
Foto: Kembangraps, CC BY-SA 3.0 · bron
Varen · Pteridaceae
Adiantum
Adiantum venustum
In andere talen: Himalayan maidenhair fern (English)
Adiantum venustum, de Himalaya-venushaarvaren, komt uit de bergbossen van de Himalaya, van Afghanistan tot in het westen van China. Het is een lage varen van zo’n 25 cm hoog die met kruipende wortelstokken langzaam een dicht tapijt vormt van 50 cm breed en meer. De fijne, driehoekige bladeren bestaan uit kleine, waaiervormige blaadjes op dunne, glanzend zwarte steeltjes. In het voorjaar loopt het nieuwe blad opvallend roze tot bronsbruin uit, daarna wordt het frisgroen. Anders dan de venushaarvarens die je als kamerplant kent, is deze soort echt winterhard, en in zachte winters blijft het blad groen.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand of leem
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
0,25 m
hoog, 0,5 m breed
| Snoeimaanden | maart |
|---|---|
| Hoogte | 0,25 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een adiantum?
- Groeivorm
- Lage, kruipende varen van 20–25 cm hoog die met wortelstokken langzaam uitgroeit tot een tapijt van 50 cm en meer.
- Blad
- Driehoekig, twee- tot drievoudig geveerd, met kleine, waaiervormige blaadjes; water parelt eraf.
- Bladsteel
- Dun, draadachtig en glanzend zwartbruin, typisch voor de venushaarvarens.
- Kleur
- Jong blad roze tot bronsbruin, daarna fris- tot blauwgroen; in zachte winters blijft het groen.
- Sporen
- Kleine sporenhoopjes onder de omgekrulde rand van de blaadjes; varens bloeien niet.
- Wortels
- Kruipende, vrij ondiepe wortelstokken die de grond goed bedekken.
Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: maart
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de weinige echt winterharde venushaarvarens: een fijne, sierlijke textuur voor de schaduwtuin.
- Vormt langzaam een laag, groenblijvend tapijt: een mooie bodembedekker onder heesters en bomen.
- Het roze-bruine nieuwe blad in april–mei is een tweede sierwaarde naast het frisgroene zomerblad.
- Groeit in zure, neutrale én kalkrijke grond, zolang die humusrijk en vochthoudend is.
- Weinig werk: één keer per jaar het oude blad wegknippen volstaat.
- Mooi vooraan in een schaduwborder, tussen stenen of in een brede, lage pot.
Waar staat een adiantum graag?
- Halfschaduw tot schaduw; ochtendzon kan, maar felle middagzon verbrandt het fijne blad.
- Humusrijke, losse grond: zand of leem, verrijkt met bladcompost. Zuur, neutraal of kalkrijk is allemaal goed.
- Normaal vochtig en goed doorlatend: geen natte voeten in de winter, maar ook niet uitdrogen in de zomer.
- Een plek uit de wind houdt het blad mooi, zeker in de winter.
- Plant 30–40 cm uit elkaar; zo sluit het tapijt na enkele jaren.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Zand of leem
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,25 m hoog, 0,5 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Hosta: Grote bladeren naast het fijne varenblad, in dezelfde halfschaduw.
- Elfenbloem: Een andere lage, groenblijvende bodembedekker voor de schaduw.
- Lenteroos: Bloeit in de late winter, rond de tijd dat je het oude varenblad wegknipt.
- Sneeuwklokje: Bloeit vroeg door het tapijt heen, voor het nieuwe varenblad uitloopt.
- Kaukasische vergeet-mij-niet: Hemelsblauwe bloempjes in april boven het roze-bruine jonge varenblad.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een adiantum?
Planten in maart–mei en september–oktober.
- Plant van maart tot mei of in september–oktober, als de grond niet bevroren of te droog is.
- Maak de grond los en meng er een paar scheppen bladcompost of goed verteerde compost door.
- Graaf een plantgat iets breder dan de pot en zet de plant even diep als hij stond: de wortelstok net onder of aan het oppervlak, niet dieper.
- Houd 30–40 cm tussen de planten en druk de grond voorzichtig aan.
- Geef meteen ruim water en houd de grond de eerste weken vochtig.
