Foto: H. Zell, CC BY-SA 3.0 · bron
Struik · Berkenfamilie (Betulaceae)
Hazelaar
Corylus avellana
De hazelaar is een inheemse, meerstammige struik van 3–8 m met rond, zacht behaard blad. Al in januari–februari hangen er gele katjes aan de kale takken: het eerste stuifmeel van het jaar voor de bijen. In september rijpen de hazelnoten in hun gerafelde omhulsel. Vroeger werd hij als hakhout beheerd: om de paar jaar afgezet, voor rechte stokken en vlechtwerk. In de tuin is hij een snelle, sterke struik voor een rand, een houtkant of een gemengde haag.
Licht
Zon tot schaduw
niet kieskeurig
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
3–8 m, meerstammige struik
hoog
Bloei
januari–maart
| Snoeimaanden | november–maart |
|---|---|
| Hoogte | 3–8 m, meerstammige struik |
| Inheems in België | Ja |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen, vlinders en vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | januari–maart |
Herkennen
Hoe herken je een hazelaar?
- Groeivorm
- Meerstammige struik van 3–8 m, breed uitgroeiend vanuit de voet.
- Blad
- Verspreid, bijna rond met een kort spits topje, 6–12 cm, dubbel gezaagd, zacht behaard; voet hartvormig.
- Schors
- Glanzend grijsbruin met lichte lenticellen.
- Bloem
- Gele, hangende mannelijke katjes al in januari–februari; kleine rode stempels van de vrouwelijke bloempjes.
- Vrucht
- Hazelnoten in een bladachtig, gerafeld omhulsel (september).
Bloei: januari–maart · Oogst en vruchten: september–oktober · Snoeien: november–maart
Herkennen per kenmerk: Hartvormig blad · Gele bloemen in het voorjaar · Bloei in de winter · Noten, eikels en kastanjes
Lijkt op, maar is het niet
- Zwarte els Alnus glutinosa: kaal blad met afgeronde of ingedeukte top. Verschil met zwarte els
- Zomerlinde Tilia platyphyllos: fijn gezaagd, scheef hartvormig blad; een grote boom. Verschil met zomerlinde
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Gele katjes al in januari: het eerste stuifmeel voor bijen en hommels.
- Eigen hazelnoten in september, voor jou en voor eekhoorns, spechten en muizen.
- Groeit op bijna elke grond, in zon of schaduw.
- Laat zich elk jaar terugzetten en levert rechte stokken voor bonen en vlechtwerk.
Waar staat een hazelaar graag?
- Zon tot schaduw; voor veel noten liefst zon of lichte schaduw.
- Bijna elke grond, liefst wat vochtig en vruchtbaar; geen natte voeten.
- Reken op 4–5 m breed: geschikt voor een rand, houtkant of gemengde haag.
- Voor een goede oogst: twee struiken of rassen in de buurt, voor de bestuiving door de wind.
- Licht
- Zon tot schaduw
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 6 m hoog, 5 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Eenstijlige meidoorn: Samen een gemengde, inheemse haag vol bloesem en bessen.
- Sleedoorn: Bloeit vroeg in het voorjaar en vult de rand met doornig struweel voor vogels.
- Sneeuwklokje: Bloeit in februari onder de struik, samen met de katjes.
- Bosanemoon: Een voorjaarsbloeier die de halfschaduw onder de hazelaar opzoekt.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Samen een gemengde inheemse haag, goed voor vogels en insecten: eenstijlige meidoorn, sleedoorn, hondsroos, rode kornoelje, gelderse roos, wilde liguster, spaanse aak, haagbeuk
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een hazelaar?
- Plant van november tot maart, als wortelgoed of met kluit.
- In een houtkant of haag: één plant per 1–1,5 m, gemengd met andere inheemse struiken.
- Zet de struik even diep als hij stond en druk de grond goed aan.
- Knip na het planten de takken een derde in: zo loopt hij beter uit vanaf de voet.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte; daarna zelden nodig.
- Bemesten
- Wat compost in het voorjaar; te veel mest geeft lange scheuten en weinig noten.
- Uitlopers
- Wortelopslag kan je wegsteken of gebruiken om nieuwe planten te maken.
- Oogsten
- Raap de noten in september–oktober als ze bruin zijn en loskomen; laat ze drogen op een luchtige plek.
Tip: Zet twee hazelaars bij elkaar (of een hazelaar en een ras met grote noten): ze bestuiven elkaar en je oogst veel meer.
Wanneer snoei je een hazelaar?
Snoeimaanden: november–maart.
Wanneer: In de winter (november–maart), bij voorkeur na de bloei van de katjes.
Hoe:
- Zaag elk jaar enkele van de oudste takken aan de grond weg: zo blijft de struik jong en vruchtbaar.
