Aralia (Aralia elata)

Foto: ‘Uncle Carl’ (カールおじさん)., CC BY-SA 3.0 · bron

Heester · Araliaceae

Aralia

Aralia elata

In andere talen: Aralia du Japon (Français) · Japanese angelica tree (English)

De aralia komt uit Japan, Korea, het noordoosten van China en het oosten van Rusland. Het is een grote, bladverliezende struik of kleine boom van 3–5 m met weinig vertakte, stekelige stammen. Aan de toppen staan enorme, dubbel geveerde bladeren van soms meer dan een meter lang, die samen een soort parasol vormen. In augustus–september verschijnen daarboven grote pluimen van kleine, roomwitte bloempjes, gevolgd door zwarte besjes en een gele tot purperrode herfstkleur. Er bestaan bontbladige vormen zoals ‘Variegata’, met een witte bladrand, en ‘Aureovariegata’, met een gele rand.

Let op: Deze struik vormt wortelopslag en kan zich zo meters ver uitbreiden; in delen van Noord-Amerika is hij verwilderd en geldt hij als invasief. Plant hem niet naast een border of tegen de grens met de buren, tenzij je een wortelscherm plaatst. Let ook op de scherpe stekels, zeker waar kinderen spelen.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -30 °C

  • Grootte

    4 m

    hoog, 3 m breed

  • Bloei

    augustus–september

Feiten op een rij
Snoeimaandenmaart
Hoogte4 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeiaugustus–september

Herkennen

Hoe herken je een aralia?

Groeivorm
Meerstammige struik of kleine boom van 3–5 m hoog en zo’n 3 m breed, met weinig vertakte stammen.
Stam
Bezet met scherpe stekels, ook op de bladstelen en de hoofdnerf van het blad.
Blad
Dubbel geveerd, tot meer dan 1 m lang, als een parasol aan de stamtoppen; in de herfst geel, oranje of purperrood.
Bloem
Grote pluimen van kleine, roomwitte bloempjes in bolronde schermpjes, in augustus–september.
Vrucht
Kleine, zwarte besjes in de herfst.
Wortels
Breed uitlopend, met veel wortelopslag, vooral als de wortels beschadigd worden.

Bloei: augustus–september · Planten: maart–april en oktober–november · Snoeien: maart

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een exotisch, tropisch ogend silhouet met reusachtige bladeren, en toch volledig winterhard.
  • Laat in de zomer, in augustus–september, grote pluimen witte bloemen vol bijen.
  • Zwarte besjes in de herfst, die door vogels gegeten worden.
  • Mooie herfstkleur van geel tot purperrood.
  • In de winter een grafisch beeld van kale, stekelige stammen.

Waar staat een aralia graag?

  • Zon tot halfschaduw; een beschutte plek voorkomt dat de grote bladeren in de wind scheuren.
  • Voedzame, goed doorlatende zand-, leem- of kleigrond, zuur tot kalkrijk.
  • Normaal vochtig, niet te nat in de winter.
  • Kies een plek waar wortelopslag geen kwaad kan: niet midden in een border en niet tegen de grens met de buren.
  • Reken op 3 m breedte en houd afstand tot paden en speelplekken vanwege de stekels.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Niet kieskeurig
Vocht
Normaal
Grootte
4 m hoog, 3 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -30 °C)

Mooi samen met

  • Japans bosgras: Goudgroene, overhangende halmen aan de voet, ook in halfschaduw.
  • Hosta: Grote bladeren onder de parasol, in dezelfde halfschaduw.
  • Varens: Een groene, bosachtige onderbeplanting.
  • Elfenbloem: Een bodembedekker onder de struik die ook droge schaduw verdraagt.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een aralia?

Planten in maart–april en oktober–november.

  1. Plant in maart–april of in oktober–november.
  2. Draag stevige handschoenen: de stammen zitten vol stekels.
  3. Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er compost door.
  4. Zet de plant even diep als in de pot; bij een geënte bonte vorm moet de entplaats boven de grond blijven.
  5. Houd 2–3 m afstand tot andere struiken en paden.
  6. Geef een flinke gieter water en mulch de voet.