- Strooi een dun laagje bladcompost tussen de planten als mulch.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte wekelijks water geven. Later alleen in lange droge periodes; de grond mag nooit helemaal uitdrogen.
- Bemesten
- Weinig nodig: in het voorjaar een laagje bladcompost of goed verteerde compost volstaat. Geen kunstmest.
- Mulchen
- Laat afgevallen boombladeren tussen de varen liggen of strooi zelf bladcompost: dat houdt de grond los en vochtig.
- Oud blad
- Knip in maart het oude, winterse blad weg, voor het nieuwe blad uitloopt.
- Wieden
- Wied tussen de jonge planten tot het tapijt gesloten is.
- In een pot
- Humusrijke potgrond met wat zand, een gat in de bodem, en de pot nooit laten uitdrogen.
Tip: Knip het oude blad in maart helemaal weg, ook als het nog groen is: zo komt het roze-bruine nieuwe blad mooi tot zijn recht en blijft het tapijt fris.
Wanneer snoei je een adiantum?
Snoeimaanden: maart.
Wanneer: In maart, net voor het nieuwe roze-bruine blad verschijnt. Verder hoeft deze varen niet gesnoeid te worden.
Hoe:
- Knip het oude blad vlak boven de grond weg, ook als het nog groen is: zo zie je het nieuwe blad mooi uitlopen.
- Werk voorzichtig en knip niet in de jonge, opgerolde bladkrullen die al tussen het oude blad zitten.
- Bruin of beschadigd blad kun je in de zomer ook tussendoor wegknippen.
Let op: Wacht niet te lang: eens het nieuwe blad uitgelopen is, knip je het makkelijk per ongeluk mee weg.
Vermeerderen
- Delen
- In maart–april een stuk van het tapijt met wortelstok en wortels afsteken en meteen elders planten. Goed water geven.
- Sporen
- In de zomer rijpe sporen op een papiertje verzamelen en uitzaaien op steriele, vochtige zaaigrond onder glas. Dat vraagt geduld: pas na enkele maanden heb je kleine varentjes.
Hoe komt een adiantum de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Winterhard tot ongeveer −25 °C: in Belgische tuinen is geen bescherming nodig.
- In zachte winters blijft het blad groen; na strenge vorst wordt het bruin, maar de plant loopt in het voorjaar gewoon weer uit.
- Laat het oude blad tot maart staan: het beschermt de wortelstok en de jonge knoppen.
- In een pot: zet de pot beschut tegen een muur en houd de potgrond licht vochtig, niet nat.
Ziektes en plagen
- Verbrand blad: Bruine, droge bladranden in de zomer: te veel zon of te droog. Geef water en kies een schaduwrijkere plek.
- Late nachtvorst: Het jonge, roze blad kan in april–mei bevriezen. De plant loopt opnieuw uit; dek af met vlies als er vorst voorspeld wordt.
- Slakken: Vreten soms aan de jonge bladkrullen in het voorjaar. Raap ze ’s avonds weg, of leg een plankje als schuilplaats en ruim ze ’s morgens op.
- Wortelrot: Gele, slappe plant in natte, verdichte grond. Verbeter de grond met compost en grof zand, of verplant naar een beter doorlatende plek.
Het jaar rond
- Maart: Oud blad wegknippen. Bladcompost strooien.
- April: Nieuw roze-bruin blad. Planten of delen. Opletten voor late nachtvorst.
- Mei: Planten. Slakken in de gaten houden.
- Juni: Water geven bij droogte.
- Juli: Water geven bij droogte. Rijpe sporen verzamelen.
- Augustus: Water geven bij droogte. Bruin blad wegknippen.
- September: Planten. Afgevallen blad tussen de varen laten liggen.
- Oktober: Planten. Mulch aanbrengen.
- December: Rust. In zachte winters blijft het blad groen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De geslachtsnaam Adiantum komt van het Griekse ‘adiantos’, onbevochtigd: water parelt van het blad af zonder het nat te maken.
- ‘Venustum’ betekent bevallig of sierlijk in het Latijn.
- Venushaarvarens dragen hun sporen niet midden op het blad, maar onder de omgekrulde randjes van de blaadjes.