Woodwardia (Woodwardia fimbriata)

Foto: Anthony Valois and the National Park Service, Public domain · bron

Varen · Blechnaceae

Woodwardia

Woodwardia fimbriata

In andere talen: Giant chain fern (English)

De woodwardia is een grote, groenblijvende varen uit het westen van Noord-Amerika, waar hij van Brits-Columbia tot Californië langs beken, bronnen en in vochtige kustbossen groeit. Uit een korte, dikke wortelstok groeit een brede pol stugge, geveerde bladeren die in de tuin tot 1,5 m lang worden en sierlijk overbuigen. Aan de onderkant liggen de langwerpige sporenhoopjes in rijen naast elkaar, als de schakels van een ketting: daarom heet hij in het Engels ‘giant chain fern’. Tuiniers kiezen hem als blikvanger voor een beschutte, schaduwrijke hoek, want weinig varens worden zo groot en blijven ook in de winter groen. Hij vraagt wel een beschutte plek, vochtige, humusrijke grond en in strenge winters wat bescherming.

  • Licht

    Halfschaduw of schaduw

    verdraagt weinig zon

  • Vocht

    Normaal tot nat

    mag niet uitdrogen

  • Grond

    Zand of leem

    zuur tot neutraal

  • Winterhard

    tot -15 °C

    jonge planten beschermen

  • Grootte

    1,5 m

    hoog, 1 m breed

Feiten op een rij
Snoeimaandenapril
Hoogte1,5 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend

Herkennen

Hoe herken je een woodwardia?

Groeivorm
Brede, trechtervormige pol van 1–1,5 m hoog en ongeveer 1 m breed, met sierlijk overbuigende bladeren.
Blad
Groot en geveerd, met diep ingesneden blaadjes; stug, bijna leerachtig, frisgroen tot middengroen en groenblijvend.
Sporen
Langwerpige sporenhoopjes in kettingvormige rijen langs de nerven aan de onderkant van het blad. Varens bloeien niet.
Wortels
Een korte, dikke, rechtopstaande wortelstok: de plant blijft op zijn plaats en woekert niet.
Jong blad
In het voorjaar rollen de nieuwe bladeren als grote krullen open uit het hart van de pol.

Planten: april–mei en september · Snoeien: april

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een van de grootste varens voor de tuin, met bladeren tot 1,5 m: een echte blikvanger.
  • Groenblijvend: ook in de winter staat er structuur in de schaduwborder.
  • Groeit als een nette pol en maakt geen uitlopers.
  • Ideaal voor een beschutte, vochtige schaduwhoek, onder bomen of aan de noordkant van een muur.
  • Geeft de tuin een weelderige, bijna exotische sfeer naast hosta’s en andere bladplanten.

Waar staat een woodwardia graag?

  • Halfschaduw of schaduw; vermijd felle middagzon, die het blad doet verbranden.
  • Humusrijke, vochthoudende zand- of leemgrond, zuur tot neutraal.
  • Vochtig tot nat, bijvoorbeeld aan de rand van een vijver of beek, maar niet in stilstaand water.
  • Beschut tegen wind en strenge vorst, onder bomen of in de luwte van een muur of haag.
  • Reken op minstens 1 m ruimte per plant.
Licht
Halfschaduw en schaduw
Grondsoort
Zand of leem
Zuurtegraad
Zuur of neutraal
Vocht
Normaal of nat
Grootte
1,5 m hoog, 1 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -15 °C)

Mooi samen met

  • Hosta: Grote, brede bladeren als contrast met het fijn ingesneden varenblad.
  • Rodgersia: Houdt van dezelfde vochtige halfschaduw en heeft opvallend groot blad.
  • Japanse esdoorn: Een sierlijke kleine boom die lichte schaduw geeft en in de herfst prachtig kleurt.
  • Schildvaren: Een kleinere, groenblijvende varen voor de voorgrond.
  • Bosanemoon: Witte voorjaarsbloemetjes aan de voet, voor de nieuwe varenbladeren opengaan.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een woodwardia?

Planten in april–mei en september.