Verzorgen

Water
Het eerste jaar regelmatig bij droogte; daarna alleen bij lange droogte.
Bemesten
In het voorjaar wat compost.
Wortelopslag
Verwijder uitlopers zo jong mogelijk. Schoffel of spit niet diep rond de struik: beschadigde wortels geven extra opslag.
Bonte vormen
Knip groene scheuten die uit de onderstam of de wortels komen meteen weg.
Mulchen
Een laag bladcompost houdt de grond vochtig en het onkruid weg, zodat je niet hoeft te schoffelen.

Tip: Schoffel of spit niet rond de aralia: elke beschadigde wortel kan een nieuwe uitloper geven. Leg in plaats daarvan een dikke mulch of plant een bodembedekker aan de voet.

Wanneer snoei je een aralia?

Snoeimaanden: maart.

Wanneer: Weinig nodig. Dood hout en ongewenste stammen haal je weg in maart; wortelopslag verwijder je zo vaak als nodig, van mei tot september.

Hoe:

  • Zaag dode of beschadigde stammen aan de voet weg.
  • Wil je de struik lager houden, zaag dan oude stammen aan de grond af; uit de voet komen nieuwe.
  • Verwijder wortelopslag tot onder de grond.
  • Bij bonte vormen: knip groene scheuten zo laag mogelijk weg.

Let op: Bescherm je handen en armen met stevige handschoenen en lange mouwen: de stekels zijn scherp.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Wortelstekken
In december–februari stukken wortel van 8–10 cm in een pot met zanderige grond leggen; in het voorjaar lopen ze uit. Bij bonte vormen geeft dit groene planten.
Wortelopslag
Een bewortelde uitloper in het voorjaar of de herfst met een spade losmaken en verplanten.
Zaaien
Zaad uit rijpe besjes in de herfst schoonmaken en in een bak buiten zaaien; de kieming is traag.

Hoe komt een aralia de winter door?

Winterhard tot −30 °C.

  • Zeer winterhard, tot −30 °C: in België is geen bescherming nodig.
  • Jonge scheuten kunnen door late nachtvorst beschadigd raken; meestal lopen ze opnieuw uit.
  • In de winter staan er alleen de kale, stekelige stammen: een sterk grafisch beeld.

Ziektes en plagen

  • Wortelopslag: Nieuwe stammen tot meters van de struik. Verwijder uitlopers jong, spit niet diep rond de plant en plaats eventueel een wortelscherm.
  • Teruggroenen: Bij bonte vormen verschijnen groene scheuten. Knip ze meteen weg, anders nemen ze het over.
  • Windschade: Gescheurde of geknakte bladeren. Kies een beschutte plek.
  • Vorstschade: Zwarte, slappe scheuten na een late nachtvorst. Knip ze weg; de plant loopt opnieuw uit.

Het jaar rond

  • Januari: Wortelstekken nemen.
  • Februari: Wortelstekken nemen.
  • Maart: Dood hout en oude stammen wegzagen. Planten.
  • April: Planten. Compost geven. Het blad loopt uit.
  • Mei: Wortelopslag verwijderen. Bij bonte vormen groene scheuten wegknippen.
  • Juni: Wortelopslag verwijderen.
  • Juli: Water geven bij langdurige droogte.
  • Augustus: Begin van de bloei; bijen op bezoek.
  • September: Bloei en eerste zwarte besjes.
  • Oktober: Herfstkleur. Planten.
  • November: Planten. Het blad valt af.

Gebruiken

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • In Japan worden de jonge scheuten in het voorjaar geplukt en als tempura gegeten; ze heten daar tara-no-me.
  • De aralia is familie van klimop: beide horen tot de klimopfamilie, Araliaceae, met bloemen in bolronde schermpjes.
  • De bonte vormen worden meestal geënt, omdat ze uit zaad of wortelstek groenbladig terugkomen.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…