30 liter, diep en niet te vaak. Daarna redt hij zich meestal zelf, ook in droge zomers.
- Bemesten
- Niet nodig.
- Mulchen
- Een mulchlaag houdt de grond rond de voet van jonge bomen vochtig. Houd de cirkel grasvrij: gras concurreert om water.
- Steun
- Bij een hoogstam 2–3 jaar een paal; haal die daarna weg zodat de stam sterk wordt.
- Herfstblad
- De grote bladeren verteren traag. Laat ze onder heesters liggen of maak er bladcompost van.
Tip: Geef hem ruimte: als solitair heeft hij 12–15 m nodig, in een laan plant je hem op diezelfde afstand. Op een zonnige, warme plek met doorlatende grond groeit hij het best.
Wanneer snoei je een Hongaarse eik?
Snoeimaanden: december–februari.
Wanneer: Enkel als het nodig is, tijdens de rust van december tot februari, bij droog en vorstvrij weer.
Hoe:
- Kweek de eerste jaren één doorgaande top en een evenwichtige kroon: verwijder concurrerende toppen en kruisende takken.
- Haal dode of gebroken takken weg; zaag net buiten de takkraag, nooit in de kraag zelf.
- Voor dikke takken en grote bomen schakel je een boomverzorger in.
Let op: Snoei een eik liever niet in het voorjaar of de zomer: verse wonden zijn dan gevoeliger voor infecties.
Vermeerderen
- Zaaien
- Zaai verse eikels in oktober–november ter plaatse of in diepe potten, want de penwortel groeit snel lang. Ze kiemen in het voorjaar. Eikels drogen snel uit: bewaar ze niet. Zaailingen kunnen verschillen van de moederboom.
- Enten
- Bijzondere selecties worden door kwekers geënt. Dat is geen werk voor de tuinier.
Hoe komt een Hongaarse eik de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Winterhard tot ongeveer −25 °C: in Belgische winters geen probleem.
- Bij jonge bomen beschermt een mulchlaag de wortels tijdens strenge vorst.
- Bescherm de stam van jonge bomen tegen wild, konijnen en de maaier met een boombeschermer.
Ziektes en plagen
- Eikenprocessierups: Nesten van behaarde rupsen op stam en takken van mei tot juli. De brandharen kunnen sterke huidirritatie geven. Raak nesten niet aan en laat ze verwijderen door een erkend bedrijf of de gemeente. Koolmezen helpen: hang nestkasten.
- Bladvraat: In mei kunnen rupsen het jonge blad kaal eten. De boom loopt meestal opnieuw uit. Een gezonde boom hoef je hier niet voor te behandelen: help hem met water in een droge zomer.
- Meeldauw: Wit poeder op jong blad, vooral in de late zomer. Meestal onschadelijk voor volwassen bomen; ruim bladafval op en geef geen stikstofrijke mest.
- Droogtestress: Slap of vergeeld blad en vroege bladval bij jonge bomen in een droge zomer. Geef de eerste jaren diep water en houd de mulchlaag aan.
Het jaar rond
- Januari: Dode takken verwijderen bij droog, vorstvrij weer.
- Februari: Laatste kans om te snoeien. Palen en bindingen controleren.
- Maart: Planten zodra de grond ontdooid en niet te nat is. Goed water geven.
- April: Planten. Mulch aanbrengen. De boom loopt uit.
- Mei: Bloei met gele katjes. Letten op nesten van de eikenprocessierups en op bladvraat.
- Juni: Jonge bomen water geven bij droogte. Nesten van de eikenprocessierups laten verwijderen.
- Juli: Bij droogte diep water geven aan jonge bomen.
- Augustus: Bij droogte diep water geven aan jonge bomen.
- Oktober: Eikels vallen; verse eikels zaaien. Herfstkleur geelbruin. Planten kan weer.
- November: Planten. Gevallen blad verzamelen voor bladcompost.
- December: Planten. Snoeien van dode takken kan.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De soortnaam frainetto is afgeleid van farnetto, de Italiaanse naam voor deze boom.
- De bladeren worden tot ongeveer 20 cm lang, veel groter dan die van de zomereik.
- Zijn eikels rijpen al in het eerste jaar, anders dan bij de scharlakeneik, waar dat twee jaar duurt.