Look-zonder-look (Alliaria petiolata)

Foto: Toubib at Dutch Wikipedia, CC BY-SA 3.0 · bron

Kruidachtige plant · Kruisbloemenfamilie (Brassicaceae)

Look-zonder-look

Alliaria petiolata

In andere talen: Alliaire officinale (Français) · Garlic mustard (English)

Komt in België in het wild voor.

Look-zonder-look is een tweejarige kruisbloemige die in april en mei met kleine, witte bloemetjes bloeit langs bosranden, hagen, houtkanten en schaduwrijke bermen. Het is in heel België zeer algemeen, vooral op vochtige, voedselrijke grond in de halfschaduw. Je herkent de plant aan de hartvormige, gekartelde bladeren, die bij kneuzen duidelijk naar knoflook ruiken, en aan de lange, dunne hauwen die na de bloei rechtop staan. Het is een van de belangrijkste waardplanten van het oranjetipje, en de jonge blaadjes zijn een smakelijk wild keukenkruid.

  • Licht

    Halfschaduw of schaduw

    verdraagt weinig zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -25 °C

  • Grootte

    0,8 m

    hoog, 0,3 m breed

  • Bloei

    april–juni

Feiten op een rij
Hoogte0,8 m
Inheems in BelgiëJa
Bloeiapril–juni

Herkennen

Zo herken je hem

Groeivorm
Tweejarig: het eerste jaar een lage rozet van niervormige bladeren, het tweede jaar een rechtopgaande bloeistengel van 30–100 cm.
Blad
Lang gesteeld; onderaan niervormig, hogerop driehoekig tot hartvormig met een grof gekartelde rand. Fris lichtgroen en kaal. Ruikt naar knoflook als je het kneust.
Bloem
Witte bloemetjes van 5–8 mm met vier kroonbladen, in trosjes aan de top. Van april tot juni.
Vrucht/Zaad
Dunne, vierkantige hauwen van 3–7 cm die schuin omhoog staan, met een rij zwarte zaden.
Wortels
Een witte penwortel die naar mierikswortel ruikt.
Verwarring met
Hondsdraf en speenkruid hebben ook ronde of hartvormige blaadjes, maar ruiken niet naar knoflook; hondsdraf heeft bovendien vierkante stengels en paarse bloemetjes. Daslook ruikt ook naar knoflook, maar heeft lange, lancetvormige bladeren en stervormige bloemen.

Bloei: april–juni

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Belangrijke waardplant voor de rupsen van het oranjetipje en het klein geaderd witje.
  • Bloeit vroeg, in april–mei, als nectarbron voor vroege bijen, zweefvliegen en vlinders.
  • Groeit graag in de halfschaduw onder struiken en langs hagen, waar weinig andere bloemen het zo goed doen.
  • De jonge blaadjes smaken mild naar knoflook en passen in salade, pesto of kruidenboter.
  • Zaait zich vanzelf uit en vraagt nauwelijks onderhoud.

Waar staat een look-zonder-look graag?

  • In het wild: bosranden, hagen, houtwallen, parken, schaduwrijke bermen en ruigtes langs muren.
  • Halfschaduw tot schaduw; in volle zon verdort het blad snel.
  • Vochtige tot normale, humusrijke en voedselrijke grond.
  • In de tuin ideaal langs een haag, onder struiken of in een verwilderde hoek.

Mooi samen met

  • Pinksterbloem: Een tweede waardplant voor het oranjetipje, voor een vochtigere plek.
  • Daslook: Bloeit tegelijk in de halfschaduw en ruikt ook naar knoflook.
  • Dagkoekoeksbloem: Roze bloemen in dezelfde bosrand, van april tot juni.
  • Robertskruid: Een kleine, roze bloeier die ook graag in de schaduw onder een haag groeit.
  • Hazelaar: Een struik die de halfschaduw geeft waar look-zonder-look van houdt.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een look-zonder-look?

  1. Koop zaad van wilde herkomst of een plantje bij een kwekerij voor inheemse planten. Vaak verschijnt de plant ook vanzelf.
  2. Zaai in augustus–oktober, liefst vers zaad, oppervlakkig op losgemaakte grond in de halfschaduw: het zaad heeft een winter nodig om te kiemen.
  3. De kiemplantjes verschijnen in maart–april en vormen het eerste jaar een rozet; ze bloeien pas het jaar erna.
  4. Zaai twee jaar na elkaar: dan heb je elk jaar bloeiende planten.
  5. Water geven is alleen nodig bij droogte in het eerste voorjaar.
  6. Graaf nooit planten uit in de natuur: een handvol zaad uit een bevriende tuin is ruim genoeg.

