
Foto: Rasbak, CC BY-SA 3.0 · bron
Varen · Dryopteridaceae
Brede stekelvaren
Dryopteris dilatata
In andere talen: Dryoptéris dilaté (Français) · Broad buckler-fern (English)
De brede stekelvaren is een van de algemeenste varens in de bossen van België en de rest van Europa. Hij vormt een forse, breed uitwaaierende pol tot 1 m hoog en breed, met grote, breed driehoekige, twee tot drie keer geveerde bladeren in donkergroen. De bladstelen dragen bruine schubben met een donkere middenstreep, een handig kenmerk om hem te herkennen. In het wild groeit hij in vochtige, zure tot neutrale bosgrond, ook op veen en in elzenbroekbossen. In de tuin is hij een sterke, makkelijke varen voor grote schaduwrijke borders, bosranden en natuurtuinen; het ras ‘Crispa Whiteside’ heeft gekroesde blaadjes en blijft wat lager.
Let op: Stekelvarens zijn niet eetbaar: eet geen jonge bladkrullen uit de tuin.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Normaal tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Zand, leem of veen
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
1 m
hoog, 1 m breed
| Snoeimaanden | maart |
|---|---|
| Hoogte | 1 m |
| Inheems in België | Ja |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een brede stekelvaren?
- Groeivorm
- Forse, breed uitwaaierende pol van 0,6–1 m hoog en tot 1 m breed.
- Blad
- Groot, breed driehoekig tot eirond, twee tot drie keer geveerd, donkergroen, op een lange steel.
- Bladsteel
- Met bruine schubben die een donkere middenstreep hebben.
- Seizoen
- Bladverliezend tot halfgroenblijvend: in zachte winters blijft een deel van het blad groen.
- Sporen
- Ronde sporenhoopjes met een niervormig vliesje aan de onderkant van het blad; varens bloeien niet.
- Wortels
- Korte, dikke wortelstok met een of enkele harten.
Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: maart
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een forse inheemse varen die snel een schaduwrijke hoek vult met groot, sierlijk blad.
- Zeer winterhard en sterk: een van de makkelijkste varens voor vochtige schaduw.
- Ideaal voor een natuurtuin: hij biedt schuilplaats aan kikkers, padden, egels en insecten op de bosbodem.
- Het blad blijft tot laat in de herfst mooi; in zachte winters blijft een deel zelfs groen.
- Mooi tussen rododendrons, onder bomen en langs een schaduwrijke vijverrand.
Waar staat een brede stekelvaren graag?
- Halfschaduw tot schaduw: onder bomen, aan de noordkant van een gebouw of in een bosrand.
- Humusrijke, zure tot neutrale grond: zand, leem of veen. Kalkrijke grond is minder geschikt.
- Vochtig tot nat, maar niet langdurig onder water.
- Een beschutte plek houdt het grote blad mooi.
- Reken op ongeveer 1 m ruimte per plant: hij wordt groot.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of veen
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal of nat
- Grootte
- 1 m hoog, 1 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Rododendron: Houdt van dezelfde zure, humusrijke grond en is groenblijvend als de varen rust.
- Vingerhoedskruid: Een inheemse tweejarige met hoge bloeiaren in juni, voor dezelfde zure bosgrond.
- Bosanemoon: Witte bloempjes in het vroege voorjaar, voor de varen uitloopt.
- Grote veldbies: Een groenblijvend gras voor zure, schaduwrijke bosgrond.
- Hulst: Groenblijvend in de winter, als de varen rust.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een brede stekelvaren?
Planten in maart–mei en september–oktober.
- Plant van maart tot mei of in september–oktober, als de grond niet bevroren of te droog is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de pot en meng er bladcompost door.
- Zet de plant even diep als in de pot, met het hart net boven de grond.
- Houd 0,8–1 m tussen de planten en druk de grond goed aan.
- Geef meteen ruim water en houd de grond de eerste weken vochtig.
- Leg een laag bladcompost of afgevallen blad rond de plant.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar regelmatig bij droogte. Later alleen in lange droge periodes, als het blad slap gaat hangen.
- Bemesten
- Niet nodig: afgevallen blad en wat bladcompost volstaan.
- Mulchen
- Laat afgevallen bladeren rond de voet liggen als natuurlijke mulch, zoals in het bos.
- Oud blad
- Laat het afgestorven blad in de winter staan en knip het pas in maart weg.
- Ruimte
- Wordt de pol te groot, deel hem dan in het voorjaar.
Tip: Laat afgevallen bladeren rond de voet liggen en knip het oude varenblad pas in maart weg: zo krijgt hij de humusrijke bosbodem die hij nodig heeft en blijft het hart in de winter beschermd.
Wanneer snoei je een brede stekelvaren?
Snoeimaanden: maart.
Wanneer: In maart, voor de nieuwe bladkrullen uitlopen. Verder wordt hij niet gesnoeid.
Hoe:
- Laat het oude blad de hele winter staan als bescherming voor het hart en als schuilplaats voor kleine dieren.
- Knip in maart het bruine blad vlak boven de grond weg; laat het als mulch rond de plant liggen of zet het op de composthoop.
- Knip in de zomer gerust een gebroken of verdord blad weg.
Vermeerderen
- Delen
- In maart–april een oude pol met meerdere harten opgraven en met een scherpe spade verdelen. Meteen terugplanten en water geven.
- Sporen
- In de late zomer rijpe sporen verzamelen en onder glas uitzaaien op steriele, vochtige zaaigrond.
- Jonge plantjes
- In een vochtige tuin verschijnen vaak vanzelf jonge varentjes uit sporen; verplant ze in het voorjaar naar de plek waar je ze wilt.
Hoe komt een brede stekelvaren de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C: geen bescherming nodig.
- Laat het oude blad tot maart staan als natuurlijke winterbescherming.
- Afgevallen herfstblad rond de voet beschermt de wortelstok en voedt de grond.
Ziektes en plagen
- Verdroging: Bruin, slap blad in een droge zomer of op een te zonnige plek. Water geven en mulchen.
- Slakken: Vreten soms aan jonge bladkrullen. Raap ze ’s avonds weg; in een natuurtuin helpen padden en egels.
- Te veel zaailingen: In een vochtige tuin verschijnen overal jonge varentjes. Trek ze uit of verplant ze in het voorjaar.
- Bruine bolletjes: Bruine bolletjes aan de onderkant van het blad zijn geen ziekte, maar de sporenhoopjes.
Het jaar rond
- Maart: Oud blad wegknippen en als mulch gebruiken.
- April: Planten of delen. Nieuwe bladkrullen lopen uit.
- Mei: Planten. Jonge varentjes verplanten.
- Juni: Water geven bij droogte.
- Juli: Water geven bij droogte.
- Augustus: Rijpe sporen verzamelen.
- September: Planten of delen.
- Oktober: Planten. Afgevallen blad rond de voet laten liggen.
- November: Het blad sterft af; laten staan als winterbescherming.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Je herkent hem aan de schubben op de bladsteel: bruin met een donkere middenstreep, terwijl die van de smalle stekelvaren egaal bleekbruin zijn.
- Het is een van de algemeenste varens in de Belgische bossen, zowel in Vlaanderen als in Wallonië.
- Varens hebben geen bloemen of zaden: uit een spore groeit eerst een piepklein, hartvormig plantje, en pas daaruit ontstaat een nieuwe varen.