
Foto: Derek Harper, CC BY-SA 2.0 · bron
Heester · Hamamelidaceae
Schijnhazelaar
Corylopsis spicata
In andere talen: Corylopsis (Français) · Spike winter hazel (English)
Corylopsis spicata is een bladverliezende struik uit Japan en hoort bij dezelfde familie als de toverhazelaar. Hij groeit uit tot een brede, losse struik van ongeveer 2 m hoog en 2,5 m breed, met fijn vertakte, uitwaaierende takken. In maart–april, nog voor het blad verschijnt, hangen er talloze trosjes van lichtgele, klokvormige bloempjes aan, met paarsrode helmknopjes en een zachte, zoete geur. Het blad lijkt sterk op dat van de hazelaar, vandaar de naam, en kleurt in de herfst geel. Tuiniers kiezen hem als sierlijke voorjaarsbloeier voor een beschutte plek in halfschaduw, in humusrijke grond zoals voor rododendrons.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of veen
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -20 °C
Grootte
2 m
hoog, 2,5 m breed
Bloei
maart–april
| Snoeimaanden | april |
|---|---|
| Hoogte | 2 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | maart–april |
Herkennen
Hoe herken je een schijnhazelaar?
- Groeivorm
- Brede, losse struik met fijn vertakte, uitwaaierende takken, op termijn 2 m hoog en 2–2,5 m breed.
- Blad
- Eirond tot rond, 5–10 cm, met gezaagde rand en duidelijke nerven, zoals bij de hazelaar; onderaan blauwgroen, in de herfst geel.
- Bloem
- Hangende trosjes van 3–5 cm met lichtgele, klokvormige bloempjes, in maart–april, voor het blad uitloopt.
- Geur
- Zacht en zoet, het best te ruiken van dichtbij.
- Wortels
- Fijn en vrij ondiep: hij houdt van een koele, vochtige bodem.
Bloei: maart–april · Planten: maart–april en oktober–november · Snoeien: april
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de eerste struiken die bloeien: geurende gele trosjes aan kale takken in maart.
- Een vroege voedselbron voor bijen en hommels.
- Een open, sierlijk silhouet dat ook in een kleinere tuin niet zwaar oogt.
- Fris blad dat in de herfst geel kleurt.
- Mooi te combineren met voorjaarsbollen en schaduwplanten.
Waar staat een schijnhazelaar graag?
- Halfschaduw of lichte schaduw is ideaal; in de zon alleen als de grond vochtig blijft.
- Humusrijke, zure tot neutrale grond: zand, leem of veen. Op kalkrijke grond wordt het blad geel.
- Normaal vochtig: de grond mag in de zomer niet uitdrogen.
- Beschut tegen koude wind en liefst niet in de vroege ochtendzon: dan lijden de bloemen minder onder nachtvorst.
- Reken op 2–2,5 m ruimte en zet hem waar je hem van dichtbij ziet, langs een pad of bij het terras.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of veen
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 2 m hoog, 2,5 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -20 °C)
Mooi samen met
- Lenteroos: Bloeit tegelijk aan de voet, in wit, roze of paars.
- Longkruid: Blauwe en roze bloempjes en gevlekt blad in dezelfde halfschaduw.
- Narcis: Gele of witte narcissen die tegelijk bloeien.
- Rododendron: Houdt van dezelfde zure, humusrijke grond en bloeit net erna.
- Elfenbloem: Fijn blad en bloempjes in april onder de struik.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een schijnhazelaar?
Planten in maart–april en oktober–november.
- Plant in maart–april of in oktober–november, als de grond niet bevroren is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er bladcompost of turfvrije grond voor zuurminnende planten door.
- Zet de struik even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Houd 2–2,5 m afstand tot andere struiken.
- Geef meteen een flinke gieter water, liefst regenwater, en het eerste jaar bij droogte.
- Mulch met bladcompost, gecomposteerde schors of naaldenstrooisel.
Verzorgen
- Water
- Bij droogte, zeker de eerste jaren; gebruik bij voorkeur regenwater.
- Bemesten
- In maart–april wat compost of een organische mest voor zuurminnende planten.
- Mulchen
- Elk voorjaar bladcompost of gecomposteerde schors houdt de grond koel, vochtig en licht zuur.
- Vorm
- Laat hem zijn natuurlijke vorm houden: hij heeft weinig snoei nodig.
Tip: Zet hem voor een donkere achtergrond van groenblijvende struiken: daartegen lichten de lichtgele trosjes in maart extra op.
Wanneer snoei je een schijnhazelaar?
Snoeimaanden: april.
Wanneer: Weinig nodig. Als het moet, snoei je in april, meteen na de bloei.
Hoe:
- Haal dode, beschadigde en kruisende takken weg.
- Verwijder bij een oude, dichte struik om de paar jaar een paar van de oudste takken aan de basis.
- Knip niet alle takken in: dan verliest hij zijn sierlijke vorm en de bloei van volgend jaar.
Let op: Snoei niet in de winter: de bloemknoppen zitten dan al aan de takken.
Vermeerderen
- Zachte stekken
- In juni: stekken van 8–10 cm van jonge scheuten, in vochtige stekgrond onder plastic. Ze wortelen na enkele weken; houd ze de eerste winter vorstvrij.
- Afleggen
- Buig in het voorjaar een lage tak naar de grond, pin hem vast onder wat grond en koppel hem na een jaar los.
Hoe komt een schijnhazelaar de winter door?
Winterhard tot −20 °C.
- Winterhard tot ongeveer −20 °C: de struik zelf heeft in België geen bescherming nodig.
- Late nachtvorst kan de open bloemen bruin kleuren; bij strenge vorst tijdens de bloei kun je een jonge struik afdekken met winterdoek.
- In een pot: wikkel de pot in strenge winters in jute en zet hem beschut.
Ziektes en plagen
- Geel blad: Bladchlorose door kalkrijke grond of kalkrijk leidingwater. Geef regenwater, mulch met naaldenstrooisel of plant hem in zuurdere grond.
- Bevroren bloemen: Bruine bloemen na een nachtvorst. Kies een beschutte plek zonder vroege ochtendzon.
- Verbrand blad: Bruine bladranden in een droge, zonnige zomer. Geef water en mulch, of verplant hem naar een koelere plek.
- Weinig bloei: Bij jonge planten of in diepe schaduw. Geef wat meer licht en wat geduld: de bloei neemt met de jaren toe.
Het jaar rond
- Februari: De bloemknoppen zwellen. Winterdoek klaarleggen voor late vorst.
- Maart: Bloei aan de kale takken. Planten.
- April: Laatste bloemen. Na de bloei licht snoeien. Mulchen.
- Mei: Het nieuwe blad loopt uit.
- Juni: Zachte stekken nemen.
- Juli: Water geven bij droogte, liefst regenwater.
- Augustus: Water geven bij droogte.
- Oktober: Gele herfstkleur. Planten.
- November: Planten. Bladcompost rond de voet.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De naam Corylopsis betekent ‘lijkend op Corylus’, de hazelaar, door de vorm van het blad.
- Hij hoort bij de familie van de toverhazelaar, die ook in de winter of het vroege voorjaar aan kale takken bloeit.
- Bij deze soort zijn de helmknopjes in de bloempjes paarsrood, een fijn contrast met het lichtgeel.