  1. Plant in april–mei of in september, zodat de wortels voor de winter nog kunnen aanslaan.
  2. Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er flink wat bladcompost of goed verteerde compost door.
  3. Zet de plant even diep als in de pot: het hart van de pol mag niet onder de grond verdwijnen.
  4. Houd minstens 1 m afstand tot andere grote planten.
  5. Geef meteen ruim water en houd de grond het eerste jaar goed vochtig.
  6. Leg een laag bladcompost of fijngemaakt blad rond de voet.

Verzorgen

Water
Houd de grond altijd vochtig, zeker het eerste jaar en in droge zomers. Uitdroging geeft bruine bladranden.
Bemesten
Een laag bladcompost of goed verteerde compost in het voorjaar is genoeg; kunstmest is niet nodig.
Mulchen
Elk voorjaar een laag bladcompost houdt de grond koel, vochtig en humusrijk.
Beschutting
Kies een windluwe plek: op een winderige plek scheuren of knakken de grote bladeren.
In een pot
Kan in een grote kuip met humusrijke potgrond, maar droogt dan snel uit en is gevoeliger voor vorst.

Tip: Kies een beschutte, vochtige schaduwplek en geef hem echt ruimte: op een goede plek wordt hij elk jaar indrukwekkender. Leg in strenge winters een dikke laag bladeren over het hart.

Wanneer snoei je een woodwardia?

Snoeimaanden: april.

Wanneer: In april, net voor de nieuwe bladeren uitlopen. Het groenblijvende blad wordt verder niet gesnoeid.

Hoe:

  • Knip alleen bruine, beschadigde of platliggende oude bladeren aan de voet weg.
  • Laat gezonde groene bladeren staan: ze blijven nog een hele tijd mooi.
  • Pas op voor de jonge, opgerolde bladeren in het hart: die breken makkelijk af.

Let op: Snoei niet in de herfst: het oude blad beschermt het hart van de plant in de winter.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Sporen
In de nazomer een blad met rijpe sporenhoopjes op papier laten drogen en de sporen uitzaaien op vochtig, steriel zaaimengsel onder glas. Het duurt een paar jaar voor je een flinke plant hebt.
Delen
Een oude plant met meerdere harten kun je in april voorzichtig delen; elk stuk heeft een eigen hart met wortels nodig. Een plant met één hart deel je niet.

Hoe komt een woodwardia de winter door?

Winterhard tot −15 °C: jonge planten beschermen.

  • Winterhard tot ongeveer −15 °C: op een beschutte plek komt hij door de meeste Belgische winters.
  • Leg in strenge winters een dikke laag bladeren over het hart en rond de voet.
  • Na harde vorst kan het blad bruin worden; laat het staan tot april, het hart loopt meestal gewoon opnieuw uit.
  • In een kuip: zet hem tegen een beschutte muur en wikkel de pot in jute, of zet hem bij strenge vorst in een koude, lichte ruimte.

Ziektes en plagen

  • Bruine bladranden: Teken van droogte of te veel zon. Houd de grond vochtig en kies een schaduwrijkere plek.
  • Vorstschade: Bruin, slap blad na een strenge winter. Knip het in april weg en bescherm het hart de volgende winter met een laag bladeren.
  • Windschade: Gescheurde of geknakte bladeren op een open plek. Verplant naar een beschutte hoek.
  • Taxuskever: In potten kunnen de larven aan de wortels vreten, waardoor de plant zonder duidelijke reden verwelkt. Aaltjes tegen de larven in de pot gieten helpt.

Het jaar rond

  • Januari: Winterbescherming laten liggen.
  • Maart: Bladcompost rond de voet strooien.
  • April: Oude, beschadigde bladeren wegknippen. Planten of delen.
  • Mei: Nieuwe bladeren rollen open. Planten.
  • Juni: Grond vochtig houden.
  • Juli: Water geven bij droogte.
  • Augustus: Water geven bij droogte. Rijpe sporen verzamelen.
  • September: Planten.
  • November: Gevallen bladeren rond de voet laten liggen.
  • December: Bij strenge vorst een laag bladeren over het hart leggen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De Engelse naam ‘chain fern’ verwijst naar de sporenhoopjes, die als schakels van een ketting in rijen langs de nerven liggen.
  • Het geslacht is genoemd naar de Engelse plantkundige Thomas Jenkinson Woodward; fimbriata betekent ‘gefranjerd’.
  • In zijn thuisland kunnen de bladeren op een beschutte, natte plek meer dan 2 m lang worden.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…