- Om de 7–10 jaar kan je de hele struik afzetten (hakhout); hij loopt weer uit vanaf de voet.
- Haal dunne, zwakke en kruisende scheuten weg, zodat er licht in de struik komt.
Let op: Snoei niet in het broedseizoen (half maart tot half augustus) als er vogels in de struik nestelen.
Vermeerderen
- Afleggen
- Buig in de herfst een lange, soepele tak naar de grond, kerf hem licht in en dek hem af met aarde; na een jaar heeft hij wortels.
- Wortelopslag
- Steek in de winter een uitloper met wortels los van de moederplant en plant hem apart.
- Zaaien
- Zaai verse noten in de herfst buiten; zaailingen geven wisselende noten.
Hoe komt een hazelaar de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard; de katjes verdragen vorst.
- De katjes verschijnen al midden in de winter: laat de struik na de bloei rustig staan tot je snoeit.
Ziektes en plagen
- Hazelnootboorder: Noten met een rond gaatje en een larve erin. Raap aangetaste noten op en schud de struik in mei boven een laken om de kevertjes te vangen.
- Rondknopgalmijt: Opgezwollen, ronde knoppen die niet openen. Knip ze in de winter weg en gooi ze bij het restafval.
- Eekhoorns en vogels: Ze halen de noten vaak voor ze rijp zijn. Plant meerdere struiken, of oogst wat vroeger en laat narijpen.
- Meeldauw: Witte laag op het blad in de late zomer; onschuldig, ruim het afgevallen blad op.
Het jaar rond
- Januari: Gele katjes: eerste stuifmeel voor de bijen.
- Februari: Bloei; na de katjes snoeien of hakhout afzetten.
- Maart: Laatste maand voor snoei en planten.
- Mei: Struik schudden tegen hazelnootboorders.
- Augustus: Noten groeien; let op eekhoorns.
- September: Hazelnoten oogsten.
- Oktober: Oogst afronden en noten laten drogen.
- November: Planten en afleggen.
- December: Wintersnoei kan beginnen.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Eten en drinken
- Hazelnoten, in september–oktober.
- Ook gebruikt voor
- Rechte hakhoutscheuten voor bonenstaken, vlechtwerk en wandelstokken.
- Voor de natuur
- Stuifmeel in de winter voor de eerste bijen; noten voor eekhoorns, spechten en muizen.
Let op: Het stuifmeel (januari–maart) geeft vroege hooikoorts.
Eetbaar en bruikbaar
- Noten (september–oktober)
- Pluk of raap de noten in september en oktober, als de vliezige bolster bruin wordt en de noot er makkelijk uit valt. Wees er snel bij: eekhoorns, gaaien en muizen zijn er dol op. Lekker vers, geroosterd, in gebak, als notenpasta of notenmelk.
- Bewaring
- Laat de noten in de dop een paar weken drogen op een luchtige plaats; daarna blijven ze een half jaar tot een jaar goed, koel en droog. Gepelde noten bewaar je in de koelkast of de diepvries, want ze worden ranzig.
Let op: Hazelnoten zijn een veel voorkomende oorzaak van voedselallergie. Wie hooikoorts heeft van berken- of hazelaarstuifmeel, krijgt van rauwe hazelnoten soms jeuk in mond en keel; geroosterde noten geven vaak minder klachten. Gooi beschimmelde, verschrompelde of bittere noten weg. Eet nooit iets wat je niet met zekerheid herkend hebt.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Hazelnootpasta met chocolade (Andere · 1 pot van 350 g · 30 min)
- Hazelnootmelk (Andere · 1 liter · 15 min + een nacht weken)
- Hazelnootkoekjes (Gerecht · ± 40 koekjes · 30 min + 1 uur rusten + 15 min bakken)
- Dukkah met hazelnoot (Andere · ± 1 potje van 200 ml · 25 min)
Goed voor dieren
- Rupsen
- Waardplant: rupsen van vlinders of nachtvlinders eten van het blad.
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
- Egels
- Beschutting en een strooisellaag vol insecten.
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Werd vroeger als hakhout beheerd: de lange, soepele stokken dienden voor vlechtwerk.
- Het stuifmeel van de katjes (januari–maart) is een van de eerste oorzaken van hooikoorts in het jaar.
- Een eekhoorn begraaft hazelnoten als wintervoorraad; vergeten noten worden nieuwe struiken.
- De wetenschappelijke naam avellana verwijst naar Avella, een stadje bij Napels dat al in de oudheid bekend was om zijn hazelnoten.
- Een gevorkte hazeltak was de klassieke wichelroede waarmee men vroeger naar water of ertsaders zocht.