Verzorgen

Water
Zelden nodig; alleen bij lange droogte voor jonge rozetten.
Bemesten
Niet nodig; wat bladcompost in de herfst volstaat.
Zaad laten vallen
Laat de hauwen rijpen: zo vernieuwt de plant zich jaar na jaar.
Woekeren
Komen er te veel, trek dan in het voorjaar een deel van de rozetten uit; laat altijd een groep staan.
Rupsen
Laat de bloeistengels tot ver in de zomer staan: de rupsen van het oranjetipje eten van de jonge hauwen.

Tip: Laat een groepje bloeistengels tot het volgende voorjaar staan: zo help je het oranjetipje door zijn hele levenscyclus, van ei tot pop.

Snoeien en maaien

Wanneer: Niet nodig: laat de plant haar levenscyclus afmaken.

Hoe:

  • Knip niet tijdens de bloei of in juni–juli, want dan leven de rupsen van het oranjetipje op de hauwen.
  • Laat de dorre stengels de hele winter staan: de poppen van het oranjetipje overwinteren aan stengels in de buurt van de waardplant.
  • Wil je minder zaailingen, trek dan in het voorjaar een deel van de jonge rozetten uit in plaats van te knippen.

Let op: Ruim de dorre stengels pas op in mei, als de nieuwe planten bloeien: anders gooi je de overwinterende poppen van het oranjetipje weg.

Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaad
Oogst rijpe hauwen in juli–augustus en strooi het zaad meteen uit, of bewaar het droog tot oktober. Het heeft een koudeperiode nodig.
Zelfuitzaai
De plant zaait zich vlot uit. Verplant jonge rozetten in de herfst of het vroege voorjaar met een flinke kluit.

Hoe komt een look-zonder-look de winter door?

Winterhard tot −25 °C.

  • Eerstejaarsplanten overwinteren als groene rozet: ook in de winter kun je er blaadjes van plukken.
  • De tweedejaarsplanten sterven na de zaadzetting af; hun droge stengels blijven staan.
  • Aan die stengels of in de buurt overwinteren de poppen van het oranjetipje.
  • Volledig winterhard, tot ongeveer −25 °C.

Ziektes en plagen

  • Te veel zaailingen: Op voedselrijke grond kan de plant zich sterk uitzaaien. Trek overtollige rozetten in het voorjaar uit en eet ze op.
  • Vraat door rupsen: Gaten in blad en hauwen zijn meestal het werk van witjes en het oranjetipje: een goed teken, laat ze hun gang gaan.
  • Witte roest: Witte, poederige puistjes op blad en stengels; onschuldig. Haal sterk aangetaste planten weg.
  • Verdorren in de zon: In volle zon of droge grond hangt het blad snel. Kies een plek in de halfschaduw.

Het jaar rond

  • Maart: Rozetten groeien snel. Jonge blaadjes plukken.
  • April: Begin van de bloei. Het oranjetipje legt eitjes op de bloemstelen.
  • Mei: Volle bloei. Dorre stengels van vorig jaar mogen nu weg.
  • Juni: Hauwen rijpen; rupsen van het oranjetipje eten ervan.
  • Juli: Zaad rijpt. Stengels laten staan.
  • Augustus: Zaad oogsten en uitstrooien.
  • September: Zaaien op een schaduwrijke plek.
  • Oktober: Zaaien. Jonge rozetten verplanten.
  • December: Groene rozetten en droge stengels met overwinterende poppen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De naam look-zonder-look betekent knoflook zonder bol: de bladeren ruiken naar knoflook, maar de plant is familie van mosterd en kool.
  • Look-zonder-look is een van de oudst bekende keukenkruiden van Europa: archeologen vonden resten in potscherven van ongeveer 6000 jaar oud in Denemarken en Duitsland.
  • Het vrouwtje van het oranjetipje legt meestal maar één oranje eitje per bloemstengel, want de rupsen eten elkaar op als ze elkaar tegenkomen.

Meer soorten uit Europa · Alle soorten

Laden…